Verwerkingsopdrachten Bewegingsagoog; sb 4



Dovnload 25.31 Kb.
Datum04.10.2016
Grootte25.31 Kb.

Verwerkingsopdrachten

Bewegingsagoog; SB 4

ISBN 97890 85241 13 3



Thema 15 Mensen met een zintuiglijke beperking


Opwarmen en oriënteren
Opdracht 1
Het doel van deze opdracht is dat je voorkennis over zintuiglijke beperkingen opfrist.
Beantwoord de volgende vragen.



  1. Wat stel je je voor bij een zintuiglijke beperking?

  2. Gebruik jij liever het woord beperking of handicap? Waarom?

  3. Vind je dat mensen met een visuele beperking gewoon deel kunnen nemen aan de samenleving? Vind je bijvoorbeeld dat ze in een normaal bedrijf kunnen werken?

  4. Vind je dat mensen met een gehoorbeperking gewoon deel kunnen nemen aan de samenleving? Vind je bijvoorbeeld dat ze in een normaal bedrijf kunnen werken?

  5. Welke aanpassingen zou je in de sport kunnen doen voor mensen met een gehoorbeperking?




Herkennen en onderscheiden
Opdracht 2
Het doel van deze opdracht is dat je de juiste betekenis van de begrippen uit dit thema kent.
Geef de juiste betekenis van de volgende begrippen door:




  1. Zintuiglijke of sensorische beperking

  2. Auditieve beperking

  3. Decibels (Db)

  4. Frequentie

  5. Hertz of Hz

  6. Baskant

  7. Diskant

  8. Ouderdomsslechthorendheid

  9. Prélinguaal doof

  10. Totale communicatie

  11. Pictogrammen

  12. Cochleair implantaat

  13. Visuele beperking

  14. Blindheid

  15. Slechtziendheid

  16. Gezichtsscherpte

  17. Myopie of bijziendheid

  18. Hypermetropie of verziendheid

  19. Cataract of staar

  20. Strabismus

  21. Nystagmus

  22. Achromatopsie

  23. Retinitis pigmentosa

  24. Glaucoom

  25. gezichtsveld

  26. Kokervisus

  27. Brailleleerlingen

  28. Braille

  29. Blindisme

  30. Leerlinggebonden financiering (LGF)





Begrijpen
Opdracht 3
Beantwoord de volgende vragen.


  1. Welke soorten auditieve beperkingen kun je onderscheiden?




  1. Wat kunnen oorzaken van auditieve beperkingen zijn?




  1. Wanneer is er sprake van een lichte vorm van slechthorendheid en wat kan men dan bijvoorbeeld nog wel horen?




  1. Wanneer is sprake van een matige vorm van slechthorendheid en wat kan men dan niet meer goed horen?




  1. Wanneer is sprake van een ernstige vorm van slechthorendheid en wat horen zij nog wel?




  1. Wanneer spreken we van ‘doof’?




  1. Welk toonhoogteverlies komt veel voor?




  1. Kan ouderdomsslechthorendheid verholpen worden?




  1. Leg kort uit wat de gevolgen van een auditieve beperking zijn voor de taalontwikkeling en de communicatie.




  1. Wat is de functie van taal voor de sociaal-emotionele ontwikkeling en wat is het probleem voor mensen met een auditieve beperking daarbij?




  1. Wat is het gevolg van de auditieve beperking voor de motorische ontwikkeling?




  1. Hoe kun je de bewegingsachterstand van kinderen met een auditieve beperking verklaren?




  1. Welke positie nemen mensen met een auditieve beperking binnen de sport vaak in?




  1. Wanneer wordt iemand als zijnde blind beschouwd?




  1. Kan iemand die blind is helemaal niets zien?




  1. Wat kunnen oorzaken van visuele beperkingen zijn?




  1. Welk onderscheid wordt gemaakt bij visuele beperkingen?




  1. Hoe wordt de gezichtsscherpte meestal aangegeven?




  1. Leg de breuk voor de gezichtsscherpte kort uit.




  1. Wat betekent het als je een beperkt gezichtsveld hebt?




  1. Wat is het grootste verschil tussen mensen die blind geboren zijn of op jonge leeftijd blind geworden zijn en mensen die later blind geworden zijn?




  1. Welke gevolgen heeft een visuele beperking voor de sociale ontwikkeling?




  1. Welke gevolgen heeft een visuele beperking voor de emotionele ontwikkeling?




  1. Welke gevolgen heeft een beperking voor de motorische ontwikkeling?




  1. Gaan kinderen met een visuele beperking in het algemeen naar een school voor blinde en slechtziende kinderen?




  1. Welke sporten zijn favoriet bij kinderen met een visuele beperking?




  1. Wat zijn bijzondere betekenissen van sport voor mensen met een visuele beperking?




  1. Welke bijzondere belangen hebben sportactiviteiten daarnaast nog meer voor mensen met een visuele beperking?



Onderzoeken en toepassen
Opdracht 4 Auditieve beperkingen


  1. Verzamel belangrijke tips en aandachtspunten die jij als bewegingsagoog goed kunt gebruiken in het werken met mensen met een auditieve beperking. Betrek hierbij ook de tips voor de praktijk. Selecteer vervolgens de tien belangrijkste. Motiveer waarom dit de belangrijkste zijn.



Opdracht 5 Visuele beperkingen


  1. Verzamel belangrijke tips en aandachtspunten die jij als bewegingsagoog goed kunt gebruiken in het werken met mensen met een visuele beperking. Betrek hierbij ook de tips voor de praktijk. Selecteer vervolgens de tien belangrijkste. Motiveer waarom dit de belangrijkste zijn.




Verwerkingsopdrachten thema 15 Bewegingsagoog; SB 4 pagina

© Uitgeverij Angerenstein BV Velp






De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina