Vlaams Netwerk van verenigingen waar armen het woord nemen vzw



Dovnload 366.91 Kb.
Pagina2/14
Datum20.08.2016
Grootte366.91 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   14

Hoofdstuk 1: Het traject


In dit eerste hoofdstuk gaan we dieper in op het traject dat mensen in armoede afleggen in activering naar werk. Het traject zoals dat vandaag bestaat en het traject zoals dat er volgens onze bevindingen moet uitzien om te kunnen spreken van een zinvolle en duurzame activering.


De biografische interviews staan bol van 'bad practices' waarbij er wel sprake is van kortstondige tewerkstelling, slecht betaalde, ongezonde interimjobs, zeer korte contracten, of jobs die mensen in armoede maar zeer kortstondig volhouden omwille van diverse factoren. Vaak zijn ze daarna op allerlei vlak (inkomen, psychisch en fysiek welzijn) slechter af dan daarvoor en is er een nieuwe diepe kloof ontstaan tussen de persoon in kwestie en de arbeidsmarkt. De acties die wij hier formuleren trachten rekening te houden met de levensloop van mensen in armoede, zowel in het verleden als in de toekomst, en zijn gericht op duurzame integratie van mensen in armoede op de arbeidsmarkt. Dit vraagt om de focus vaak te leggen op het versterken van competenties, met constante aandacht voor de welzijnscomponent.
Parallel met de afgenomen semi gestructureerde biografische interviews trachten we hier ook het 'ideaaltraject' in diverse fases weer te geven. Hier dient wel opgemerkt te worden dat de verschillende fases niet altijd als op elkaar aansluitende hoofdstukken, delen van een rechtlijnige beweging zijn. Vallen en opstaan zijn kenmerkend, een tweede en soms meerdere kansen bij tegenslag of mislukking zijn noodzakelijk. Voor de duidelijkheid onderscheiden we hier de verschillende fasen, in semi chronologische volgorde.
Uit de bevragingen blijkt duidelijk dat het ideaaltraject start voordat het eerste contact met een activeringsinstantie is gemaakt en nog verder doorloopt als men aan het werk is. Daarom beginnen we met een onderdeel over onderwijs en geven een aantal valkuilen en hefbomen aan die daar terug te vinden zijn, die bepalend zijn voor de positie van mensen in armoede op de arbeidsmarkt. Vervolgens nemen we de contacten tussen mensen in armoede enerzijds en VDAB en andere instanties anderzijds onder de loep. We tekenen daarna de diverse stappen uit, waar een activeringsproces doorheen kan en moet gaan. Motivatie, begeleiding en opleiding zijn daarbinnen drie pijlers, waar we extra aandacht aan besteden.
Als we spreken over ideaaltraject hebben we het niet over een irreëel, onbereikbaar ideaalbeeld, maar over hoe het traject er idealiter moet uitzien. Althans, wat dit onderzoek ons daarover leert. Hoe dichter bij dit ideaalbeeld, hoe meer kans op succes, hoe meer mensen in armoede volgens ons kunnen genieten van een zinvolle activering.

1.1.Onderwijs: versterken van zelfvertrouwen, welzijn en competenties




Valkuilen:

  • Achterstand op vlak van welzijn, zelfvertrouwen en competenties

  • Te weinig kennis van en aandacht voor oorzaken van achterstand


Hefbomen:

  • Kennis bij leerkrachten en specifieke begeleiders over armoedeproblematiek

  • Versterken van zelfvertrouwen

  • Opbouwen van perspectief met de nodige begeleiding

Mensen in armoede komen dikwijls op vrij jonge leeftijd op de arbeidsmarkt terecht in een ongelijke positie, namelijk zonder diploma, zonder de nodige competenties, zonder veel zelfvertrouwen, … Wij zijn ervan overtuigd dat een zinvol efficiënt activeringsbeleid begint voor dat mensen in deze ongelijke situatie terechtkomen. Dat een dergelijk beleid ook de oorzaken van de achterstelling zoveel mogelijk aanpakt, en dat op vroege leeftijd reeds wordt begonnen met het versterken van welzijn en competenties.


De uitsluiting die mede oorzaak is van de zwakke arbeidsmarktpositie begint meestal tijdens de kinderjaren, thuis, in de buurt, en op school. Het onderwijs kan en moet een ideale hefboom vormen om dit tegen te gaan. Daarbij moet zowel aandacht besteed worden aan het creëren van kansen, opbouwen van competenties gericht op het behalen van een diploma als aan het werken aan de welzijnscomponent, het versterken van zelfbeeld,…
Hierbij willen we een aantal mechanismen aanduiden die door mensen in armoede tijdens de interviews en de forumdag werden aangegeven als oorzaak van hun zwakke arbeidsmarktpositie. Vaak is dit ingegeven door de bekommernis om hun kinderen: mensen ervaren dat het leven in armoede een negatief effect heeft op de ontwikkeling en het opbouwen van kansen voor hun kinderen. Ze willen dat hun kinderen betere kansen krijgen, maar hebben daartoe de steun van overheid, onderwijs en samenleving nodig.


1.1.1.Zelfvertrouwen

Ook kinderen van mensen in armoede hebben vaak op jonge leeftijd kwetsuren veroorzaakt door uitsluiting en de precaire situatie waarin ze leven en welzijnsproblemen van de ouders die ook op de hen afstralen. Onderwijs kan daar in sterke mate op inspelen, zowel positief als negatief. Het is belangrijk dat binnen het onderwijs aandacht besteed wordt aan de emotionele ontwikkeling van het kind. Daartoe is meer kennis in het onderwijs nodig over de mechanismen van armoede en de thuissituatie, de leefwereld van kinderen in armoede. Deze leefwereld heeft rechtstreekse implicaties op het gedrag en de prestaties van de kinderen. Dit wordt soms genegeerd. Nu zien we vaak dat de spiraal van teleurstellingen en mislukkingen reeds op jonge leeftijd wordt ingezet en een nefaste invloed heeft op hun zelfwaarde en aldus op hun positie op de arbeidsmarkt. De angst van deze personen om te gaan werken en om de zoveelste teleurstelling op te lopen zijn tekenend in dit kader.


In de opleiding ervaringsdeskundige5 is er aandacht voor zelfvertrouwen en jezelf leren ontdekken, ontwikkelen en groeien. Eigenlijk is dat iets wat al in het kleuter- en lager onderwijs aanwezig moet zijn. Onze kinderen hebben dat nodig! Op die manier ga je niet enkel armoede bestrijden maar ook voorkomen!” (Uit een interview van een ervaringsdeskundige.)
ACTIE 1: KINDEREN KUNNEN REEDS VANAF HET KLEUTERONDERWIJS EEN VERTROUWENSPERSOON HEBBEN DIE HEN INDIVIDUEEL OPVOLGT EN INDIEN NODIG BEGELEIDT. DIT GEBEURT MET EEN UITGESPROKEN AANDACHT VOOR HET ZELFVERTROUWEN VAN KIND. DEZE VERTROUWENSPERSOON IS IEMAND WAAR ZE OP VRIJWILLIGE BASIS NAAR TOE KUNNEN EN DIE KENNIS HEEFT OVER EN INZICHT IN (DE BINNENKANT VAN) ARMOEDE.
Indien de kleuterjuf of de leerkracht van het basisonderwijs daar ook de nodige vorming over gehad hebben, en meer tijd hebben voor hun leerlingen, (minder kinderen in de klas), kunnen ook zij die taak op zich nemen.


1.1.2 Kansen krijgen, competenties opbouwen…

De uitsluiting die kinderen in armoede in hun kindertijd en jeugdjaren ervaren heeft verschillende gezichten. Niet enkel op vlak van intellectuele ontwikkeling, op studievlak, maar eveneens wat betreft hun algemene ontwikkeling. Veel ontplooiingskansen worden hen nog ontzegd, denken we bijvoorbeeld aan sport en cultuur. Het onderwijs zou ook daar een antwoord op kunnen en moeten bieden. De sociale vaardigheden kunnen vanuit de school verder ontwikkeld worden, door een netwerk uit te bouwen, en zo het isolement waar kinderen in armoede vaak in vertoeven te doorbreken. Het concept ‘brede school’ maakt het volgens ons mogelijk dergelijke kansen vanuit de school te bieden. Uniek hierbij is dat er domeinoverschrijdend gewerkt wordt, wat essentieel is voor armoedebestrijding. De ‘proeftuinen’ die in dit verband in Vlaanderen gestart zijn kunnen hier een bijdrage aan leveren, hiermee experimenteren. We stellen echter vast dat bij geen enkele proeftuin een vereniging waar armen het woord nemen betrokken is, en daartoe ondersteund wordt. Dit is een gemiste kans.


ACTIE 2: OPRICHTEN, UITBOUWEN EN ONTWIKKELEN VAN ‘BREDE SCHOLEN’, DE VERENIGINGEN WAAR ARMEN HET WOORD NEMEN HIERBIJ BETREKKEN EN DAARTOE ONDERSTEUNEN6.
Nog steeds zien we dat kinderen van mensen in armoede weinig begeleid worden in het maken van een goede studiekeuze. Ze komen nog steeds te vaak in het buitengewoon onderwijs terecht, hoewel ze daar helemaal niet thuishoren. Dit doordat ze soms ondermaats scoren reeds bij de eerste testen, en de oorzaken ervan dikwijls rechtstreeks gerelateerd zijn aan hun thuissituatie, en niet aan hun intelligentie. We zien dat ze door hun precaire thuissituatie moeilijk kunnen presteren op hun niveau, zich onbegrepen voelen op school, niemand hebben waar ze bij terecht kunnen, hun moeilijkheden trachten te verdoezelen,… en afhaken. Zo creëren de jongeren dan ook vaak zogenaamde ‘problematische arbeidsattitudes’ en missen ze belangrijke competenties die noodzakelijk zijn om sterk te staan op de arbeidsmarkt.

We zien ook dat de inzet van ervaringsdeskundigen in het CLB vruchten aflevert. (voorbeeld good practice Leuven)


ACTIE 3: DE INZET VAN ERVARINGSDESKUNDIGEN IN HET CLB WORDT VERDER UITGEBREID.
ACTIE 4: ER WORDT MEER KENNIS OVER ARMOEDE IN DE SCHOLEN GEBRACHT. DIT ONDER ANDERE DOOR VORMING OVER ARMOEDE TE ORGANISEREN VOOR LEERKRACHTEN.

OOK DE AANWEZIGHEID VAN EEN ERVARINGSDESKUNDIGE IN DE SCHOOL KAN ZINVOL ZIJN, ONDER MEER ALS AANSPREEKPUNT VAN LEERLINGEN EN OUDERS IN ARMOEDE, BIJVOORBEELD OM SPIJBELGEDRAG TE PLAATSEN EN TE BESTRIJDEN.


Soms zien kinderen de positie van hun ouders als wat hun te wachten staat. Ze zien weinig perspectief, wat een enorm negatief effect heeft op hun motivatie. Vandaar dat het van belang is dat kinderen op jonge leeftijd begeleid en ondersteund worden in het maken van studiekeuzes. Het is eveneens van belang dat ze, voor ze de stap naar de arbeidsmarkt moeten zetten, ook op school alle informatie ontvangen over mogelijke keuzes, de weg die ze daartoe moeten afleggen, de beurzen en andere financieringsmogelijkheden die voor handen zijn om verder te studeren. Verder moeten ze de diverse arbeidsgerelateerde instanties en hun taken leren kennen, leren solliciteren,...
ACTIE 5: IN HET SECUNDAIR ONDERWIJS WORDT EEN ORIËNTATIEMODULE GEGEVEN, ALSOOK EEN UITGEBREID INFORMATIEPAKKET ROND TEWERKSTELLING, DIENSTEN EN MOGELIJKHEDEN, EN ARBEIDSMARKTGERICHTE VAARDIGHEDEN WORDEN AANGELEERD.


1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   14


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina