Wat is een goed voorbeeld van een leisure-element? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk



Dovnload 34.04 Kb.
Datum24.08.2016
Grootte34.04 Kb.

De beste locatie 2

  1. Wat is een goed voorbeeld van een leisure-element? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.


daghoreca

bibliotheek

voelbare historie

de ABC-formule

goede openbaarvervoerverbinding

een gevarieerd branchepatroon

betaalbare parkeerplaatsen
  1. Welk leisure-element past het best in welk winkelgebied?


    • wijkwinkel-centrum met 9.000 m2 winkelsFout. Een bibliotheek is vooral aantrekkelijk voor een redelijk klein centrum waar je komt voor je dagelijkse boodschappen. Goed. Een bibliotheek voor het verzorgingsgebied versterkt de aantrekkelijkheid, vooral van een niet al te groot winkelcentrum. : bibliotheek

    • stadsdeel-centrum met 25.000 m2 winkelsFout. Uitgaansgelegenheden voor de avond zijn vooral aantrekkelijk in een stad. Goed. Weten dat je er leuk uit kunt gaan, draagt bij aan de aantrekkelijkheid van een stad(sdeel). : avondhoreca aan de rand

    • non-foodcentra met 80.000 m2 winkelsFout. Fastfood is natuurlijk op veel plekken een publiekstrekker, maar vooral bij de wat grotere centra. Streep eerst de andere mogelijkheden af. Goed. Als je in een afgezonderd winkelcentrum aan het shoppen bent, wil je ook snel een hapje kunnen eten. : fastfood-restaurant

    • dorpswinkel-centrum met 800 m2 winkelsFout. Een pleintje kan in veel centra een aantrekkelijk leisure-element zijn. Maar als je de rest wegstreept, kom je er wel uit. Goed. Zo’n gezellige plek vlak bij de winkels is de plek om even bij te praten in een dorp. : gezellig pleintje
  2. De winkelformule heeft invloed op de keuze van de vestigingsplaats.Wat is een voorbeeld van welk element van de winkelformule?


    • winkel-positioneringFout. Dit heeft ermee te maken in welk deel van de markt de winkel zich plaatst ten opzichte van de andere winkels. Goed. De winkelpositionering houdt in op welk deel van de markt de winkel zich richt ten opzichte van de andere zaken. Je kiest doorgaans geen vestigingsplaats vlak bij een zaak die zich precies hetzelfde positioneert: je treft meestal geen twee goedkope drogisten tegenover elkaar. : onderkant van de markt

    • doelgroepFout. Het gaat hier om een specifiek deel van het totaal aan consumenten. Goed. Als je je richt op deze doelgroep, moet je zorgen dat je je vestigt op een plaats waar veel van deze mensen komen. : trendsettende mannen van 20-30 jaar

    • assortimentFout. Dit heeft te maken met het aanbod aan producten. Goed. Wie een zo gespecialiseerd assortiment aanbiedt, kan zich het best vestigen op een plaats waar veel mensen komen. : smal en diep
  3. Welk soort winkel heeft het grootste verzorgingsgebied nodig? Zet deze bovenaan en zo verder.Zet in de juiste volgorde.


    1. wildwaterkano-verkoper

    2. baby-kamer inrichting

    3. lingerie-zaak

    4. bouwmarkt

    5. goedkope drogist
  1. Een ondernemer die overweegt of hij zich ergens wil vestigen, blijven of verhuizen, weegt verschillende factoren tegen elkaar af. Of een bepaalde omstandigheid een reden is om te komen, of juist te gaan, kan per ondernemer verschillen. Wat is de betekenis van de verschillende factoren?


    • push-factorenFout. Je moet hier kiezen tussen reject en push. Goed. Pushen betekent ‘wegduwen’. Push-factoren zijn bijvoorbeeld stijgende huurprijzen, vervelende hangjongeren, achteruitgang van de buurt. : zetten de ondernemer aan om de plaats te verlaten

    • pull-factorenFout. Je moet hier kiezen tussen keep en pull. Goed. Pull betekent ‘aantrekken’. Denk bij pull-factoren aan een nieuwbouwwijk, de aanwezigheid van klantaantrekkende winkels of een historische sfeer. : trekken de ondernemer aan om zich te vestigen

    • keep-factorenFout. Je moet hier kiezen tussen keep en pull. Goed. Keep betekent ‘vasthouden’. Voorbeelden van keep-factoren zijn een kooppand, een vaste klantenkring of een langdurig huurcontract met hoge opzegclausule.Een ander woord hiervoor is retain-factor. : houden de ondernemer vast om gevestigd te blijven

    • reject-factorenFout. Je moet hier kiezen tussen reject en push. Goed. Reject betekent ‘afwijzen’, ‘verwerpen’. Een reject-factor bij vestiging is bijvoorbeeld een slechte ligging, onvoldoende vloeroppervlak, slechte bevoorradingsroute voor de distributeurs. Een ander woord hiervoor is object-factor. : maken dat de ondernemer een mogelijke vestiging afwijst
  1. Een ondernemer overweegt of dit terrein een geschikte vestigingsplaats is voor een grote bouwmarkt. De ligging op een bedrijventerrein lokt hem wel aan. De grondprijs is echter erg hoog.Welke factoren spelen een rol bij zijn overweging?


pull- en reject-factoren

pull- en push-factoren

object- en reject-factoren

keep- en push-factoren
  1. Wat is de inhoud van een Distributie-Planologisch Onderzoek?


Hierin is onderzocht wat het gewenste branchepatroon is voor een winkelcentrum in relatie met grootte en samenstelling van het verzorgingsgebied.

Hierin is onderzocht wat de huidige branchesamenstelling van een winkelcentrum is gerelateerd aan de grootte van het verzorgingsgebied.

Hierin staan op basis van de Winkelkaart van Nederland de gegevens over de omvang en samenstelling van het verzorgingsgebied uitgewerkt.

Hierin is in opdracht van de gemeente of een projectontwikkelaar het verzorgingsgebied en het omzetpotentieel geanalyseerd.
  1. Welke vraag zou deel uit kunnen maken van juridisch onderzoek voor een vestigingsplaatsonderzoek?Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.


Mag vestiging volgens het bestemmingsplan?

Wanneer wordt het bestemmingsplan gewijzigd?

Geldt er recht van overpad op het eigen terrein?

Welke gemeentelijke voorschriften gelden er voor winkeliers?

Worden er landelijke juridische eisen gesteld aan het voeren van de bedrijfsadministratie?

Moet je een rechtsbijstandsverzekering afsluiten nu je een eigen zaak gaat beginnen?

Wat is de hoogte van de gemeentelijke heffingen?
  1. Wat is een goed geformuleerde probleemstelling voor een concurrentieonderzoek?


Welke concurrenten zitten er in een straal van 5 km rond mijn vestigingsplaats? Wat zetten zij om? Hoe is hun assortiment opgebouwd? Wat is hun positionering? Op welke doelgroep richten zij zich?

Kom zoveel mogelijk te weten over de concurrentie in een straal van 5 km rond mijn vestigingsplaats.

Welke acties zet de concurrentie in gang om een zo groot mogelijke omzet te maken het komende najaar?

Verzamel alle gegevens over de concurrentie bij het HBD, het EIM, de KVK, de vakbladen en de brancheorganisatie.
  1. Wat is een geoorloofde manier om gegevens over de concurrentie te verzamelen? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.


het achterhalen van folders, brochures, advertenties en jaarverslagen van de concurrentie

het achterhalen van publicaties over de concurrent

in de winkel van de concurrent rondkijken om te zien hoe zaken worden aangepakt

het voeren van gesprekken met medewerkers van de concurrentie

het achterhalen van pr- en marketingplannen van de concurrentie via een bevriende gezamenlijke relatie
  1. Bij het beoordelen van de sterke en zwakke punten van de concurrentie, houd je hun marketingmix tegen het licht. Welk beoordelingspunt hoort bij welke ‘P’ uit de marketingmix?


    • plaatsFout. De bevoorrading is direct afhankelijk van de locatie. Goed. Als je hier een zwak punt van de concurrent in ontdekt, kun je proberen hier voor jou een sterk punt van te maken. : bevoorradings-mogelijkheid

    • productFout. Of de klant kan kiezen uit diverse merken, heeft met het assortiment te maken. Goed. Goed. Als je merkt dat de klant bij de concurrent maar weinig te kiezen heeft, of niet de juiste merken in jouw ogen, kun je proberen hier voor jou een sterk punt van te maken. : keuze-mogelijkheid merken

    • prijsFout. Of de producten hun geld waard zijn, heeft te maken met de prijsstelling. Goed. Dit is een van de beoordelingspunten wat betreft de prijsstelling van de concurrent. : waar voor je geld

    • personeelFout. Of de bediening vlot en handig is, servicegericht en vriendelijk, heeft alles te maken met de mensen die er werken. Goed. Mocht dit een sterk punt zijn van de concurrent, dan zul je daar je positie in moeten bepalen. : snelle bediening

    • promotieFout. Of die aanbiedingen al of niet aantrekkelijk zijn, hangt samen met het gekozen reclamebeleid. Goed. Ook aanbiedingen zijn, net als advertenties en publiciteit een deel van het promotie-beleid. : aanbiedingen
  1. Om een vestigingsplaats te kunnen beoordelen moet heel wat onderzoek worden gedaan. Welke onderzoeksvraag hoort bij welk soort onderzoek?


    • keuze winkelgebiedFout. Leisure-elementen maken het ene winkelcentrum aantrekkelijker dan het andere. Goed. In een vestigingsplaats zijn er vaak meerdere winkelgebieden. Dan kan het van de leisure-elementen afhangen welk winkelgebied het aantrekkelijkst is. : Zijn er voldoende aantrekkelijke leisure-elementen?

    • keuze vestigingsplaatsFout. In de ene regio hebben mensen meer vrij te besteden dan in de andere regio. Goed. De bevolking in het verzorgingsgebied van de vestigingsplaats moet financieel in staat zijn om de producten te kunnen bekostigen. : Sluit de winkelformule aan op de koopkracht?

    • concurrentie-onderzoekFout. Deze winkels zouden jouw vestiging dan beconcurreren. Goed. Meestal bekijk je voor concurrentie-analyse de winkels binnen dezelfde branche. Door branchevervaging kan het echter nuttig zijn ook naar winkels te kijken die soortgelijke producten verkopen, maar van een andere branche zijn. : Hoeveel winkels uit dezelfde branche zitten er?

    • winkelformule van de concurrentFout. De marketingmix, dat zijn de 6 P’s. Goed. Door de winkelformule van de concurrentie tegen het licht te houden, zie je waar de kansen liggen. : Wat zijn de sterke en zwakke punten in de marketingmix?

    • DPOFout. Gewenst is hier gezien vanuit de ogen van de gemeente of projectontwikkelaar. Goed. In zo’n distributie-planologisch onderzoek zoekt de gemeente of projectontwikkelaar uit wat voor soort detailhandel in die gebied wenselijk is. : Wat is het gewenste branche-patroon?
  1. Bij het beoordelen van winkelpanden is het vloeroppervlak van groot belang. In advertenties worden daarbij oude en nieuwe termen door elkaar heen gebruikt.Wat is het grootste vloeroppervlak?


BVO

WGO

WVO

VVO
  1. Hoe hoog mag de huur of het netto aflossingsbedrag van de hypotheek bedragen voor een winkelpand?


maximaal 4% van de omzet

maximaal 2% van de omzet

maximaal 6% van de omzet

maximaal 8% van de omzet
  1. Welke uitspraken over de bereikbaarheid van een winkel zijn waar?Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.


Een speciaalzaak in non-food heeft een groter verzorgingsgebied dan een supermarkt.

Het is mede afhankelijk van het assortiment hoe dichtbij de consument de auto wil parkeren.

In autovrije gebieden kunnen de transportkosten voor detailhandelaars hoog oplopen.

Als de consument een kleine afstand moet afleggen voor eerste levensbehoeften, is de infrastructuur rond die winkel van groot belang.

Autovrije gebieden zijn een uitkomst voor de winkelier.

Een autovrijgebied heeft geen gevolgen voor de bereikbaarheid van de winkel door de leverancier.
  1. Consumenten met een auto willen het liefst voor de deur parkeren. Voor welk van de bovenstaande winkels is directe parkeergelegenheid echt cruciaal? Zet deze bovenaan. Zet de zaak waarvoor directe parkeergelegenheid het minst belangrijk is, onderaan. Zet in de juiste volgorde.


    1. afhaalmagazijn van een witgoedgigant

    2. middelgrote bouwmarkt

    3. lage prijzen supermarkt

    4. meubelzaak met bezorgservice

    5. buurtsupermarkt

    6. slagerij
  1. Een ondernemer overweegt vestiging van een supermarkt in een winkelcentrum in een nieuwbouwwijk. Op 250 meter afstand ligt een middelbare school. Hoe beïnvloedt dit de kwaliteit van de vestigingsplaats?


Negatief. De kans is groot dat scholieren tussen de lessen door in het winkelcentrum rondhangen.

Neutraal. De school zorgt voor een toevloeiing in het verzorgingsgebied, maar kan ook een risicofactor zijn.

Positief. Een middelbare school betekent extra toevloeiing van klanten: scholieren en docenten die tussendoor boodschappen komen doen.

Niet. De school maakt gewoon deel uit van het verzorgingsgebied. Jongelui heb je overal.
  1. Patrick van Lammeren is projectleider bij projectontwikkelaar William Properties. Patrick is erg enthousiast over de ontwikkeling van het Piazza Centre in de Eindhovense binnenstad. Het gaat om een oud, deels leegstand gebouw pal naast De Bijenkorf. Daar bouwen we momenteel een prachtig nieuw winkelcentrum dat via een loopbrug verbonden is met de parkeergarage ernaast. We hebben inmiddels vrijwel alle units verhuurd aan grote modeformules zoals Zara, Mexx en Esprit. Deze retailers zochten ruimte en uitstraling die ze niet konden vinden in de bestaande winkelstraten. Ik ben er van overtuigd, dat deze combinatie van winkels extra publiek gaat trekken naar de Eindhovense binnenstad. Als je voldoende grote trekkers in de binnenstad houdt, verbeter je de levendigheid en vergroot je het winkelbezoek. Wat voor soort locatie biedt dit nieuwe Piazza Centre in Eindhoven?


een A-locatie

een B-locatie

een C-locatie

© 2014 | Noordhoff Uitgevers bv




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina