Viering Vormselviering (alternatief)



Dovnload 58.46 Kb.
Datum26.08.2016
Grootte58.46 Kb.


Viering

Vormselviering (alternatief)



I Opening van de dienst
Intredelied: Ga mee op weg (Lied 1)
(De vormelingen komen al zingend, met de versierde pelgrimsstaf in de hand, twee aan twee in processie door de middenbeuk naar voren. Twee of drie groepjes van vier of zes vormelingen dragen elk een groot vormseldoek boven de hoofden naar het koor. Een vormeling houdt het chrismale met de oliezalf vast en plaatst het op het altaar. Een andere vormeling draagt de schotel met de geoliede steentjes tot voor het altaar. Ze worden gevolgd door de bisschop (of zijn vertegenwoordiger), priester en acolieten.

Catechisten helpen de vormseldoeken op borden te bevestigen. De vormelingen plaatsen hun staf in paraplubakken of opbergrekjes en nemen hun plaats in. Intussen zingen allen het intredelied.)


Verwelkoming
Beste kinderen, ouders, grootouders, peters en meters, beste parochianen,

vandaag zetten we de tijd in zekere zin stil:

de tijd van school gaan, lessen leren en huiswerk maken,

de tijd van alledaagse bezigheden, van geld verdienen en het huishouden doen.

Vandaag vieren we feest.
Een feest vier je natuurlijk niet zo maar.

Thuis hebben we alles goed voorbereid, opgeruimd en gepoetst.

Sommigen hebben een feestzaal voorzien of thuis voor lekker eten gezorgd

en we hebben vandaag onze mooie kleren aangetrokken.


Zo hebben we ook deze viering voorbereid.

De kinderen hebben met ons al een hele tocht afgelegd.

Vorig jaar zijn we met Christoffel op weg gegaan.

De kinderen hebben daarna plechtig hun naam voor het vormsel opgegeven.

Ze leerden de parochie kennen: niet alleen ons kerkgebouw,

maar ook de mensen die zich vrijwillig voor onze parochie inzetten

en stilaan begrepen ze iets van onze verbondenheid met de wereldkerk.

Ze leerden de betekenis van het vormsel:

de symboliek van de handen,

de kracht van olie

en wat het betekent om als christen op weg te gaan naar volwassen zijn.
De vormelingen hebben geprobeerd iets van wat in onze bijeenkomsten aan bod kwam, tot uitdrukking te brengen op een doek, een vormseldoek.

Daarvan hebben bekwame handen twee of drie vormseldoeken gemaakt,

die een teken zijn van de betrokkenheid van de kinderen bij dit gebeuren.

De stenen die binnengebracht worden zijn een teken van het vermogen van olie om overal in door te dringen.


Vergevingsgebed
(Vormheer)

Goede God,

we doen ons best om als goede christenen te leven,

maar het loopt niet altijd even gesmeerd

als we zouden willen.

Net als de grootste atleten

kennen we betere en minder goede dagen.

We zijn niet altijd in topvorm.

Daarom komen we met onze vragen en zorgen bij U,

want we weten dat we bij U altijd welkom zijn

en dat Gij naar ons bidden luistert.
(Catechist)

Stiltemomenten zijn belangrijk in ons leven.

Ze helpen ons na te denken

over wat waardevol en belangrijk is.

We verzorgen wellicht onvoldoende ons gebed.

We zijn te weinig dankbaar tegenover God

die ons uitnodigt volop te leven.

Heer, ontferm U.



Tot zevenmaal zeventig maal,

vergeef ik een ander zijn schuld,

de Heer heeft met mij ook geduld.
(Vormeling)

We lopen er soms onverschillig bij

en tonen weinig geestdrift om het voor elkaar op te nemen,

zoals Jezus heeft voorgedaan.

Jezus had een groot hart,

ook voor wie uitgestoten werden.

Wij lopen dikwijls aan de noden van anderen zomaar voorbij,

zoals de priester en de leviet uit de parabel van Jezus

over de barmhartige Samaritaan.

Christus, ontferm U.



Tot zevenmaal zeventig maal,

vergeef ik een ander zijn schuld,

de Heer heeft met mij ook geduld.
(Vormeling)

Er valt ons zoveel te beurt:

lieve ouders die voor ons zorgen,

een mooi land waar welstand heerst,

scholen waar we een stevige vorming krijgen,

een christelijke opvoeding die ons volop helpt leven,

en zoveel meer …

We vinden het misschien te vanzelfsprekend

en zijn te weinig dankbaar.

Heer, ontferm U.



Tot zevenmaal zeventig maal,

vergeef ik een ander zijn schuld,

de Heer heeft met mij ook geduld.
(Vormheer)

God,


uw licht en uw vreugde

herscheppen ons tot nieuwe mensen.

Zend uw Geest over onze vormelingen,

zalf hen met de kracht van uw genade.

Dat zij volbrengen wat goed is in uw ogen,

en blij getuigen van Jezus, de Heer,

die met U leeft en heerst

in de eenheid van de Heilige Geest,

door de eeuwen der eeuwen. Amen.
Openingsgebed
(Vormheer)

Goede God,

in verbondenheid met elkaar

en met de wereldwijde kerkgemeenschap,

treden deze jongens en meisjes voor uw altaar.

Ze zijn uit vrije wil gekomen

en vragen U om uw Geest.

Geef hun de kracht

om in Jezus’ voetspoor te treden,

dat zij mogen meebouwen

aan een wereld van vrede, gerechtigheid en verzoening.

Maak van hen en van ons allen

‘ferme’ jonge tieners,

getuigen van uw Blijde Boodschap,

dienstbaar aan U en aan elkaar.

Dat vragen wij U

in Jezus’ naam. Amen.

II Dienst van het woord
Eerste lezing: David tot koning gezalfd (1 Sam. 16,1-13)
(Catechist)

De eerste lezing komt uit het eerste boek Samuël en vertelt ons hoe David door Samuël gezalfd werd.


De Heer sprak tot Samuël:

‘Hoelang zult u nog treuren over Saul, terwijl Ik hem heb verworpen

en hij geen koning meer zal zijn over Israël?

Vul een hoorn met olie: Ik zend u naar Isaï de Betlehemiet,

want een van zijn zonen heb Ik voor het koningschap bestemd.’
Maar Samuël zei: ‘Hoe kan ik dat doen?

Als Saul het hoort, vermoordt hij mij.’

De Heer antwoordde: ‘Neem een kalf mee

en zeg dat u komt om de Heer te offeren.

U moet Isaï bij het offer uitnodigen

en Ik zal dan wel duidelijk maken wat u moet doen:

degene die Ik aanwijs moet u zalven.’
Samuël deed wat de Heer bevolen had.

Toen hij in Betlehem kwam,

liepen de oudsten van de stad hem geschrokken tegemoet en vroegen:

‘Uw komst betekent toch niets kwaads?’

Hij antwoordde: ‘Niets dan goeds.

Ik ben gekomen om aan de Heer te offeren:

zorg dat u heilig bent en ga dan met mij offeren.’

Hij droeg er zorg voor dat Isaï en zijn zonen zich heiligden

en nodigde hen uit voor het offer.
Toen zij aankwamen, viel zijn blik op Eliab en hij dacht:

‘Die daar voor de Heer staat is ongetwijfeld zijn gezalfde!’

Maar de Heer zei tegen Samuël:

‘Ga niet af op zijn voorkomen of zijn rijzige gestalte; hem wil Ik niet.

Want God ziet niet zoals een mens ziet; een mens kijkt naar het uiterlijk,

maar de Heer kijkt naar het hart.’

Toen riep Isaï Abinadab en stelde hem aan Samuël voor,

maar Samuël zei: ‘Ook hem heeft de Heer niet uitverkoren.’

Toen stelde Isaï Samma voor, maar Samuël zei:

‘Ook hem heeft de Heer niet uitverkoren.’

Zo stelde Isaï zeven van zijn zonen aan Samuël voor,

maar Samuël zei tegen Isaï: ‘Geen van hen heeft de Heer uitverkoren.’


Daarop vroeg hij aan Isaï: ‘Zijn dat al uw jongens?’

Hij antwoordde: ‘Alleen de jongste ontbreekt, die hoedt de schapen.’

Toen zei Samuël tegen Isaï:

‘Laat die dan halen, want we gaan niet aan tafel voordat hij hier is.’

Isaï liet hem dus halen.

De jongen was rossig, had mooie ogen en een prettig voorkomen.

Nu zei de Heer: ‘Hem moet u zalven: hij is het.’

Samuël nam dus de hoorn met olie en zalfde hem te midden van zijn broers.

Vanaf die dag was de Geest van de Heer over David.

Daarna vertrok Samuël en ging naar Rama.


Evangelielezing: Jezus laat zich dopen (Mt 3,13-17)
(Vormheer )

Zekere dag kwam Jezus vanuit Galilea naar de Jordaan om door Johannes gedoopt te worden.Maar Johannes probeerde Hem tegen te houden met de woorden: ‘Ik zou door U gedoopt moeten worden, en dan komt U naar mij?’ Jezus antwoordde: ‘Laat het nu maar gebeuren, want het is goed dat we op deze manier Gods gerechtigheid vervullen.’ Toen stemde Johannes ermee in. Zodra Jezus gedoopt was en uit het water omhoogkwam, opende de hemel zich voor Hem en Hij zag hoe de Geest van God als een duif op Hem neerdaalde. En uit de hemel klonk een stem: ‘Dit is mijn geliefde Zoon, in Hem vind ik vreugde.’


Homilie

III Vormselviering
Geloofsbelijdenis
(Vormheer)

Beste jongens en meisjes,

twaalf geleden hebben jullie ouders je naar de kerk gebracht

om je te laten dopen.

Vandaag is het jullie beurt om als elf-twaalfjarige

met deze keuze in te stemmen

en hier voor deze gemeenschap

– in tegenwoordigheid van jullie ouders, peter en meter –

je geloof uit te spreken.

Jullie gaan nu eerst

het geloof van je doopsel belijden.

Het vormsel bevestigt en voltooit je doopsel,

je onderdompeling in Jezus Christus,

het levend Water …


Geloven jullie in God die Vader is?
(Vormelingen)

Ik geloof in God, die Vader is,

en ons de wereld schenkt.

Ik geloof dat God ons roept en zendt

om van de wereld een thuis te maken,

een huis vol goedheid, liefde en vrede.


(Vormheer)

Geloven jullie in Jezus Christus?
(Vormelingen)

Ik geloof in Jezus Christus,

die ons de weg naar God toonde.

Hij sprak tot God als tot zijn Vader.

Hij had de mensen lief, tot het uiterste,

vooral armen en uitgestotenen.

Ik geloof dat God ons roept en zendt

om vrienden te zijn van Jezus en van elkaar,

om samen een fijne gemeenschap te vormen.
(Vormheer)

Geloven jullie in de Heilige Geest?
(Vormelingen)

Ik geloof in de Heilige Geest.

Hij schenkt ons zijn gaven

van inkeer en rechtvaardigheid.

Ik geloof dat Gods Geest ons de kracht geeft

om het evangelie te beleven in woord en daad.

Amen.
Vormsellied: Met de kracht van de Geest (Lied 10)
Inleiding handoplegging en zalving
(Catechist)

Beste mensen,

handen geven toegang tot de wereld. Ze spreken soms welsprekender dan woorden. Met de handen kun je dreigen of slaan, maar ook groeten en afscheid nemen, knuffelen en troosten.

Je kunt ook de handen opleggen, zoals Jezus dat deed. Zo zal het nu aan onze jonge tieners gebeuren. Daarbij wordt iedere vormeling gezalfd met olie, teken van de Heilige Geest.

Onze vormelingen komen twee aan twee naar voor, terwijl ze begeleid worden door hun peter of meter, die als een tochtgenoot de kinderen vergezelt op hun weg van groei naar volwassenheid. Met de hand op de schouder van hun petekinderen staan zij letterlijk en figuurlijk achter hen. Als u de naam van uw petekind hoort, mag u naar voor komen en naast uw petekind gaan staan.

Na de handoplegging en de zalving mag ieder van hen een kaarsje aansteken als symbool van licht en leven en krijgen zij als aandenken aan deze viering een bezinningsboekje (bv. Iny Driessen, Goed gevormd?, Halewijn, Antwerpen, 2001, 44 p.) dat op eigentijdse wijze en op maat van twaalfjarigen het sacrament van het vormsel toelicht.


Gebed
(Vormheer)

Meisjes en jongens,

ik zal God bidden dat Hij het geloof

dat jullie uitgesproken hebben,

nu bevestigt en sterkt.

Zoals de geur van fijn reukwerk alles doordringt,

en zoals een druppel olie sporen nalaat

op het hardste marmer,

zo zal de Geest van God ook jullie doordringen.
Goede God,

schenk ons uw Geest van wijsheid

die ons van eigenwijsheid zuivert,

uw Geest van verstand

die ons behoedt voor onbezonnenheid,

uw Geest van sterkte

die alle zwakheid ter hulp komt,

uw Geest van raad

die alle twijfel wegneemt,

uw Geest van kennis

die ons toelaat goede keuzen te maken,

uw Geest van godsvrucht

die ons vanuit God doet spreken,

uw Geest van Liefde

die ons doet verlangen naar U en naar elkaar.

Amen.
(Tijdens het vormsel en de individuele handoplegging wordt zachte muziek gespeeld. Als alle vormelingen gevormd zijn, zingen allen samen het vormsellied.)
Vormsellied: Zoals olie op een steen (Lied 14)

IV Dienst van brood en wijn
Offerandelied: Een lied rond de tafel (Lied 6)
Offerandegebed
(Vormheer)

God van liefde,

wij plaatsen hier op het altaar

het brood van de mededeelzaamheid

dat Jezus brak,

en de beker van zijn trouw,

die Hij dronk ten einde toe.

Zegen deze gaven, Heer,

en doe ons - brekend en delend met Hem -

‘Geest-driftige’ mensen worden,

mensen naar uw hart.

Dat bidden wij U

voor vandaag en alle dagen tot in uw eeuwigheid. Amen.
Groot dankgebed
De Heer zal bij u zijn.

De Heer zal u bewaren.

Verhef uw hart.



Wij zijn met ons hart bij de Heer.

Brengen wij dank aan de Heer, onze God.



Hij is onze dankbaarheid waardig.
(Vormheer)

Met ons hart richten wij ons naar U, God,

naar het woord en het voorbeeld

van uw Zoon en onze Broeder.

Jezus’ hele leven was vervuld

van uw Heilige Geest.

Zijn optreden inspireerde mensen

van alle talen en tijden.

Wij gedenken met welke Geestdrift

Jezus is rondgegaan.


Zovele mensen werden geraakt door zijn vurigheid,

zijn barmhartigheid en zijn vergevingsgezindheid.

Jezus genas mensen van hun angst

en haalde ze uit hun verdrukking.

Hij richtte hen op voor een nieuw leven vol hoop.

Toen Hij op het kruis zijn geest gaf voor velen,

raakte zijn liefde over de hele wereld verspreid.

Zijn Geestdrift was als een lopend vuur

dat het hart van mensen brandend houdt,

als een kracht die sterker is dan elke storm.

Onuitwisbaar staat Jezus’ Geest voor onze ogen,

telkens wij die laatste maaltijd van Jezus

met zijn leerlingen herdenken.
Lied: Kumbaya my Lord
(Vormheer)

Heer God, wij loven en danken

voor uw Geest die in Jezus werkzaam was

en ook ons leven vandaag bezielt.

Schenk nu uw zegen + over dit brood en deze wijn.

Ze zijn tekens van Jezus’ liefde en trouw.


Op die dag voor zijn lijden en dood

nam Jezus brood, sloeg zijn ogen op naar U, God,

zijn barmhartige Vader, en Hij dankte U.

Hij brak het brood en deelde het uit

aan zijn leerlingen met de woorden:

‘Neem en eet, dit is mijn Lichaam,

dit ben Ikzelf, voor u en alle mensen gegeven.’
Zo nam Jezus ook de beker met wijn.
Hij sprak opnieuw een dankgebed uit

en reikte de beker aan zijn leerlingen

met de woorden: ‘Drink allen hiervan,

want dit is de beker met mijn Bloed,

dit ben Ikzelf.

Het is de beker van het Nieuwe Verbond

dat voor u en voor alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Doe dit voortaan ook, om Mij te gedenken.’
Brengen we eer aan God en zingen we samen:

Kumbaya my Lord
(Vormheer)

Totdat Gods Koninkrijk in volheid doorbreekt,

willen wij Jezus gedenken

onder deze tekenen van brood en wijn.

We zijn dankbaar om Gods Geest

die Hij over ons gezonden heeft.

Heilige Geest van God,

wij openen ons hart voor U,

om te verstaan hoe diep en ongezien

Gij overal aanwezig zijt.


Gij zijt de lucht die wij ademen,

de verte waarin wij turen,

de ruimte die ons gegeven is.

Gij zijt het vriendelijke licht

waarin mensen voor elkaar aantrekkelijk zijn.
Wij bidden U, scheppende Geest van God,

beweeg ons tot het goede,

tot trouw, tot durf, tot geduld.

Ontsteek in ons de vriendschap

voor alles wat leeft en de vreugde

om wat goed en menselijk is.


Alles wat leeft ontvangt zijn groeikracht van U.

Van alle woorden zijt Gij de waarheid.

En ieder die ontvankelijk is,

mag U verstaan in zijn eigen taal.


Geef ons woorden in de mond

om het goede te dienen.

Maak ons bedacht op recht en gerechtigheid.

Geef richting aan ons spreken.

Geef vruchtbaarheid

aan ons zwoegen en ons denken.
Dan zal er vreugde zijn op aarde,

vrijheid en vrede in Jezus’ Naam.


Door Jezus en met Hem en in Hem,

bieden wij U, barmhartige Vader,

dit dankoffer aan,

in de gemeenschap van de Kerk

die leeft door Jezus’ Geest

vandaag en alle dagen tot in eeuwigheid. Amen.

(Sommige teksten werden ontleend aan Huub Oosterhuis, In de heilige Geest)


Brengen we eer aan God en zingen we samen:

Kumbaya my Lord.
Voorbeden
(De voorbeden worden vlak voor het Onzevader gelezen. Na elke voorbede wordt een kaars aangestoken op de zevenarmige kandelaar.)
(Vormeling)

Heilige Geest, geef mij een ‘ruim’ hart

dat niet langer zelfgericht is,

maar naar anderen toe wil leven,

medevoelend met elke vreugde

en medelijdend met elke pijn.

Laten we bidden.
(Vormeling)

Heilige Geest, geef mij een ‘eenvoudig’ hart,

dat ik mij niet hoger acht

dan de minste der mensen,

want ik weet hoe ikzelf

uw barmhartigheid nodig heb.

Laten we bidden.
(Vormeling)

Heilige Geest, geef mij een ‘mild’ hart

dat veel kan derven opdat

anderen niets zou ontbreken

en leer me mijn bestaan

met anderen breken en delen.

Laten we bidden.
(Vormeling)

Heilige Geest geef mij een ‘vergevend’ hart

dat geen kwaad aanrekent

en nooit weerwraak neemt.

Help mij steeds voluit

te vergeven en te vergeten.

Laten we bidden.
(Vormeling)

Heilige Geest, geef mij een ‘gelovend’ hart

dat weet dat Gij mij nabij blijft,

dat Gij uw hand op mijn schouder legt

en in al mijn zwakheid

mijn sterkte blijft.

Laten we bidden.
(Vormeling)

Heilige Geest, geef mij een ‘hoopvol’ hart

dat ook in de diepste duisternis

gelooft dat het licht doorbreekt

en dat de toekomst

uiteindelijk goed wordt.

Laten we bidden.
(Vormeling)

Heilige Geest, geef mij een ‘liefdevol’ hart:

een ontvankelijk hart voor Jezus’ woord

en een hart vol zorg voor mijn medemensen.

Dat ik U beminnen mag met hart en ziel,

en mijn naaste als mezelf.

Laten we bidden.
Gebed des Heren
(Na de voorbeden nodigt de vormheer de vormelingen uit om in een grote kring rond het altaar plaats te nemen.)
Vredewens
(De vormelingen wensen hun ouders de vrede van Christus. De vredewens wordt doorgegeven in de kerkgemeenschap.)
Breken van het brood
(De grote broodhosties voor de vormelingen worden gebroken.)
Communie
(De nieuw-gevormden communiceren voor het eerst als gevormde; dat is een plechtig moment. Zij communiceren onder beide gedaanten. Zij ontvangen de communie in de kring, samen met de catechisten. Tijdens de communie wordt zachte muziek gespeeld.)
Communielied: Stuur daarom uw Geest (Lied 11)
Slotgebed
(Vormheer)

Goede God,

in Jezus, uw Zoon, hebt Gij ons

een nieuwe toekomst toegezegd.

Geef dat wij het vuur van zijn Geest

brandend houden in ons midden.

Laat ons waar droefheid heerst,

troost en vreugde brengen

en ruimte scheppen voor arme en kleine mensen.

Laat ons meebouwen aan uw Rijk

van goedheid en vrede.

Door Christus, onze Heer. Amen.



V Zending
Slot- en dankwoord
Zending, zegen en slotlied
(Vormheer)

Meisjes en jongens,

jullie ouders, peters en meters,

heel de parochiegemeenschap,

wij allemaal verwachten veel van jullie in de toekomst.

We hopen dat jullie als gevormde, jonge christenen

actief blijft deelnemen

aan het leven van deze kerkgemeenschap.

Daar komt tot volle ontplooiing

wat jullie vandaag hebben beloofd.

Moge Gods Geest,

die jullie vandaag ontvangen hebt,

jullie sterken in het geloof,

jullie begeleiden in de liefde

en vervullen met hoop.

Daartoe zegene jullie de algoede God,

Vader, Zoon en Heilige Geest.

Amen.
En ga nu het volle leven in,

in de vreugde en de vrede van de verrezen Heer.



Wij danken God.
Slotlied: Vaar mee het leven in (Lied 13)
(De nieuw-gevormden komen twee per twee naar voor, nemen hun staf en vormen een groep rond (of voor) het altaar. Ze zingen het lied: Vaar mee het leven in.

De vormelingen verlaten de kerk in processie en zingen bij het buitengaan nogmaals de eerste strofe van hun tochtlied. Bij het buitengaan ontvangen ze ook hun foto en naam alsook een geolied steentje.)




© 2008, Uitgeverij Pelckmans

Geestdrift, Liturgische vieringen






Vormselviering (alternatief)











De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina