Vrije Universiteit Brussel



Dovnload 0.84 Mb.
Pagina20/25
Datum22.07.2016
Grootte0.84 Mb.
1   ...   17   18   19   20   21   22   23   24   25

Hoe kijken Kunstbende-jongeren naar de verschillende types kunst?

  1. Hoe staan Kunstbende-jongeren tegenover het onderscheid hoge en lage cultuur?


De houding van jongeren ten opzichte van hoog- en laagcultuur biedt enerzijds inzicht in hun visie tegenover cultuur en vertelt anderzijds meer over hun mogelijk omnivoor cultuurgedrag. King Kong, een webtelevisie die verslag maakt van culturele evenementen, klampte op straat een aantal jongeren aan met de vraag wat zij onder cultuur verstaan. Een opvallend antwoord was:

Het is moeilijk om zo te zeggen. Je moet dat onder de grote en de kleine k zien.’ 315


Uit de reactie van deze Kunstbende-respondenten blijkt dat ook zij een onderscheid maken tussen zogenaamde ‘hoge’ en ‘lage’ cultuur. Sommige jongeren, zoals Barbara De Wit en Jeroen Pollentier, zijn daarin zeer overtuigd, terwijl anderen toch iets meer genuanceerd zijn in hun standpunt. Voor Barbara De Wit draait cultuur vooral om podiumkunsten, maar ook film valt daaronder. Maar, zegt ze, film is toch een beetje anders, omdat dat meer commerciëler gericht is.

De Amerikaanse film is voor mij niet echt cultuur, omdat dat gewoon is om een zo groot mogelijk publiek te bereiken. In zo van die Spaanse films zit dan meer inhoud.’ 316



Dit geldt niet enkel in film, meent Barbara, met muziek is het ook zo. Als voorbeeld haalt ze Werchter aan. Ook in theater, geeft Barbara toe, draait het om geld. Hier wijst ze Music Hall aan als typerend. Volgens Barbara wil Music Hall vooral veel geld willen verdienen. Haar voorkeur gaat eerder uit naar:
Zo van die kleine dingen, zoals Het Paleis, daar ga ik heel dikwijls naar toe. Dus echt theater, niet van die grote opgezette dingen in de stadsschouwburg.’ 317
Zelf volgt Barbara de opleiding podiumkunsten aan het RITS, bijgevolg rijst de vraag of haar denigrerende houding op populaire cultuur invloed zal hebben op haar eigen creaties en op de doelgroep die ze voor ogen houdt.
Jeroen Pollentier zegt niet echt een onderscheid te maken tussen verschillende types cultuur. De cultuur die hij interessant vindt, noemt hij cultuur met de grote K en alle overige cultuurvormen ziet hij als cultuur met een kleine k. Althans dat is wat hij zegt, want even later doet Jeroen toch een aantal uitspraken, waaruit blijkt dat hij wel een duidelijk verschil ziet tussen bepaalde cultuurvormen. Af en toe vindt hij die VT4-toestanden leuk, maar als het om cultuur gaat dan denk hij toch aan iets anders.
Cultuur. Ja, niet Big Brother of zo van die toestanden. Als ik een voorbeeld moet geven: Fawlty Towers, Allo âllo, zo van die dingen.’ 318
Met cultuur bedoelt hij programma’s die hoogstaander zijn en wat meer intellectuele ontspanning bieden. Uit deze en voorgaande uitspraken blijkt dat deze respondenten toch een sterke voorkeur hebben voor de zogenaamde hoge cultuur en erg afwijzend staan ten opzichte van commerciële en meer populaire cultuuruitingen. Wat niet bepaald een open en tolerante houding van cultuur aanmoedigt.
De andere respondenten zijn niet zo overtuigd van een verschil tussen hoge en lage cultuur. Tanja Billiard begrijpt het onderscheid wel, maar vindt het toch wat elitair. Het is voor haar nogal tegenstrijdig:
Langs de ene kant vind ik dat onderscheid wel belachelijk, terwijl het er wel is om mijn interesse aan te duiden: de grote namen, een echt museum bezoeken of galerij, een lezing, toneel. Dat zijn de dingen die ik liever doe.’ 319
Maarten Lauwaert is van mening dat er sowieso een onderscheid is, want anders zou er niet zo’n prijsverschil zijn. Wel is hij er niet van overtuigd of je grofweg kan stellen: er is kunst en er is Kunst.320 Ook Ilse Ghekiere vindt het gevaarlijk om te zeggen of er kunst met of zonder een hoofdletter is. Zij legt de link naar Kunstbende, wat volgens haar een open evenement is dat veel mensen bereikt en waar iedereen de kans krijgt. Dit is echter niet in overeenstemming met de ervaring van Maarten Lauwaert. Hij meent dat alle Kunstbende-deelnemers nogal alternatieve mensen zijn. Bert Van de Casteele treedt hem hier in bij, hij heeft het over de kleurtjes, de stretchie t-shirts en de aparte kledij.321
Volgens Maarten kom je niet bij Kunstbende terecht als je niet al van te voren van cultuur geniet. Hij ziet dan ook twee werelden: enerzijds de Kunstbende-denkenden, wat hetzelfde is als cultuurdenkenden, anderzijds de non-Kunstbende-denkenden of niet-cultuurdenkenden. Ilse Ghekiere maakt dat onderscheid niet, wel ziet ze binnen Kunstbende zelf, meer bepaald tussen de verschillende categorieën, een aantal verschillen. Het is raar om te zeggen, geeft Ilse toe, maar al van bij het begin dat ze aan de wedstrijd meedeed, voelde ze zich een buitenbeentje in de categorie dans.
Ik vind echt alle categorieën zo expressief, dat zijn echt mensen die dat met hun ziel doen. En dans, dat vind ik echt spijtig, dat is zoiets lager. Ik vind dat zo’n beetje: ja, ik heb dat al gezien in de clips.’ 322
Ook dit zijn twee houdingen die niet echt getuigen van een omnivoor cultuurgedrag. Aansluitend op het onderscheid dat Ilse ervaart, heeft Maarten Lauwaert een anekdote uit zijn eerste Kunstbende-jaren. Alice, een meisje dat op de middelbare school van Sint-Lucas zat, vond dat Kunstbende verziekt zou worden door mensen zoals Maarten die niet op kunsthumaniora zitten. Maarten verklaart het nader:
Ze bedoelde daarmee: ik doe kunsthumaniora, dus ik heb het recht om daar mee bezig te zijn en gij niet.’ 323

Dat is net wat Kunstbende wil vermijden. Het is juist een wedstrijd die open staat voor iedereen. Zij richt zich in de eerste plaats tot de niet-georganiseerde jongeren, zowel jongeren die nog nooit eerder met kunst en cultuur in aanraking kwamen als jongeren die er meer vertrouwd mee zijn. 324 Het is dus helemaal niet de bedoeling een wedstrijd te zijn, zoals deze Alice meent, voor leerlingen of studenten van een kunstopleiding.



      1. Hoe kijken Kunstbende-jongeren naar de doorsnee jongeren?


Uit één van de filmpjes die op King Kong te zien zijn, is het volgende citaat gehaald en voorgelegd aan de Kunstbende-respondenten.
Ze zouden het (cultuur) alleen wat interessanter moeten maken, zodat je wat meer kan opbrengen om naar cultuur te gaan.’ 325
Uit het antwoord op deze vraag is de visie van de respondenten op hun leeftijdsgenootjes af te leiden. De meeste respondenten antwoordden nogal verontwaardigd. Bram Lagaest begreep het niet:

Interessanter maken, dat is bullshit. Is het niet spectaculair genoeg? (…) Waarom niet? Waarom zaagt iedereen altijd over het aantrekkelijk maken?’ 326


Bram begrijpt niet goed wat die jongeren bedoelen als ze zoiets zeggen. Hij legt de link naar films met Schwarzenegger, waarin geweld het geheel interessant moeten maken. Volgens hem wordt vandaag bijna alles aantrekkelijk gemaakt met ‘sex, drugs and violence’. Ilse Ghekiere gelooft dat mensen liefst niet te veel nadenken. Volgens haar wordt theater niet cool bevonden, omdat het te veel vragen stelt, althans in de hoofde van de doorsnee jongeren. ‘Jongeren’ willen met volle teugen van het leven genieten. Maar, zegt Ilse, het is net cultuur die je doet beseffen dat er veel meer nodig is in het leven.327 Ook Julio Lopes weet niet goed wat hij hoort:
Interessanter maken? Die jongeren, dat zeggen ze niet allemaal, denk ik.’ 328
Hiermee maakt Julio duidelijk dat hij zelf niet tot alle jongeren behoort en zo wordt nogmaals bevestigd dat Kunstbende-jongeren een zeer specifieke en selecte groep zijn binnen de jongerencultuur.
Bij het horen van de uitspraak kaatst Thomas Mortier de bal terug in het kamp van ‘de jongeren’ door er op te wijzen dat ze in zo weinig dingen geïnteresseerd zijn. Volgens hem gaan dan ook heel wat goede dingen verloren, omdat ze door niemand gezien worden. Hij haalt het voorbeeld aan van een balletvoorstelling die hij in schoolverband bezocht. Zelf vond hij het nog mooi en goed om naar te kijken, maar zijn klasgenootjes waren niet geïnteresseerd:

Iedereen zat te lachen en te babbelen. Dat interesseert hen niet. Als ze daar nu drie moderne danseressen zetten die in hun blote tieten dansen, dan gaan ze het wel wijs vinden.' 329


Maarten Lauwaert geeft Thomas zeker geen ongelijk. Ook hij ervaart dat het altijd een minderheid is die graag naar theater gaat.
Dat valt niet op als je op Kunstbende zit of als je op De Nachten zit, maar wel als je in de klas zit.’330
Zo moest hij voor school eens een theaterverslag schrijven. Voor Maarten, de kans om nog eens voorstelling mee te pikken, voor zijn klasgenootjes eerder een vervelende opdracht.
Toen zijn er twee groepjes naar een stuk geweest waar onze leerkracht godsdienst de hoofdrol speelt. Onze leerkracht godsdienst is gene goeie acteur. (…) Ze dwingen u niet echt, maar je krijgt eens de kans om naar iets deftig te gaan en dan ga je daar naar toe.’ 331
De smaak van zijn klasgenoten heeft Maarten ondertussen helemaal onder de knie. Samen met een vriend vormt hij de kern van de cultuurgroep op school, maar van de hele platte cultuur, zegt hij zelf. Een uitspraak die aantoont dat Maarten er nogal een elitaire cultuurhouding op nahoudt. Zij staan in voor het organiseren van een aantal culturele activiteiten.
We hadden een free podium. Je kunt dat niet echt hoogstaand noemen. We doen dat om het volk zo’n beetje te amuseren. De kindjes op school gelukkig te houden. (…) We proberen er zoveel mogelijk humor in te brengen. En eigenlijk naar het volk toe werken. Het is een trapje lager, maar ik vind het wel tof.’ 332

      1. Moeten jongeren aan kunst en cultuur deelnemen?


Een aantal Kunstbende-respondenten vraagt zich af of alle jongeren aan kunst en cultuur moeten deelnemen. Tanja Billiard vertelt dat ze op de Luchtbal in Antwerpen woont. De gemiddelde Luchtbaljaan, zegt ze, kijkt liever naar een voetbalmatch en naar het Eurosongfestival.
Als je het allebei bekijkt, dan is het allebei even veel cultuur. Als zij liever dat willen zien, dan is dat voor mij ook goed.’ 333
Ook Ilse Ghekiere weet niet goed of jongeren verplicht moeten worden om naar cultuur te gaan. Zij wijst er op dat ieder zijn eigen smaak heeft. Wel is ze van mening dat het allemaal richtingen zijn die je moet leren kennen en daarom eens moet uitproberen. Hiermee sluit Ilse aan bij het positieve vrijheidsidee van Hans Blokland, die meent dat mensen pas een reële keuze kunnen maken, nadat ze alle keuzemogelijkheden kennen. Volgens Ilse Ghekiere moeten jongeren iets meer lef hebben om culturele activiteiten te bezoeken.
Het is gewoon er naar toe gaan en blijven gaan. Op een bepaald moment kom je wel een genre tegen dat je raakt.’ 334
Tanja Billiard en Maarten Lauwaert volgen Ilses mening. Tanja meent dat het gaat om een soort volharding: jongeren mogen niet meteen opgeven. Maarten begrijpt niet goed waarom jongeren kunst en cultuur niet interessant vinden, of toch:
Als je je er niet aan waagt. Als je er niet aan begint, dan kan je het ook niet begrijpen.’ 335
Bert Van de Casteele stemt in met Maartens mening. Volgens hem moeten jongeren dan ook gepusht worden naar kunst, zodat ze er eventjes van proeven en hopelijk komen ze zo iets tegen dat hen boeit. Jeroen Pollentier gelooft, net als Ilse Ghekiere, dat het enerzijds afhangt van de persoonlijke smaak van jongeren, anderzijds, zegt hij, kan ik deze jongeren wel begrijpen. Volgens hem is cultuur vandaag een beetje saai voor jongeren.
De dichters van deze tijd, zoals Leonard Nolens, het is maar niets van deze tijd. Het is heel veel zwaarmoedig. Het is te veel in een andere wereld. Te veel literair en filosofisch. En dat is, denk ik, meer voor oudere mensen.’ 336

      1. Moeten kunst en cultuur zich aanpassen aan het jongerenpubliek?


Of kunst en cultuur zich moet aanpassen aan het publiek, daarover zijn deze respondenten het niet met elkaar eens. Het gaat dan ook om één van de moeilijke kwesties van het cultuurparticipatiedebat: de kunsten naar het publiek brengen of het publiek naar de kunsten leiden. Piazza dell’Arte, een kunsteducatieve organisatie die toch al enige ervaring heeft opgebouwd in het werken met jongeren en cultuur, vertelde eerder resoluut te kiezen voor de kunsten naar de jongeren te brengen.
Maarten Lauwaert en Tanja Billiard zijn tegen de aanpassing van de kunsten voor het publiek, terwijl Jeroen Pollentier duidelijk een voorstander is. Cultuur interessanter maken, dat is voor Maarten eigenlijk commercialisering. En commerciële hoogtepunten zijn, volgens hem, meestal ook simpeler. Ook Tanja is van mening dat men aan kunst en cultuur zelf niet te veel moet raken. Het is immers iets wat je niet moet opdringen.337

In tegenstelling tot Maarten en Tanja is Thomas Mortier niet duidelijk voor of tegen. Hij wikt en weegt en komt tot de vaststelling dat aan beide kanten voor- en nadelen verbonden zijn. Door ervaring op school weet hij dat jongeren zo weinig geïnteresseerd zijn in culturele activiteiten. Misschien dat kunst zich daarom zou moeten aanpassen aan het grote publiek. Maar, bedenkt Thomas dan:


Als je ziet wat aanpassen aan een groot publiek geeft. Het wordt dan vaak iets plat. Als je naar TMF en MTV kijkt, daar gaan ze voor een groot publiek, maar veel boodschap zit er niet in. Als iedereen zich zou aanpassen aan het grote publiek, dan wordt het toch wat plat.’ 338
Dat er aan de kunst en cultuur van vandaag iets moet veranderen, daar is Jeroen Pollentier van overtuigd. Het is te veel een andere wereld. Volgens hem interesseert kunst jongeren zo weinig, dat er verandering moet komen. Hoe dat moet gebeuren, weet hij zeer goed. Cultuur moet iets zijn, waarin jongeren zichzelf herkennen.
Ik denk dat cultuur meer op de leefwereld van jongeren gericht moet worden. De eigen leefwereld, eigen problemen, eigen manier van spreken; dat is interessant.’ 339
Kortom, herkenning, dat is waar jongeren behoefte aan hebben. Zelf probeert hij dat in zijn eigen werk ook te doen.
Mijn publiek is tussen vijftien en twintig. Daar moet ik ook niet beginnen ‘als ik op pensioen ben’. Ik spreek over vrouwen en plezier maken in onze wereld.' 340

      1. Hoe kijken Kunstbende-jongeren naar de verschillende types kunst: samenvatting


Deze memo wil nagaan of Kunstbende-jongeren verschillende types kunst en cultuur onderscheiden. Een diepere blik op de mening van deze jongeren rond hoge en lage cultuur toont dat de meeste respondenten zo’n onderscheid toch nuanceren. Wel is uit de meeste interviews af te leiden, dat de voorkeur van de meeste respondenten uitgaat naar de ietwat hogere cultuur.
Slechts twee van deze Kunstbende-jongeren zijn iets radicaler in het maken van een onderscheid in kunst en cultuur. Zo is Barbara De Wit van mening dat film, althans de Amerikaanse film, toch een andere soort cultuur is, omdat dat iets commerciëler gericht is. Ook bij andere cultuurvormen maakt ze een onderscheid tussen voorstellingen waar de inhoud vooraan staat en voorstelling die in de eerste plaats veel geld willen opbrengen. Hoewel Jeroen Pollentier het onderscheid op zijn eigen manier interpreteert, erkent hij ook de klassieke tweedeling. 341 Zo wijst hij er immers op dat Big Brother niet echt cultuur is. Programma’s, zoals Fawlty Towers en Allo âllo, zijn iets hoogstaanders en bieden daarom volgens hem wat meer intellectuele ontspanning. Toch kan hij ‘die VT4-toestanden’, zoals hij dat noemt, ook wel smaken. De andere respondenten zien wel een verschil tussen de verschillende types cultuur, maar vinden het nogal elitair en gevaarlijk om dat zo cru te stellen. Maarten Lauwaert wijst daarvoor op het prijsverschil tussen verschillende cultuurgenres.
Of Kunstbende zich richt tot een bepaald cultuurtype, dat denkt Ilse Ghekiere niet. Zij vindt deze wedstrijd net zo’n goed initiatief, omdat het een open evenement is. Maarten deelt die mening niet met haar. Volgens hem trekt Kunstbende een bepaald type mensen aan. Het is Kunstbende niet die hen overtuigt van het leuke van kunst en cultuur. Nee, deze mensen staan, al voor ze aan de wedstrijd deelnemen, op dezelfde lijn met de Kunstbende-organisatoren. Ook Bert Van de Casteele komt op Kunstbende, soms tot grote ergernis, vooral één soort mensen tegen: de kleurtjes, de stretchie t-shirt en de aparte kledij.
Hoewel Ilse Ghekiere Kunstbende ervaart als een erg open evenement, ziet ze binnen Kunstbende toch verschillen. De categorie dans springt er voor haar altijd iets minder uit. Van wat Ilse daar ziet, heeft ze vaak het gevoel dat ze het al eerder zag in clips.
De lage instapdrempel die Kunstbende voor ogen houdt, kom hiermee in het gedrang. Het zijn inderdaad eerder jongeren zijn die al vertrouwd zijn met kunst en cultuur die zich inschrijven. Wil Kunstbende ook andere jongeren bereiken, moeten ze hun communicatiestrategie aanpassen. Een mogelijkheid zou zijn dat ze niet zozeer de nadruk leggen op de kunst, maar eerder op het creëren van een eigen ding: bouwen.
Toch zijn de meeste respondenten er niet van overtuigd dat iedereen aan kunst en cultuur moet deelnemen. Iedereen heeft zijn eigen smaak, geven de respondenten toe, maar toch vinden ze dat jongeren gepusht moeten worden om eventjes van cultuur te proeven.
Kunst en cultuur veranderen om jongeren er sneller naar toe te lokken, daarover verschillen de meningen van deze Kunstbende-jongeren. Verschillende jongeren geloven dat aanpassen, leidt tot commercialisering en het ontstaan van een platte cultuur. Opvallend is dat Jeroen Pollentier een enorme voorstander is van het veranderen van de huidige kunst en cultuur. Vandaag, zegt hij, is het nogal saai voor de jongeren. Als het aan hem ligt, zou cultuur veel dichter moeten aansluiten bij de leefwereld van jongeren, zodat ze zichzelf erin kunnen herkennen. Zelf tracht hij dat dan ook te doen in zijn eigen teksten.



1   ...   17   18   19   20   21   22   23   24   25


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina