Vervallen



Dovnload 292.09 Kb.
Pagina2/4
Datum22.07.2016
Grootte292.09 Kb.
1   2   3   4


3. Tijdelijke regeling 2007/ Vrijwillige inburgering

Waarom zijn de Regelingen vrijwillige inburgering G31 en niet-G31 2007 opgesteld?


De Raad van State heeft 3 augustus 2006 in een advies over het wetsvoorstel Inburgering geoordeeld dat resultaatgerichte inburgeringsplicht uitsluitend aan onderdanen van derde landen kan worden opgelegd.

Niet alle personen die inburgeringbehoeftig zijn, kunnen dus onder de Wet Inburgering worden gebracht. Ook voor deze personen bestaat een dringende maatschappelijke noodzaak en een breed politiek gedragen wens om de bestaande inburgeringsachterstand te verminderen. rijwillige inburgering G31 2007, biedt een instrument om bij deze groep De Regeling vrijwillige inburgering niet G-31 2007 en de Regeling van de inburgeringsachterstand te verminderen.

Gemeenten kunnen op basis van deze regelingen aan personen die niet onder de inburgeringsplicht van de Wet inburgering vallen, maar van wie wel objectief kan worden vastgesteld dat zij inburgeringsbehoeftig zijn, een inburgeringsvoorziening aanbieden.

De regelingen sluiten qua doel en systematiek zoveel mogelijk aan bij de Wet inburgering en bouwt ten dele voort op de reeds bestaande Regeling inburgering allochtone vrouwen G31 - en niet-G31 2006.






Zal de regeling doorlopen in 2008 of wordt de regeling dan al opgenomen in de WI?

De vrijwillige regeling inburgering zal doorlopen in 2008.




Wie vallen onder deze regelingen?


De gemeenten kunnen aan personen een inburgeringsvoorziening aanbieden als:

* Deze personen behoren tot een van de volgende categoriën



  • (genaturaliseerde) Nederlanders,

  • bepaalde categorieën vreemdelingen, die rechtmatig in Nederland verblijven en onderdaan zijn van een lidstaat van de Europese Unie, van een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of van Zwitserland (Partner van deze burger kan geen gebruik maken van de regeling en kan uit WEB-middelen een voorziening krijgen)

  • bepaalde categorieën vreemdelingen van een staat wiens onderdanen op grond van bepalingen van verdragen of besluiten van volkenrechtelijke organisaties geen inburgeringsplicht als bedoeld in artikel 7 van de wet kan worden opgelegd.

en

* Deze personen inburgeringsbehoeftig zijn.

Inburgeringsbehoeftig zijn diegene die:


  • ouder zijn dan 15 jaar,

  • gedurende minder dan acht jaren tijdens de leerplichtige leeftijd in Nederland hebben verbleven en niet beschikken over diploma’s, certificaten of andere documenten, als bedoeld in artikel 2.3 van het Besluit inburgering,

  • niet volledig leerplichtig zijn,

  • dan wel een opleiding volgen waarvan de afronding leidt tot uitreiking van een diploma, certificaat of document, bedoeld in artikel 2.3 van het Besluit inburgering,

  • geen inburgeringsovereenkomst hebben afgesloten op grond van de Regeling inburgering allochtone vrouwen niet-G31 2006, de Regeling inburgering allochtone vrouwen G31 2006, dan wel het extensieve deel van de Pilot inburgering allochtone vrouwen Taal Totaal en niet eerder een overeenkomst hebben afgesloten op grond van de onderhavige regeling.

  • Binnen deze doelgroep van inburgeringsbehoeftigen zijn er prioritaire groepen, dat wil zeggen groepen aan wie gemeenten bij voorkeur met voorrang een aanbod voor een inburgeringsvoorziening kunnen doen.

De prioritaire groepen zijn:

  • inburgeraars die uitkeringsgerechtigd zijn,

  • inburgeraars zonder inkomen uit betaalde arbeid en uitkering,

  • geestelijke bedienaren.




Kunnen gemeenten aan personen die niet inburgeringsplichtig zijn en aan wie op grond van de Regeling vrijwillige inburgering evenmin een inburgeringsvoorziening kan worden aangeboden, wat anders aanbieden?

Gemeenten kunnen voor deze personen educatiemiddelen op grond van de Wet educatie en beroepsonderwijs inzetten. Dit geldt ook voor de inburgeraars die een inburgeringsvoorziening op grond van de Regeling hebben ontvangen, maar het inburgeringsexamen niet hebben behaald. Overigens staan de educatiemiddelen ook open voor vrouwen die een overeenkomst hebben gesloten op grond van een van de Regeling vrijwillige inburgering niet G-31 2007 en de Regeling vrijwillige inburgering G31 2007 regelingen, genoemd in artikel 1, onderdeel h, onder 5, en die het inburgeringsexamen niet hebben behaald.




Hoe ziet een inburgeringsvoorziening er voor inburgeringsbehoeftigen uit?


De inburgeringsvoorziening voor inburgeringsbehoeftigen leidt de inburgeringsbehoeftige toe naar het inburgeringsexamen en bestaat in ieder geval uit een inburgeringscursus en het eenmaal kosteloos afleggen van het inburgeringsexamen.

Gemeenten kunnen naar eigen inzicht vorm geven aan de inburgeringsvoorziening, mits de desbetreffende voorziening de inburgeringsbehoeftige toeleidt naar het inburgeringsexamen.

Zij kunnen kiezen voor een wijze die aansluit bij de lokale situatie en bij beleidskeuzes die op aanpalende beleidsterreinen zijn gemaakt.





Kan een gemeente aan een inburgeringsbehoeftige ook een aanbod doen voor een gecombineerde voorziening?


Aan de inburgeringsbehoeftige met uitkering, die in aanmerking komt voor een reïntegratievoorziening kan de gemeente de inburgeringsvoorziening in combinatie met de reïntegratievoorziening aanbieden (de zogenoemde “gecombineerde voorziening”).

Als in de reïntegratiebeschikking de verplichting wordt opgenomen om een inburgeringscursus te volgen en het inburgeringsexamen te behalen maakt de inburgeringsvoorziening verplicht onderdeel uit van de reïntegratievoorziening en is geen sprake van vrijwillige inburgering en is betrokkene geen eigen bijdrage verschuldigd.






Kan een inburgeringsbehoeftige ook een aanbod voor een

inburgeringsvoorziening weigeren?



De regeling betreft vrijwillige inburgering. De inburgeringsbehoeftige kan het aanbod van de gemeente aanvaarden, maar ook weigeren.




Hoe worden de afspraken over de inburgeringsvoorziening vastgelegd?

Als de inburgeringsbehoeftige het aanbod aanvaardt leggen de gemeente en de inburgeringsbehoeftige de individuele afspraken die zij maken met betrekking tot de invulling van de inburgeringsvoorziening vast in een overeenkomst. De gemeente neemt hiertoe het initiatief.




Is de inburgeringsbehoeftige verplicht medewerking te verlenen aan de inburgeringsvoorziening?

De inburgeringsbehoeftige is na ondertekenen van de overeenkomst verplicht medewerking te verlenen aan de uitvoering van de inburgeringsvoorziening. De gemeenten hebben de beleidsruimte om de vorm van deze medewerking te bepalen. Bij niet meewerken en indien dit niet meewerken verwijtbaar is, kan de gemeente tot het opleggen van sancties overgaan.




Betaalt de inburgeringsbehoeftige een eigen bijdrage?


De inburgeringsbehoeftige die een inburgeringsvoorziening aanvaard heeft, betaalt een eigen bijdrage van € 270,-.

Als in de reïntegratiebeschikking de verplichting wordt opgenomen om een inburgeringscursus te volgen en het inburgeringsexamen te behalen maakt de inburgeringsvoorziening verplicht onderdeel uit van de reïntegratievoorziening.



Daar de socialeverzekeringswetten en socialeverzekeringsregelingen niet de mogelijkheid kennen om een eigen bijdrage voor te schrijven, kan in dit geval geen eigen bijdrage van de inburgeraar worden gevraagd. Het staat de gemeente en de deelnemer uiteraard vrij om overeen te komen dat de deelnemer wel een eigen bijdrage betaalt, om zodoende de eigen verantwoordelijkheid van de deelnemer te benadrukken.




Moet de groep Inburgeringsbehoeftigen ook niet meteen in de verordening worden meegenomen?

De groep inburgeringsbehoeftigen hoeft niet in de verordening te worden opgenomen. Ook de Tijdelijke Regeling 2007 schrijft daar niets over voor. Het is de beleidsvrijheid van gemeenten om wel/niet in de verordening melding te maken van de voorzieningen voor de inburgeringsbehoeftigen

Moet je eerst ib-plichtigen een aanbod doen en pas daarna de ib-behoeftigen?

Nee, hier mag een gemeente haar eigen beleidskeuzes maken. Behoudens de doelgroep die ingevolge de Wet inburgering een aanbod dienen te krijgen (asielgerechtigden en geestelijke bedienaren).

Is het niet verplicht dit jaar (2007) alle vrijwillige inburgeraars een aanbod te doen omdat dit ook volgend jaar nog kan (Regeling zal doorlopen in 2008)?

Eind 2006 heeft de gemeente een prognose moeten invullen waarin ook was opgenomen het aantal mensen die gemeenten een aanbod willen doen op vrijwillige basis (vanuit de regeling). Dat is het ijkpunt. Ook komend jaar zal er een prognose ingediend moeten worden waarin de inburgeringsbehoeftigen meegenomen dienen te worden.

Is een werkende vrijwillige inburgeringsbehoeftige beter af dan een werkende IB-plichtige? In de zin dat hij een aanbod van de gemeente kan krijgen?

Er is in termen van “aanbod” geen verschil. De Wi en de regeling hanteren de zogenaamde “kan”-bepaling. Die bepaalt dat de gemeenten een aanbod kan doen. Er bestaat, met uitzondering van de asielgerechtigde migrant, geen recht op een aanbod. Een werkende inburgeringsplichtige kan inderdaad niet in aanmerking komen voor een aanbod (tenzij het een werkende asielgerechtigde betreft).

Klopt het dat (genaturaliseerde) vrouwen in het kader van de regeling inburgering allochtone vrouwen NG 31 én het extensieve deel van de pilot inburgering Taal Totaal, bij het niet-slagen voor het inburgeringsexamen vervolgens met educatiemiddelen een vervolgtraject mogelijk ontvangen om het inburgeringsexamen voor een tweede keer te gaan behalen?


  • Vrouwen die inburgeringsplichtig zijn komen niet in aanmerking voor een traject gefinancierd uit WEB-middelen (WEB-loket is gesloten voor inburgeringsplichtigen)

  • Vrouwen die niet in aanmerking komen voor een aanbod op grond van de regels voor vrijwillige inburgering (en niet inburgeringsplichtig zijn), kunnen van de gemeente een aanbod gefinancierd uit WEB-middelen krijgen (dat zijn bijvoorbeeld de vrouwen die reeds een inburgeringsvoorziening op grond van de Regeling inburgering allochtone vrouwen hebben gevolgd of wel het extensieve deel van de Pilot inburgering allochtone vrouwen ‘Taal Totaal’.

  • Vrouwen die aan het intensieve deel van de pilot hebben deelgenomen, en die niet inburgeringsplichtig zijn, kunnen op grond van de regels voor vrijwillige inburgering in aanmerking komen voor een (“tweede”) aanbod voor een inburgeringsvoorziening.

  • Vrijwillige Inburgeraars (‘inburgeringsbehoeftigen’) die het inburgeringsexamen niet halen kunnen van de gemeenten een NT-2 opleiding op grond van de WEB aangeboden krijgen. Dit laatste met het oog op het maatschappelijk belang van hun sociale integratie (zij hoeven zelf immers geen ‘vervolg’ te geven aan de inburgeringsvoorziening indien zij het inburgeringsexamen niet behalen. Zij hebben geen inburgeringsplicht waaraan zij moeten voldoen. (NB zij moeten dus wel eerst een aanbod op grond van deze regeling hebben gekregen en geaccepteerd)



Wat betekent het voor de eigen bijdrage en het examengeld als het inburgeringsexamen niet wordt behaald in één keer?

De inburgeringsvoorziening die op grond van de regels voor vrijwillige inburgering wordt verstrekt omvat het één maal kosteloos afleggen van het inburgeringsexamen. Hiervoor is in principe een eigen bijdrage verschuldigd.

Bij een vervolgtraject dat uit WEB-middelen wordt gefinancierd, is het aan de gemeente om het aanbod te bepalen (al dan niet een tweede examen te financieren).

De WEB kent uitsluitend een eigen bijdrage voor NT2-opleidingen op de (hogere) niveau’s 3 tot en met 5.


Kunnen inburgeringsbehoeftigen die een aanbod krijgen onder de Regeling 2007 gebruik maken van de Wet Kinderopvang?

Inburgeringsbehoeftigen die een aanbod krijgen onder de Regeling 2007 gelden niet als doelgroep volgens de Wet Kinderopvang.

Kan een niet-nburgeringsplichtige uitkeringsgerechtigde die arbeidsplichtig is een inburgeringsvoorziening NIET weigeren, indien de gemeente vindt dat deze voorwaardelijk is voor zijn arbeidstoeleiding? (zoals de IB-plichtige dat wel kan). Is dat geen rechtsongelijkheid?

Dit zijn verschillende situaties.

Een inburgeringsplichtige zal na het afslaan van het aanbod zichzelf moeten voorbereiden op het behalen van het inburgeringsexamen.

De vrijwillige inburgeraar heeft geen inburgeringsplicht waaraan hij moet voldoen.


Klop het dat voor de vrijwillige doch wel vanuit reïntegratie verplichte inburgeraar GEEN eigen bijdrage hoeft te betalen omdat dat vanuit de WWB niet kan?

Betekent dat geen rechtsongelijkheid met de verplichte uitkeringsgerechtigde inburgeraar?

Er staat dat het gemeente en cliënt ‘vrij’ staat om wel een eigen bijdrage overeen te komen. Wat betekent dat? Kan een cliënt weigeren?


Dit is afhankelijk van de individuele situatie en de uiteindelijke beslissing van de gemeente (‘vormgeving’).

De gemeente kan ervoor kiezen in de re-integratiebeschikking de verplichting op te nemen om een inburgeringscursus te volgen. In dat geval kan geen eigen bijdrage worden opgelegd aangezien dat niet mogelijk is op grond van socialezekerheidswetgeving (niet meebetalen aan eigen re-integratie). Hiervan kan slechts sprake zijn indien het volgen van de inburgeringscursus noodzakelijk is voor zijn re-integratie (‘geen verstrekkender verplichtingen dan voor werkhervatting nodig zijn’).

Ook in dit geval moet de gemeente met de inburgeraar een overeenkomst sluiten, anders komt zij niet in aanmerking voor de rijksbijdrage. In dat kader kunnen partijen toch een eigen bijdrage overeenkomen, maar dit kan dus wel worden geweigerd.

Andere optie is om naast de re-integratiebeschikking ten aanzien van de inburgering afzonderlijke afspraken te maken en deze volledig vast te leggen in de overeenkomst. In dat geval zal de vrijwillige inburgeraar een eigen bijdrage verschuldigd zijn.



Moeten de sancties voor het niet-nakomen van de verplichtingen van de Vrijwillige inburgering worden opgenomen in de verordening?

Nee, er is een civielrechtelijke afspraak tussen gemeente en de inburgeraar.

Kan met een inburgeraar in de overeenkomst worden afgesproken dat hij bij niet behalen examen op eigen kosten opnieuw examen doet?

Met andere woorden kan de trajectovereenkomst langer duren dan het feitelijke traject waar de gemeente financiering voor krijgt?



Het is aan partijen om afspraken te maken.

Op grond van de regels voor vrijwillige inburgering wordt dat niet voorgeschreven.

Het aanbod van de gemeente moet het één maal kosteloos afleggen van het inburgeringsexamen omvatten en om voor bekostiging in aanmerking te komen, moet dat binnen 3 jaar geschieden.


Welke sancties kunnen worden ‘overeengekomen’. Het (gedeeltelijk) terugbetalen van trajectkosten bijvoorbeeld?

Het is aan de gemeente om te bepalen welke gevolgen zij willen verbinden aan het niet nakomen van overeengekomen verplichtingen.

Daarbij kan worden gedacht aan:



  • het betalen van bepaalde kosten die de gemeente heeft gemaakt (bijv. kinderopvang, lesmateriaal, reiskosten).

Als gemeente werkt met het storten van een waarborgsom, kan worden bepaald dat deze (gedeeltelijk) niet wordt gerestitueerd.

  • Een civielrechtelijke boete.

(gemeenten kunnen daarbij kijken naar “sancties” die zij in de oudkomersovereenkomsten hebben opgenomen)_

Vallen Arubanen & Antilianen onder de WI of de Vrijwillige Regeling?

Antillianen en Arubanen vallen vanaf 1 jan. 2007 onder de Regeling vrijwillige inburgering 2007, indien zij voldoen aan de criteria: niet beschikken over vrijstellingen en niet 8 jaar van de leerplichtige leeftijd in Nederland hebben gewoond.

Een Duitse student die van plan is om na zijn studie in Nederland te blijven wil Nederlandse les gaan volgen. Komt hij in aanmerking voor de Regeling vrijwillige inburgering? Mag de gemeente deze persoon een aanbod doen?

Betrokkene is een EU-onderdaan en valt onder de doelgroep Regeling vrijwillige inburgering. Er wordt niets gezegd over de tijdelijkheid in Nederland en derhalve kan betrokkene een aanbod gedaan worden vanuit Regeling.

4. Overgangsrecht Win-Wi

Tot wanneer blijft een nieuwkomer onder de Win vallen en moet het Win-traject worden gestart?


Zie artikel 64, eerste lid, van de Wi.

De nieuwkomer moet zich gemeld hebben voor het Win-inburgeringsonderzoek voor 31 dec. 2006.

(Onverminderd artikel 7 blijft het bepaalde bij en krachtens de Wet inburgering nieuwkomers van toepassing op de inburgeringsplichtige die op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet:

a nieuwkomer was in de zin van die wet, en

b heeft voldaan aan de in artikel 2, eerste lid, van die wet bedoelde verplichting)

 

Artikel 2 van de Win, eerste lid

Iedere nieuwkomer meldt zich op een door het college van B&W te bepalen wijze bij een door dit college aangewezen instantie voor het houden van een inburgeringsonderzoek. Hij meldt zich met een door hem ingevuld aanmeldingsformulier. Indien het een nieuwkomer als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1 betreft, wordt hem dit formulier overhandigd tegelijk met de beschikking waarbij de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor een bepaalde tijd wordt ingewilligd. Indien het een nieuwkomer betreft als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 2 betreft, wordt hem dit formulier overhandigd op het moment van afgifte van verblijf en adres als bedoeld in artikel 65 van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens dat doet. Onze Minister van Binnenlandse zaken stelt voor het formulier een model vast.


Afronding Win-traject na 31-12-2006. Hoe zit het met de Wi-plichtigheid van deze Winners?

Deze Winners zijn per 1 januari 2007 inburgeringsplichtig volgens de WI. De Win-nieuwkomer die op 31 dec. 2006 bezig is met zijn Win-traject mag dat in 2007 afmaken op basis van de in 2006 gegeven Win-beschikking. Met andere woorden met deze nieuwkomer hoeft de gemeente niets te doen, totdat de nieuwkomer het Win-traject heeft afgemaakt. Als de profieltoets niet met voldoende resultaat is afgrond (het WI-niveau, NT2 op A2 incl MO op niveau 2) dan moet de gemeente voor deze nieuwkomer in het geval van een asielgerechtigde een beschikking afgeven op grond van de Wi (na hem opgeroepen te hebben voor het intake-gesprek en nadat dat intakegesprek heeft plaatsgevonden), waarin hem een Wi-aanbod moet worden gedaan en tevens daarin opnemen vóór welke dag hij het inburgeringsexamen moet hebben behaald, nl. 5 jaar na inwerkingtreding van de wet. Dus vóór 1 jan. 2012. In het geval de nieuwkomer een gezinsvormer/hereniger is zonder uitkering dan moet de gemeente, nadat deze persoon op grond van de profieltoets het vereiste niveau niet heeft behaald, hem een schriftelijke kennisgeving doen toekomen (na hem opgeroepen te hebben voor het intake-) voor welke dag hij het inburgeringsexamen moet hebben behaald, nl. 3,5 jaar na inwerkingtreding van de wet als deze persoon het Basis Examen Buitenland heeft gehaald en 5 jaar als deze persoon geen Basis Examen Buitenland heeft gedaan.
Het is aan te raden sowieso de WIN-ner een kennisgeving te sturen dat deze op 1 januari 2007 inburgeringsplichtig is geworden onder de WI en alleen vrijstelling kan krijgen voor het inburgeringsexamen als hij/zij zijn/haar profieltoets afsluit met alles op niveau 2.

Zolang de nieuwkomer in 2007 nog bezig is met het Win-traject, kunnen eventuele boeten (bijv. de nieuwkomer wil niet deelnemen aan de Win-toets) uitsluitend op grond van de Win te worden opgelegd.



Welke wet is van toepassing op personen die in het kader van gezinsvorming- hereniging nu naar Nederland zijn gekomen en een verzoek tot verblijf hebben ingediend bij de IND. IND kan soms wel een half jaar over doen om verblijfsvergunning bepaalde tijd te verstrekken. Als afgifte in 2007 pas geschiedt, welke wet is dan van toepassing? Win of Wi?

Het moment van komen naar Nederland is niet van belang. Van belang is het moment waarop de persoon de verblijfsvergunning voor bepaalde tijd van de IND heeft gekregen. Dat is het bewijs dat je legaal in Nederland bent. De Wi geldt voor personen die op 1 jan. 2007 of daarna hun verblijfsvergunning van de IND hebben gekregen.

Personen die een ontheffing hebben ingediend in 2006, maar nog geen akkoord hebben gekregen. Welke procedure geldt voor hen?

Als de ontheffing in 2007 wordt afgewezen geldt voor deze persoon dat nog een Win-traject moet worden gevolgd. Hierbij geldt wel dat de persoon NT2 en KNS op niveau 2 moet halen, om niet meer inburgeringsplichtig te zijn.

Casus:

Een Oudkomer in een oudkomerstraject cf lopende oudkomersregeling loopt door in 2007. Bij afronding behaalt hij niet het IB-examen. Kan deze oudkomer een nieuw traject krijgen aangeboden in kader Wi/regeling 2007?



Als deze oudkomer inburgeringsplichtig is kan (en in geval van een asielgerechtigde moet) hij nog een aanbod krijgen onder de WI. Het moment waarop kan de gemeente zelf bepalen. Een oudkomer die na 1 jan. 2007 een vrijwillige inburgeraar is (bijv een genaturaliseerde Nederlander) kan op grond van de Regeling 2007 nog in aanmerking komen voor een aanbod.




In de brief wordt gesproken over ‘aanvullende maatregelen’. Welke maatregelen worden bedoeld naast de genoemde tijdelijke ‘regeling 2007’?

De aanvullende maatregelen, waaraan in de brief met de indicatieve budgetten wordt gerefereerd, is de tijdelijke Regeling 2007 ten behoeve van de vrijwillige inburgering.

Is het moment van aanvraag verblijfsvergunning bepalend of het moment van afgifte ?


Op het moment van aanvraag is nog niet besloten of iemand in Nederland mag blijven. Dat is pas gebeurd bij afgifte van de verblijfsvergunning.

De datum van aanvraag met terugwerkende kracht geldt voor het vreemdelingenrecht. Niet voor inburgering. Je kunt geen verplichting tot inburgering gaan opleggen met terugwerkende kracht. Daarom geldt voor inburgering het moment waarop de persoon een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd heeft gekregen. Overigens geldt dit ook al voor de verplichting tot inburgering op grond van de huidige Wet inburgering nieuwkomers. Er is dus wat dit betreft niets nieuws onder de zon.



Waarom is bij de Wib wel het moment van aanvraag bepalend en bij de Wi moment van afgifte?

Bij de Wib kan de datum van afgifte van de mvv niet bepalend zijn, omdat het slagen van het basisexamen inburgering in het land van herkomst juist een voorwaarde is om een mvv te krijgen. Bij inburgering in Ned. moet je eerst een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd hebben gekregen, daarna gaat pas de verplichte inburgering gelden. 

Gemeente start Win-trajecten. In 2007 en 2008 lopen deze Win-trajecten af en verstrekt de gemeente de verklaringen.

Welke vergoeding krijgt de gemeente voor deze trajecten?



In artikel 9.5 van het besluit Inburgering is opgenomen op welke wijze gemeenten worden afgerekend voor nog lopende Win-trajecten.

Iemand met ontheffing in 2006 (Win) voor bv zwangerschapsverlof - met (opnieuw) een aanmelding in 2007 – blijft deze persoon onder de Win vallen of valt zij in het nieuwe jaar onder de Wi valt.


Indien de gemeente het ontheffingsbesluit voor bepaalde tijd ogv de Win voor 1 jan. 2007 heeft genomen, dan geldt op grond van het overgangsrecht het volgende.

  • de Win-ontheffing voor bepaalde tijd loopt door na inwerkintreding Wi;

  • na afloop van de ontheffingstermijn in 2007 geldt de Wi, dwz. de persoon is Wi-inburgeringsplichtig. Indien hij van mening is dat hij nog steeds niet kan inburgeren ogv psychische of lichamelijke belemmeringen dan kan hij een Wi-ontheffing voor onbepaalde tijd aanvragen. Wordt die aanvraag afgewezen dan dient hij in te burgeren op grond van de Wi. (De Win-ontheffing voor bepaalde tijd kan dus niet worden verlengd, nadat de Wi in werking is getreden.)

  • - de termijn van de Wi vangt aan, nadat de Win-ontheffing voor bepaalde tijd is afgelopen

Wi en Regeling 2007 regelen de inburgering van inburgeringsplichtigen en inburgeringsbehoeftigen.

Hoe moet ik de groep vreemdelingen hierin plaatsen die in de afgelopen jaren een inburgeringsprogramma op grond van de WIN hebben doorlopen?

Moeten die opnieuw tegen het licht gehouden worden?


In de Wet inburgering zijn vreemdelingen inburgeringsplichtig. Hier kunnen ook personen onder vallen die al een Win-traject hebben gevolgd. UItgezonderd zijn diegenen die beschikken over bepaalde diploma's, certificaten.

Hieronder valt ook het Win-certificaat.

Als iemand die een Win-traject heeft gevolgd beschikt over het WIn-certificaat waarop het gewenste niveau is vermeld, is deze persoon vrijgesteld van de WI.

Dit geldt overigens ook voor oudkomers die al een traject hebben gehad en die nog niet over het vereiste niveau beschikken.

 

Met www.checklistinburgering.nl kan worden vastgesteld of iemand inburgeringsplichtig is



Klopt het dat iedereen die een inburgeringstraject is gestart voor ingang van de Wi valt onder de categorie "oudkomer"?

Nee, dat is niet correct. Iedereen die tijdens de invoering van de Wet inburgering nog bezig is met het Win-traject, mag dit programma gewoon afmaken. En is nieuwkomer onder de WI.

Als aan het eind van dit traject/cursus de profieltoets wordt afgelegd en de kandidaat haalt niet op alle onderdelen niveau 2 (mondeling/schriftelijk) dan zal de kandidaat inburgeringsplichtig zijn onder de Wet inburgering. De kandidaat zal op alle onderdelen niveau 2 moeten behalen. 

Iedereen die zijn Win-certificaat heeft behaald voor 31-12-2006 is oudkomer ihkv Wi.


Welk niveau moeten personen behalen die onder het overgangsrecht Win- Wi vallen?

Een persoon die onder het overgangsrecht Win-Wi valt, moet niveau 2 halen op alle 4 de onderdelen Nt2, om in aanmerking te komen voor een vrijstelling voor de WI.

Dit is geregeld in artikel 9.1 van het Besluit Inburgering, lid 6.



5. WEB-WI

Wie mogen vanaf 1 januari 2007 GEEN gebruik maken van de Web-gelden?


  1. Inburgeringsplichtigen kunnen voor het bereiken van taalniveau 1 en 2 geen gebruik maken van cursussen gefinancierd uit Webmiddelen.

  2. Personen die onder de doelgroep van de regeling voor vrijwillige inburgering (inburgeringsbehoeftigen) vallen, kunnen .voor wat betreft NT2, niveau 1 en niveau 2 pas gebruik maken van Web-middelen als zij een aanbod op grond van de regeling "vrijwillige inburgering" hebben gekregen en aanvaard, én het inburgeringsexamen niet hebben gehaald. ( o.a. EU-onderdanen)

  1. Inburgeringsplichtige vrouwen die eerder een inburgeringsvoorziening in het kader van de Regeling vrouwen ( de regeling inburgering allochtone vrouwen) hebben gedaan en het inburgeringsexamen niet hebben gehaald komen niet in aanmerking voor een opleiding die wordt gefinancierd uit Web. Zij mogen geen gebruik maken van leningen en vergoedingen, aangezien ze al gebruik hebben gemaakt van een door de overheid gefinancierde voorziening. Zij zullen zich zelf moeten voorbereiden. En eventueel zelf een cursus moeten bekostigen.

Voor wie mogen nog wel Web-gelden worden ingezet?


  1. vrouwen die niet inburgeringsplichtig zijn, maar inburgeringsbehoeftig en die eerder een aanbod op grond van de regeling inburgering allochtone vrouwen hebben gevolgd ( en die het inburgeringsexamen niet hebben behaald)

  2. Derdelanders die hier voor tijdelijk doel zijn, bijvoorbeeld een au pair uit Zuid-Afrika, vallen buiten de WI en de Regeling vrijwillige inburgering. De gemeente kan een uit educatiemiddelen gefinancierd traject aanbieden (maar de vraag is of de gemeenten deze groep vanwege het tijdelijk verblijf een aanbod wil doen)

  3. analfabete inburgeringsplichtigen en analfabete inburgeringsbehoeftigen mogen een alfabetiseringstraject volgen met inzet van WEB-middelen voorafgaand aan of in combinatie met het inburgeringstraject.

  4. gewezen inburgeringsplichtigen ( nt2 vanaf niveau 3)

  5. inburgeringsbehoeftigen die een inburgeringsvoorziening op grond van de regeling vrijwillige inburgering hebben gevolgd en het inburgeringsexamen niet hebben gehaald.

  6. als oudkomers reeds hebben voldaan aan hun inburgeringsplicht, d.w.z. het inburgeringsexamen hebben behaald op niveau A1 lezen en schrijven en A2 spreken en luisteren, dan kan de gemeente een vervolgcursus aanbieden voor deze oudkomer die bijvoorbeeld toeleidt naar het bepalen van A2 niveau schrijven.  

Aan welke eisen moet de accountantsverklaring/ verantwoording voldoen t.b.v. de Web-uitname?

Geen specifieke eisen, anders dan dat in het kader van single information/single audit geregeld kan worden: SISA betekent dat de gemeente kan volstaan met indiening van de jaarrekening met bijlagen. De bedoeling is dat één van die bijlage over de verantwoording Wi gaat, voor het jaar 2007 inclusief verantwoording Web/Wi-overgangsperikelen.

Kunt u de zinsnede "...de omvang van deze uitname uit het Wi-budget moeten worden onderbouwd..." verduidelijken? Wat wordt in de onderbouwing precies van de gemeente verwacht?

Het betreft hier de uitname "die dient voor de bekostiging van de aan het ROC te betalen kosten ten behoeve van de voortzetting van deze NT2-trajecten in 2007".

Dit kan worden onderbouwd door facturen van het ROC te overleggen. Voorzover deze kosten onderdeel uitmaken van een grotere (verzamel)factuur zult u een deel van dit totale factuurbedrag moeten toerekenen aan de betreffende doorlopende educatietrajecten. Als sprake is van zo'n toerekening zal die door de gemeente moeten worden onderbouwd, waarbij de accountant vervolgens toetst of de voorgestelde toerekening inderdaad voldoende is onderbouwd.



Wat als mensen NT2-onderwijs bij het ROC volgen op basis van de Web? Moet dit dan in 2007 worden stopgezet?


Voor deelnemers aan NT2-trajecten, niveaus 1 en 2 die tot inburgering gerekend worden, die uit de Web zijn gefinancierd en die voor de inwerkingtreding van de Wi zijn gestart, geldt overgangsrecht. De in 2007 te maken kosten voor deze in 2007 doorlopende trajecten mogen éénmalig ten laste van het Wi-budget 2007 worden gebracht. De gemeente dient met deze Wi-uitname wel rekening te houden bij de prognose voor 2007.

Kan een inburgeringsbehoeftige die de Korte Vrijstellingstoets doet en daarvoor zakt, daarna onder de Web een NT2 programma volgen?

Inburgeringsplichtige: kan KVT doen, indien gezakt dan via lening en vergoeding of een aanbod opgaan voor het inburgeringsexamen. Indien vervolgens gezakt voor het inburgeringsexamen, dan moet de inburgeringsplichtige met eigen middelen opnieuw proberen totdat hij/zij geslaagd is. Daarna kan betrokkene voor hogere niveaus met Web-gelden opgeleid worden.

 

Inburgeringsbehoeftige: kan KVT doen, indien gezakt dan via een aanbod ogv de Regeling vrijwillige inburgering opgaan voor het inburgeringsexamen. Gezakt voor het examen, dan kan met Web-middelen nog meer pogingen gedaan worden om het inburgeringsexamen te behalen. En natuurlijk ook hogere niveaus met de Web-middelen.



Kan het alfabetiseringstraject uit de WWB gefinancierd worden?

De gemeente kan haar budget uit het werkdeel van de WWB inzetten voor re-integratieactiviteiten (ook scholing). Dus als een gemeente alfabetisering als onderdeel van het re-integratietraject aanmerkt, kan de gemeente dat met WWB middelen bekostigen. Dit kan alleen voor mensen die een WWB uitkering hebben. Voor alle andere mensen, dus mensen zonder bijstandsuitkering, kan de gemeente de alfabetisering betalen uit WEB middelen (alfa niveau 1, 2, en 3)

Voor de Wet Inburgering geldt marktwerking. Voor Web-gelden geldt gedwongen winkelnering?

Ja, voor de Web blijft gedwongen winkelnering gehandhaafd.

Wordt in artikel 2.3., eerste lid, onder j van het Besluit inburgering de verklaring educatie in het kader van een Web-traject bedoeld?

Neen, het is de verklaring die behoort bij het inburgeringscertificaat van de Win. De verklaring educatie in het kader van het Web-traject is geen diploma of document op grond waarvan vrijstelling van de inburgeringsplicht onder de Wi kan worden verleend.

Voor vragen over de Web kunt u terecht bij het Informatiecentrum onderwijs (ICO) tel 079-3232666






1   2   3   4


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina