Verslag van een wetgevingsoverleg



Dovnload 301.52 Kb.
Pagina8/9
Datum20.08.2016
Grootte301.52 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9
Cramer (ChristenUnie): Voorzitter. De conclusies zullen wij in de plenaire vergadering trekken. Dat sla ik nu dus over. Dat is geen onbeleefdheid in verband met de soms buitengewoon uitgebreide beantwoording van de staatssecretaris.

In de schriftelijke beantwoording over de verpakkingenbelastingen heeft de staatssecretaris geantwoord over het onderzoek naar de milieudruk op de biokunststoffen. Begin november zou de minister van VROM de Kamer informeren. Is die brief er ziet de staatssecretaris om de minister van VROM te bewegen die brief voor de plenaire afronding van dit Belastingplan aan de Kamer te doen toekomen?

Mijn tweede opmerking gaat inderdaad over de brief van Stadsherstel waaraan collega Omtzigt zowel in de eerste als in de tweede termijn refereerde. Het is een redelijk ontluisterende brief over de uitvoering van de motie en ik ben daar ook behoorlijk verontwaardigd over. Ik probeer het netjes te houden, maar dat is moeilijk. Als het antwoord van de staatssecretaris echt substantieel anders is dan zijn toezegging tijdens het debat, hebben wij een probleem. Dat vind ik echt heel fout. De staatssecretaris heeft een toezegging gedaan en zijn brief staat daar haaks op. Ik vraag hem dan ook zeer indringend, hoewel hij dat al heeft toegezegd, om in de brief aan de Kamer voor de behandeling met een goed antwoord te komen.

Tot slot heb ik een vraag naar aanleiding van de schriftelijke beantwoording over het bijzondere tarief voor de stakingswinsten. De staatssecretaris heeft daar vrij uitgebreid op geantwoord maar aan de echte problemen met de stakingswinsten wordt voorbijgegaan. Wij hebben een bijzonder tarief van 40% voorgesteld, omdat die stakingswinsten ontstaan door bijvoorbeeld inflatiewinsten. Zij worden vaak gebruikt voor het doorstarten van een bedrijf. Omdat in een keer afgerekend moet worden, worden zij ineens tegen een hoger tarief afgerekend. Onzes inziens zit daar gewoon iets onrechtvaardigs in om dat op die manier te doen. Om die reden wil ik de staatssecretaris nogmaals om een toelichting vragen op zijn bezwaren om het bijzondere tarief dat wij hebben voorgesteld -- 40% -- toe te passen.


Staatssecretaris De Jager: Voorzitter. Ik zal de brief over Stadsherstel goed lezen en precies uitzoeken wat er is gebeurd en wat niet. Voor de plenaire behandeling kom ik daarop terug. Uiteraard zal ik ook nagaan hoe ik invulling kan geven aan mijn eerdere toezegging en zal ik ingaan op de redenen van de verandering. Ik zal daar goed naar kijken.

Het voortzetten van een bedrijf heb ik, ook in het kader van de verwerking van de motie-Slob het vorig jaar, vereenvoudigd en verbeterd. Dat was inderdaad een knelpunt. Het algemene element van de stakingswinst is, dat het in de huidige fiscale behandeling van de IB-winststaking minder past om daarvoor een apart en speciaal tarief te introduceren. Ik wil graag afspreken om daar nogmaals in de plenaire behandeling op terug te komen.

De vraag is gesteld of de minister van VROM een onderzoek kan doen naar de biokunststof. Op bladzijde 37 van de schriftelijke antwoorden heb ik aangegeven dat een goed gedragen onderzoek helaas niet in 2008 kon worden afgerond, maar dat de resultaten van VROM op zijn vroegst in de loop van 2009 zijn te verwachten. Begin november zal de minister van VROM de Kamer een brief sturen over de stand van zaken. Ik zal nogmaals verzoeken of dat snel kan gebeuren.
De heer Van Dijck (PVV): Voorzitter. De staatssecretaris is in de schriftelijke beantwoording ingegaan op mijn vraag om de concurrentiepositie in Europees verband wat beter in de gaten te houden. Nu hoor ik net dat België toch maar afziet van de vliegtaks. Ik geef ze groot gelijk, want het is een kip met gouden eieren als Nederlandse passagiers naar de Belgische luchthavens worden getrokken. Hetzelfde geldt voor de Duitse luchthavens. Als ze slim zijn, zie ik ze dat voorlopig dus niet doen.

Dat brengt mij gelijk op de grensstreken van Nederland. Ik zie de bieraccijnzen met 30% omhoog gaan, terwijl daar helemaal niet over is gesproken. Ik heb daarover in eerste termijn al gevraagd wat dat betekent voor onze kleine brouwerijen, vooral in de grensstreken. Ik kom toevallig uit een grensstreek en je ziet dat steeds meer Nederlanders hun boodschappen en hun bier halen en gaan tanken in België of Duitsland. Ik vraag mij toch af of rekening wordt gehouden met de consequenties van de verpakkingenbelasting, de vliegtaks en de bieraccijnzen voor de middenstand, de kleine brouwerijen en de tankstations in Nederland. Kan de staatssecretaris eens goed kijken naar de bijeffecten van dit soort verhogingen?

Mijn volgende opmerking gaat over de btw-vrijstelling voor artsen. In de schriftelijke beantwoording zegt de staatssecretaris dat de administratieve lasten wel meevallen bij de registratie van een of vrijgestelde of belaste medische handeling.
De voorzitter: Kunt u dit punt niet bewaren voor het algemeen overleg speciaal over dit onderwerp de volgende week?

**
De heer Van Dijck (PVV): Nee, want het is voor mij heel belangrijk als input voor het algemeen overleg. Dit is echt een fiscaal punt. Er staat namelijk dat de registratie wel meevalt. Een dokter heeft veel werk aan het registreren van een vrijgestelde of een belaste handeling bij een patiënt, terwijl de Belastingdienst dit toch slechts marginaal toetst. Dat staat er letterlijk. Ik vraag mij dus af of een BIG-vrijgestelde of een BIG-geregistreerde arts is vrijgesteld van btw voor al zijn handelingen. Of moet hij per handeling kijken of hij bijvoorbeeld voor een spoedmassage een aparte factuur met btw moet schrijven in plaats van een consult. Ik krijg hierop graag een reactie.


Staatssecretaris De Jager: Voorzitter. Het is inderdaad de bedoeling dat die massage onder de btw gaat vallen, omdat de fiscale wetgever geen verschil kan zien tussen een spoedmassage of een Thaise massage. Als een BIG-geregistreerde arts, vrijgesteld van btw, een massage mag doen, mag volgens de fiscale rechter iedereen die een massage geeft ook een beroep doen op die btw-vrijstelling. Dat kunnen wij misschien gek vinden, maar vanuit het gelijkheidsbeginsel dat niet naar personen maar naar handelingen wordt gekeken, mag een BIG-geregistreerde niet positief gediscrimineerd worden ten opzichte van een niet-BIG-geregistreerde. Die arts zal dus inderdaad voor die massage btw moeten vragen. Ik zal het niet hebben over prostitutie, maar anders krijgen wij de absurde situatie dat daarvoor btw-vrijstelling wordt gegeven en dan krijg ik weer problemen, in ieder geval zeker met de heer Van der Vlies. Wij zitten hier inderdaad op een glijdende schaal en de wetgever moet echt iets doen. Omdat de heer Van Dijck mij die vraag stelt, moeten wij dat bruggetje naar dat algemeen overleg slaan. Ik verzoek de Kamer met mij mee te denken daarover, anders moet ik volgend jaar aan de Kamer uitleggen waarom ik niets aan die belachelijke situatie heb gedaan. Massage zou inderdaad onder de btw-heffing moeten vallen.

Ik kom op de accijnzen en de effecten op het grensverkeer. De heer Van Dijck komt uit de buurt van Venlo. Ik kreeg zojuist een briefje van mijn ambtenaren dat Venlo zaterdags vol staat met Duitsers die daar inkopen komen doen.


De heer Van Dijck (PVV): Wij zijn nog een van de weinigen met coffeeshops!
Staatssecretaris De Jager: Natuurlijk letten wij wel op effecten. Sterker nog, de Kamer heeft gezien dat de eerder door het kabinet voorgenomen accijnsverhoging voor kleine brouwerijen, die ook als negatieve belastinguitgaven waren geëvalueerd, niet nuttig is. Ik heb dat toch niet laten doorgaan om ook juist voor die kleine brouwerijen iets te doen, omdat we anders wel een grote monocultuur van bier in Nederland hebben. Natuurlijk moet je naar de verschillende effecten van je beleid kijken, ook als de Kamer oproept tot bijvoorbeeld accijns op sterke drank. Het niet gestalte geven aan dit voornemen was gunstig voor kleine brouwerijen.
De voorzitter: Ik onderbreek de leden hier even. Er zijn ook mensen die dit debat via Internet volgen en zij begrijpen er helemaal niets van als de leden buiten de voorzitter om interrumperen. Ik verzoek de staatssecretaris daarop niet te reageren en zijn antwoord af te maken.
Staatssecretaris De Jager: Wij letten daar dus op. Ik weet nog goed dat ik hier het vorig jaar onder anderen met de heer Cramer een debat heb gevoerd, die shag flink duurder wilde maken. Ik heb toen nogal stevig tegen de grenseffecten geageerd, met name omdat shag een prijsgevoelig product is. Het heeft niet geholpen, want de Kamer heeft shag toch duurder gemaakt. De heer Cramer was daarin succesvoller dan ik met mijn argumenten over de grenseffecten.
De heer Cramer (ChristenUnie): Die grenseffecten vallen ook reuze mee!
Staatssecretaris De Jager: Ik heb deze week toevallig de branche op bezoek gehad. Er is een rapport aangeboden en zij denken daar iets anders over. Natuurlijk letten wij daarop. Wij letten ook op de verhouding met de ons omringende landen. Het moet allemaal niet te gek worden. Nederland heeft een eigen fiscaal beleid en is daar ook altijd een voorstander van geweest. Wij moeten dan ook eigen afwegingen kunnen maken maar het mag niet te gek worden met die grenseffecten en wij zullen daar dan ook zeker op blijven letten. Dat kan ik de heer Van Dijck toezeggen.
De heer Van der Vlies (SGP): Voorzitter. Over de dorpshuizen komen wij nog te spreken naar aanleiding van de brief die voor de plenaire behandeling komt. Over de medische diensten hebben wij een algemeen overleg. Wat dat betreft, kan ik alle vragen daarover inbrengen. Ik heb uiteraard de schriftelijke beantwoording gelezen en heb daar nogal wat vragen over. Maar goed, dat komt dan de volgende week.
De voorzitter: Naar aanleiding van de beantwoording van de staatssecretaris stel ik voor nog een kort rondje met vragen te doen of een heel korte tweede termijn van maximaal vijf minuten. Dat kunnen dan ook alleen vragen zijn, want u kunt uiteraard al uw politieke conclusies over de wetsvoorstellen over twee weken alsnog naar voren brengen. Wij zullen nu even de vergadering schorsen.

**
De vergadering wordt enige minuten geschorst.


De heer Tang (PvdA): Voorzitter. Ik heb nog een vraag die ik graag wil stellen. Voordat ik dat doe, wil ik graag duidelijk maken dat de PvdA-fractie haar politieke conclusies zal trekken tijdens het plenaire debat.

Ik dank de staatssecretaris voor de uitgebreide en plezierige beantwoording. De enige vraag die ik nog heb, is of er wel eens is gesproken met bijvoorbeeld pensioenfondsen om te kijken naar de leeffaciliteiten in de levensloopregeling. In de schriftelijke antwoorden is daar wel op ingegaan maar daaruit blijkt dat het niet veel voorkomt. Is daar geen behoefte aan of is dat nog niet tot stand gekomen?


De heer Remkes (VVD): Ik wil mij bij de dank aansluiten en bij de uitspraak dat de politieke conclusies plenair zullen worden getrokken. Ik heb nog een paar nadere vragen.

In de schriftelijke beantwoording wordt de boot afgehouden wat betreft de knelpunten in met name de recreatie- en de agrarische sector als gevolg van Werken aan winst en het gewijzigde afschrijvingsregime. Ik verwacht nu ook niet een benadering die in de richting van een oplossing gaat. In een brief die destijds in 2002 naar de Kamer is gestuurd, wordt gemeld dat de ontwikkelingen zullen worden gevolgd. Toen al trok met name de recreatiesector hard aan de bel. Ik vond het op zichzelf een redelijke benadering om te kijken hoe het in de praktijk zou uitwerken. Maar als de ontwikkelingen gevolgd worden, moet er op een gegeven ogenblik ook gerapporteerd worden. Ik maak deze opmerkingen ook een beetje in het kader van "de betrouwbare overheid". Ik verzoek de staatssecretaris dan ook of hierover volgend jaar gerapporteerd kan worden, zodat de effecten in het licht van de gesprekken van toen ook in kaart gebracht kunnen worden.

Mijn tweede opmerking heeft betrekking op het thema Wet dwangsom. De staatssecretaris zegt dat het onverstandig is om de drie jaar terug te brengen naar een jaar, maar daar wordt geen onderbouwing aan gegeven, ook niet in het licht van de operatie bij de Belastingdienst. Ik wil bij zo’n belangrijk onderwerp, waarbij de rechtszekerheid van burgers aan de orde is, op zijn minst wel een nadere onderbouwing. Die wordt niet geleverd. Als de staatssecretaris daar iets meer tijd voor nodig heeft, hoef ik die onderbouwing ook niet vandaag te krijgen maar dat moet wel gebeuren.

De boot wordt ook afgehouden bij knelpunten die zich hier en daar voordoen. Het gaat om kleine puntjes maar die zijn voor de betreffende mensen vaak wel belangrijk. Die knelpunten ontstaan bijvoorbeeld bij het thema gehandicapten, de bpm en de motorrijtuigenbelasting. Wat mij betreft voert het te ver om de ongerijmdheden die mij in dit verband bereiken precies uitgewerkt nu voor te leggen, maar ik kan die ongerijmdheden in voorbeelden niet aan de burgers uitleggen. Het gaat mij er niet om dat iedereen altijd gelijk moet krijgen, maar ik wil wel kunnen uitleggen waarom bepaalde wel en bepaalde dingen niet mogelijk zijn.

Ik heb in de eerste termijn gewezen op de fiscale facilitering van de sanering van stortplaatsen. Dat is een langslepend probleem. Het overleg daarover tussen de departementen en de betrokken sector schiet ook niet echt op. Kan de staatssecretaris in het kader van het Belastingplan 2010 hierop in oplossingstechnische zin ingaan?
Mevrouw Koşer Kaya (D66): Voorzitter. Ook voor mijn fractie geldt dat wij plenair onze conclusies zullen trekken. Ik heb echter nog een opmerking en drie vragen.

Ik begrijp dat er een brief komt over de levensloopregeling en de doorwerkbonus. Wanneer komt die brief er en kan daarin ook worden meegenomen waar dan misschien die bijstelling zou moeten plaatsvinden, bij de levensloop of bij de doorwerkbonus? In beide kan de oplossing worden gezocht, kan ik mij zo voorstellen.

Mijn tweede vraag betrof de Vamil. Misschien kan de staatssecretaris de vraag straks nog beantwoorden. Zo niet, dan kan dat ook schriftelijk gebeuren. Kunnen bedrijven die duurzaam in gebouwen investeren onder de Vamil vallen?

Wij komen nog over de successierechten te spreken maar voor ons is de positie van de alleenstaanden zeer van belang. Ook zij zorgen voor mensen en nog steeds is die 40% in onze ogen een behoorlijk bedrag. Het lijkt mij niet aan de overheid om belangen en vormen van relaties tegen elkaar af te wegen.


De heer Cramer (ChristenUnie): Voorzitter. Ik dank de staatssecretaris voor de uitgebreide beantwoording. In deze beantwoording zitten twee toezeggingen. In de eerste plaats is een toezegging gedaan in verband met defiscalisering en de inkomstenbelasting. De staatssecretaris heeft toegezegd dat er een brief komt. Mag ik ervan uitgaan dat hij ook een voorstel doet om die defiscalisering mogelijk te maken en dit in het Belastingplan 2010 te regelen?

Mijn tweede opmerking gaat over belastingschulden waarvoor uitstel van betaling is verkregen bij bedrijfsoverdrachten. Ook daarover heeft de staatssecretaris een regeling voor Box 3 toegezegd. Ik dank hem voor die toezegging maar hij noemt een ruime termijn van 2009. Ik wil hem vragen of hij daarmee in de eerste helft van 2009 kan komen, zodat wij rustig de tijd hebben tot het Belastingplan 2010 om nader te bezien wat dat voorstel dan precies is.


De heer Van Dijck (PVV): Voorzitter. Ik heb drie korte punten ter verduidelijking. Ik vind het een goede zaak dat de staatssecretaris inzet op vereenvoudigingen maar ik vind het een gemiste kans dat in dit Belastingplan maar zo weinig vereenvoudigingsvoorstellen gedaan worden. Toch zou ik de staatssecretaris willen vragen om daarmee wat spoed te betrachten en ook in te gaan op bijvoorbeeld de no-riskpolis. Ziet hij mogelijkheden voor het komende jaar om deze te introduceren?

Hij is kort ingegaan op de groepsrente maar hoe is het daarmee in Europa en de Europese Commissie? Het uniforme loonbegrip en het toeslagencircus zijn toch belangrijke knelpunten waar veel te halen is op het gebied van vereenvoudiging.

Ik wil de staatssecretaris ook vragen om de zelfstandigenaftrek, die nu als het ware wordt bevroren, en de stijging van de mkb-vrijstelling terug te draaien, mede omdat het toch een eerste stap is richting het afschaffen van de zelfstandigenaftrek en het verhogen van de mkb-vrijstelling, terwijl het overleg met de branche nog moet plaatsvinden. Ik verzoek de staatssecretaris toch eerst met de branche te overleggen over die zelfstandigenaftrek en de mkb-vrijstelling voordat hij begint met deze uitwisseling.
De heer Remkes (VVD): Het voorstel van de heer Van Dijck verbaast mij enigszins, niet zozeer wat betreft het terugdraaien van de bevriezing van de zelfstandigenaftrek maar wel om de volle mep van de mkb-winst volledig terug te draaien. Het een is niet nodig om het andere te laten. Het eerste gaat over 17 mln. en het tweede gaat over ongeveer 45 mln. Je hebt dat dus niet nodig.
De heer Van Dijck (PVV): Ik dacht dat de bevriezing van de zelfstandigenaftrek versus de 10,7% verhoging van de mkb-vrijstelling budgetneutraal zou gebeuren. Ik zie het in ieder geval als een eerste stap, terwijl de staatssecretaris heeft toegezegd met de branche te zullen praten om te zien of die uitwisseling wenselijk is.

Als ik het goed heb begrepen, raakt de houdbaarheidsbijdrage alleen de 65-plussers met een aanvullend pensioenvermogen tot €18.000. Dat komt, omdat de 65-minners op dit moment in de tweede en derde schijf hetzelfde tarief hebben. Hoe komt dit plaatje eruit te zien als de staatssecretaris in 2010 de gelijkstelling van het tweede- en derdeschijftarief loslaat en uiteindelijk ook de 65-minners betrekt in het houdbaarheidsverhaal? Nu komt het toevallig zo uit, maar ik kan mij voorstellen dat op termijn dat de tweede- en derdeschijftarieven weer uit elkaar gaan lopen.


De heer Van der Vlies (SGP): Voorzitter. Ik heb in mijn eerste termijn de reductie van de alleenstaande-ouderkorting robuust genoemd en had daar onvrede mee. De staatssecretaris heeft daarop geantwoord met de opmerking dat het een slagje rustiger ligt omdat er ook nog de zorgtoeslag voor alleenstaanden is. Maar in het schriftelijke antwoord wordt vervolgens vastgesteld -- en terecht -- dat het niet een-op-een rondloopt en dus niet iedereen bereikt. Om die reden heb ik toch maar een amendement op stuk nr. 20 ingediend om daar iets aan te doen. Ik haal de reductie niet helemaal weg maar voor een belangrijk deel en heb daarvoor dekking gevonden in een procentueel kleinere reductie van het inkomensafhankelijke deel van de aanvullende combinatiekorting. Ik hoop, dat dit nu of in de plenaire afhandeling nog aandacht kan krijgen.

Ik heb gevraagd om de Tante Agaatregeling eens tegen het licht te houden om te onderzoeken of deze regeling niet moet worden gemoderniseerd. De staatssecretaris heeft daarop in zijn schriftelijke antwoorden gezegd dat dit in 2006 is gebeurd. Dat is mij niet ontgaan maar toen bestond er geen behoefte om er iets aan te doen want de regeling bleek toereikend. Maar dat was over een referentie van weer een periode daarvoor. Intussen is er bijvoorbeeld in de agrarische sector wel een en ander gebeurd met de bedrijfsovernames. Ik wijs in dit verband op de grondprijsontwikkelingen. Kortom, ik heb bestendige signalen dat hier toch echt een probleem zit en ik wil daar nogmaals de aandacht voor vragen, nu of in de plenaire afronding. Dat is natuurlijk altijd lastig waar en wanneer je wat moet inbrengen, maar ik heb het nu in deze korte tweede termijn gedaan.


Mevrouw Sap (GroenLinks): Voorzitter. Wij prijzen de ideeën van deze staatssecretaris over de vergroening, hoewel wij van mening zijn dat het wel een tandje sneller mag. Wij vinden het heel goed dat milieueffecten echt in de prijs van goederen en diensten tot uitdrukking komen. Wij hebben dan ook amendement ingediend voor de leaseauto’s, waardoor het komend jaar nog echt vergroend kan worden. Het viel mij op dat de staatssecretaris het amendement afwijst met een argument dat haaks staat op zijn eigen vergroeningsdenken. Hij zegt dat het privégenot niet meer in verhouding zou staan tot de bijtelling. Maar ging het ons er juist niet om dat het niet alleen maar gaat om privégenot maar om privégenot plus de ongewenste externe effecten daarvan? Als je die twee bij elkaar optelt, zou het dan niet toch in verhouding tot die bijtelling kunnen staan? Ik krijg daarop graag een korte reactie van de staatssecretaris.

Ik ben heel blij dat de staatssecretaris zojuist duidelijk heeft uitgesproken dat het wat hem betreft denkbaar is dat er een BIG-accentregister komt. Dat betekent volgens mij dus ook dat de staatssecretaris daarmee heeft toegegeven, dat de motie van de heer Vendrik van vorig jaar, waarin het kabinet is gevraagd om die denkbare opties te verkennen, nog niet goed is uitgevoerd. Dan zou de logische conclusie ook moeten zijn dat de staatssecretaris mijn amendement, waarin ik vraag om dat alsnog te doen en geen maatregelen te nemen totdat dit gebeurd is, niet kan ontraden maar juist zou moeten omarmen. Ook daar krijg ik graag een reactie op.


De voorzitter: Ik heb zelf tot slot nog drie technische opmerkingen. De heer Van Dijck stelde een vraag die ik de vorige week ook al had gesteld, namelijk wat nu de toekomst van de tweede schijf is. De tweede en derde schrijf zijn in 2009 aan elkaar gelijk maar dat zal natuurlijk niet voor eeuwig zijn. Of is dat wel de bedoeling? Ik kan mij dat niet voorstellen en de staatssecretaris kan ook niet voor alle kabinetten in de toekomst spreken. Wat moet daar dan mee gebeuren?

Mijn tweede vraag sluit aan bij de opmerking van de heer Van der Vlies over de alleenstaande ouderen die met een €840 lagere korting te maken krijgen. Dat wordt niet gecompenseerd -- zelfs niet tot in de buurt daarvan -- door de verhoging van de zorgtoeslag. Kan de staatssecretaris ingaan op wat dat nu betekent voor mensen die niet werken maar wel alleenstaande oudere zijn? Die zijn hier gewoon zwaar de klos.

De heer Omtzigt heeft in zijn eerste termijn op de verzilvering van de ouderschapsverlofkorting gewezen. Daar worden we later over geïnformeerd. In de schriftelijke beantwoording werd verwezen naar de huidige situatie, maar daarin gaat het om mensen die gebruik maken van de levensloopregeling. Dat is een heel kleine categorie die toch moeilijk als representatief kan worden ingeschat voor de situatie als de ouderschapsverlofkorting is losgekoppeld van de levensloopregeling.
De heer Omtzigt (CDA): Ik dank de staatssecretaris en zijn ambtenaren voor de uitgebreide beantwoording, zowel schriftelijk als in de eerste termijn. Een aantal dingen wordt nog per brief gestuurd. Ik wil de staatssecretaris verzoeken om te kijken of dat in ieder geval voor de volgende week vrijdag kan, want deze week kwam ik toch wel een paar keer in de problemen omdat een aantal dingen pas gisteravond laat beschikbaar kwam. Dat kon niet anders, maar het zou mij helpen in de voorbereiding.

Kortheidshalve sluit ik mij aan bij de vragen van de heer Remkes op het gebied van de recreatie- en landbouwsector en de Wet werken aan winst. Ik ben blij met de toezegging van de staatssecretaris dat hij iets voor dorpshuizen en scouting gaat doen en zal kijken naar een groepsrangschikking en de vrijwilligersregeling. Volgens mij komen wij dan dicht bij mijn ideaal van wat ik dan niet een ANBI maar een SNBI zal noemen, niet een specifiek nut beogende instelling, namelijk voor de leden en niet voor iedereen, zonder giftenaftrek maar wel met de andere zaken. Ik hoop dat de staatssecretaris daarnaar wil kijken en terugkomt op dat idee.

Ik wil nog een paar opmerkingen maken. Wat betreft het ondernemerschap vragen wij de staatssecretaris om met VNO NCW in overleg te treden over de voorgestelde toerekeningsregel voor ondernemingsfaciliteiten. De uitkomst van dit overleg kan worden betrokken in de notitie over ondernemerschap.

In de schriftelijke antwoorden over de verhoging van de inkomensafhankelijke aanvullende combinatiekorting geeft de staatssecretaris aan te willen denken over de wijze waarop het belastingstelsel op een andere wijze wordt ingericht. Wanneer kunnen wij hierover een notitie verwachten?

Wij zouden toch graag een toelichting krijgen over de knelpunten en de KAV-brief in verband met de verpakkingenbelastingen. Ik zal een voorbeeld geven. Bloed moet volgens de Wet op de bloedvoorziening gratis gedoneerd worden. Men mag tegenwoordig niet eens meer een vergoeding krijgen voor de kilometers die men maakt. De verpakking eromheen zijn we aan het belasten. Wij vinden dat echt de omgekeerde wereld. Wij vragen de staatssecretaris dan ook nog eens even goed na te denken wat er met steriele verpakkingen moet gebeuren. Hetzelfde geldt voor het antwoord op de vraag over de enveloppen van de Belastingdienst, want volgens mij hoeven al die enveloppen waar een aanslag in zit niet belast te worden maar alle enveloppen waar een formulier in zit, wel. Het gaat om de toeleveranciers en de staatssecretaris heeft het boven in de keten gelegd. Hij moet dus bijhouden welke enveloppen hij heeft. Ik krijg graag een reactie of dat ook het geval is. Als het goed is, moet de Belastingdienst twee enveloppenadministraties gaan bijhouden. Ik wil dat graag weten. Als dat inderdaad het geval is, wil ik graag weten of de staatssecretaris dat zinnig vind. Hij moet kennelijk een doos enveloppen hebben waarover geen verpakkingenbelasting betaald is en een doos waar wel verpakkingenbelastingen over betaald is. Hoger in de keten, want inderdaad heeft de staatssecretaris zichzelf vrijgesteld, zoals de overheid dat betaamt. Wij overwegen bij een niet duidelijk antwoord hierop een voorhangprocedure op het Besluit verpakkingenbelasting aanhangig te maken.

Ik sluit mij aan bij de vragen van de heer Remkes over het uitstel van de toepassing van de Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen. Ik ben buitengewoon benieuwd naar de wijze waarop de staatssecretaris omgaat met de Maatschappij tot stadsherstel. Ik verzoek hem toch echt te overwegen om deze vrij te stellen van de vpb. Zij doet al vijftig jaar buitengewoon goed werk, niet zoals woningbouwcorporaties die 200 mln. voor schepen uitgeven.

Ik heb nog vier punten waarop wij nog geen reactie hebben gehad. Het eerste is de API. Wij hadden daarover een schriftelijke vraag gesteld. Mijn collega De Nerée heeft daarover een motie ingediend die breed ondersteund is, behalve door de SP. Wanneer krijgen wij die brief over de ondernemingenpensioenfondsen? De fiscale regeling wordt in dit wetsvoorstel voorbereid maar wanneer kunnen die ondernemingenpensioenfondsen samenwerken in plaats van op te heffen?

Wij ondersteunen het verzoek van de heer Remkes om in overleg te treden met de Nationale Federatie Historische Luchtvaart. Dat hoeft niet binnen een week maar bijvoorbeeld voor het einde van het jaar. Graag ontvangen wij een toezegging op dit punt.

Kan de staatssecretaris nog eens kijken of het toch echt mogelijk is voor belastingplichtigen die nu geconfronteerd worden met het feit dat hun FOR of andere voorziening gehalveerd is door de situatie op de aandelenbeurzen om met omzetting in een levenslange lijfrentevrijstelling nog iets te kunnen uitstellen? Ik weet dat het tot het einde van het jaar is, dus als de staatssecretaris dat voor 22 november meedeelt, kan hij wellicht tegen een aantal mensen zeggen hoe zij ermee moeten omgaan, zodat zij geen pensioenvoorziening hebben die nog maar een derde waard is van wat zij een jaar geleden dachten.

Wij behouden ons natuurlijk ook het recht voor om tijdens de plenaire afronding van het debat de conclusies te trekken over dit Belastingplan, maar zijn in grote lijnen buitengewoon tevreden over dit plan juist vanwege de prikkels die het brengt in de vergroening, in een aantal belastingverlagingen en vereenvoudigingen en in de verlaging van de belasting op winst, zodat mensen ook weer aan het werk komen. Dat zal de komende weken echt een uitdaging zijn. Wij hopen dat de staatssecretaris daar ook veel tijd aan besteed.


Staatssecretaris

1   2   3   4   5   6   7   8   9


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina