Welzijn op het werk



Dovnload 462.32 Kb.
Pagina1/9
Datum24.08.2016
Grootte462.32 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9


OPLEIDING RESIDENTIEEL ELEKTROTECHNISCH INSTALLATEUR

Referentiekaders:

WELZIJN OP HET WERK

Beroepsprofielen

(SERV, oktober 2004)


RESIDENTIEEL ELEKTROTECHNISCH INSTALLATEUR

Beroepsprofiel

(VORMELEK, juni 2007)
RESIDENTIEEL ELEKTROTECHNISCH INSTALLATEUR

Profiel


(SERV/VORMELEK, februari 2000)
De residentieel elektrotechnisch installateur voert ruwbouwwerkzaamheden uit in een residentiële omgeving zoals een woning, kleinhandelszaak, appartement, … Hij voert ruwbouwwerkzaamheden uit in functie van de elektrische installatie, monteert, installeert en sluit de residentiële installatie aan. Hij stelt de elektrische installatie in gebruik, spoort storingen op en verhelpt ze.
Doelen beroepsgerichte vorming
veilig, hygiënisch en milieubewust werken conform welzijn op het werk en de geldende regelgevingen zoals:

  • ergonomisch werken

  • economisch werken

  • producten, gereedschap, apparatuur, machines en arbeidsmiddelen volgens bedrijfs- en fabrikantenvoorschriften gebruiken

  • persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen gebruiken

  • storingen en afwijkingen aan materieel en materiaal melden

  • werkpost en directe omgeving volgens bedrijfsvoorschriften schoonhouden

  • voorschriften en instructies inzake veiligheid, hygiëne of milieu toepassen

  • afval en restproducten beperken en volgens wettelijke voorschriften sorteren en afvoeren


noodzakelijke houdingen voor de uitoefening van het beroep aannemen zoals:

  • klantgericht werken

  • met prioriteiten en stress omgaan

  • zin voor samenwerking tonen

  • op problemen anticiperen en adequaat reageren

  • opgelegde taken zelfstandig uitvoeren

  • nauwkeurig werken

  • op wisselende werkomstandigheden inspelen

  • discreet en respectvol handelen


functionele vaardigheden voor de uitoefening van het beroep toepassen zoals:

  • plannen en schema’s gebruiken

  • vereiste hoeveelheden en materiaal inschatten

  • dimensies berekenen

  • meetinstrumenten gebruiken

  • meetresultaten interpreteren

  • verbale en non-verbale communicatie toepassen

  • informatie selecteren en verwerken


eigen werkzaamheden organiseren

  • eigen werkzaamheden voorbereiden

  • eigen werkzaamheden uitvoeren

  • eigen werkzaamheden evalueren

  • eigen werkzaamheden bijsturen


ruwbouwwerk volgens ééndraads- en situatieschema voorbereiden

  • materiaal en materieel visueel controleren en gebreken melden

  • materiaal en materieel op de werf beschermen en opslaan

  • ladders plaatsen

  • ladders en stellingen gebruiken

  • installatie spanningsloos schakelen

  • apparatuur verwijderen

  • oude installatie demonteren


ruwbouwwerk volgens ééndraads- en situatieschema uitvoeren

  • leidingstracé uitzetten

  • markeringen volgens bouwplan aanbrengen

  • sleuven en uitsparingen in muren, wanden en vloeren kappen en slijpen

  • muren, (holle)wanden en vloeren doorboren

  • doorboringen met aandacht voor compartimentering afdichten


montagewerken voorbereiden

  • materiaal en materieel visueel controleren en gebreken melden

  • materiaal en materieel op de werf beschermen en opslaan

  • ladders plaatsen

  • ladders en stellingen gebruiken

  • installatie spanningsloos schakelen

  • apparatuur verwijderen

  • oude installatie demonteren


montagewerken bij inbouw volgens schema uitvoeren

  • buislengte en -diameter bepalen

  • buizen op maat brengen

  • buizen plooien

  • buizen aanbrengen

  • gaten boren

  • pluggen insteken

  • kleurafspraken voor geleiders toepassen

  • inbouwdozen en centraaldozen plaatsen

  • inbouwdozen en centraaldozen in holle wanden plaatsen

  • buizen bevestigen

  • sleuven dichtmaken

  • geleiders in buizen aanbrengen


montagewerken bij opbouw volgens schema uitvoeren

  • buislengte en -diameter bepalen

  • buizen op maat brengen

  • buizen plooien

  • gaten boren

  • pluggen insteken

  • buizen aanbrengen

  • geleiders in buizen aanbrengen

  • kleurafspraken voor geleiders toepassen

  • opbouwdozen plaatsen

  • kabels leggen en bevestigen

  • kabelgoten en hulpstukken monteren

  • kabels in buizen en kabelgoten aanbrengen

  • (spat)waterdicht materiaal plaatsen


installatiewerken volgens schema voorbereiden

  • materiaal en materieel visueel controleren en gebreken melden

  • materiaal en materieel op de werf beschermen en opslaan

  • ladders plaatsen

  • ladders en stellingen gebruiken

  • installatie spanningsloos schakelen

  • apparatuur verwijderen

  • oude installatie demonteren


installatiewerken volgens schema uitvoeren

  • kleurafspraken toepassen

  • schakelaars en contactdozen aansluiten en plaatsen

  • aansluitdozen aansluiten en plaatsen

  • verbindingen in centraaldozen uitvoeren

  • schakelaars uitmeten

  • afdekplaten en toetsen plaatsen

  • communicatievoorzieningen aansluiten en plaatsen

  • in vals plafond gaten aanbrengen

  • verlichtingsarmatuur plaatsen

  • voorschakelapparaat installeren

  • verlichtingsarmatuur aansluiten

  • verdelingen naar lichtpunten maken

  • railsystemen en hulpstukken monteren

  • railsysteem aansluiten

  • lampen aanbrengen

  • buitenverlichting aansluiten en plaatsen


verdeelbord volgens ééndraadsschema monteren aansluiten en plaatsen

  • verdeelkast ophangen

  • montageraam plaatsen

  • aardingssysteem aanbrengen

  • componenten en onderdelen in verdeelkast monteren

  • verbindingsrails plaatsen

  • differentiëlen onderling verbinden

  • schakeltoestellen bedraden

  • verdeelbord aansluiten

  • voedingskabel in verdeelkast invoeren

  • voedingskabel met hoofddifferentieel verbinden

  • draden bundelen

  • stroomkringen en componenten aansluiten

  • hoofdbeschermingsgeleider op de aardrail aansluiten

  • beschermkap plaatsen

  • stroomkringen en voedingsspanning etiketteren

  • aardingsonderbreker aansluiten en plaatsen

  • aardingslus aansluiten

  • equipotentiale verbindingen uitvoeren

  • spanningsloos uitmeten

  • aarding uitmeten

  • op kortsluiting controleren

  • functionele werking van componenten controleren

  • meterkast plaatsen

  • voedingskabel in meterkast plaatsen


inbedrijfstelling en storingen opsporen en verhelpen

  • stroomkringen spanningsloos uitmeten

  • stroomkringen systematisch op kortsluiting en functionering nameten

  • stroomkringen onder spanning brengen

  • verbruikers in werking stellen

  • verbruikers op eigen installatie testen

  • fouten en defecten aan eigen elektrische installatie opsporen en verhelpen


volgens bedrijfseigenprocedures functiegebonden administratieve taken uitvoeren

  • eigen werkzaamheden registreren

  • gebruikte goederen noteren

  • vakterminologie gebruiken

  • opvolgingsdocumenten beheren en invullen

  • ééndraads- en situatieschema “As-Built” aanpassen


OPLEIDING RESTAURATIEVAKMAN MEUBELEN

Referentiekaders:

WELZIJN OP HET WERK

Beroepsprofielen

(SERV, oktober 2004)


STOFFERING & HOUTBEWERKING

Beroepenstructuur

(SERV/OCH, januari 2002)
CONSERVATOR-RESTAURATEUR VAN MEUBELEN

Beroepsprofiel



(HIVA, Vlaams Centrum voor Ambacht en Restauratie 2000)
De restauratievakman meubelen voert de restauratie uit van (massieve) houten meubelen, met zichtbare en onzichtbare gebreken en beschadigingen, met respect voor de antieke waarde van het geheel. De vakman stemt zijn restaurerende handelingen af op de aanwijzingen van het onderzoeksrapport.
Doelen beroepsgerichte vorming
veilig, hygiënisch en milieubewust werken conform welzijn op het werk en de geldende regelgevingen zoals:

  • ergonomisch werken

  • economisch werken

  • persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen gebruiken

  • producten met gevaarlijke eigenschappen correct gebruiken

  • veiligheidsvoorschriften en -instructies inzake arbeidsmiddelen toepassen

  • afval en restproducten sorteren

  • gereedschap gebruiken

  • gereedschap reinigen


noodzakelijke houdingen voor de uitoefening van het beroep aannemen zoals:

  • met zin voor precisie werken

  • zin voor samenwerking tonen

  • doorzettingsvermogen tonen

  • in overleg werken

  • opgelegde taken zelfstandig uitvoeren


functionele vaardigheden voor de uitoefening van het beroep toepassen zoals:

  • dimensies meten en berekenen

  • meetinstrumenten gebruiken

  • technische tekening gebruiken

  • beroepsterminologie hanteren

  • informatie selecteren en verwerken


eigen werkzaamheden organiseren

  • eigen werkzaamheden voorbereiden

  • eigen werkzaamheden uitvoeren

  • eigen werkzaamheden evalueren

  • eigen werkzaamheden bijsturen

massieve houtsoorten en plaatmateriaal bewerken

  • massieve houtsoorten en plaatmateriaal selecteren

  • massief hout uitsmetten

  • plaatmateriaal optimaliseren

  • onderdelen paren en coderen

  • noodzakelijk gereedschap gebruiken zoals:

    • handgereedschap

    • controle- en afschrijfgereedschap

    • montage- en afwerkingsgereedschap

  • manuele bevestigingstechnieken toepassen

  • manuele schuur- en afwerkingstechnieken toepassen

  • een houtbeschermlaag en een afwerklaag manueel aanbrengen

  • constructie-elementen beschermen en opslaan


houtbewerkingen met handgedreven houtbewerkingsmachines uitvoeren

  • handgedreven houtbewerkingsmachines instellen en bedienen

  • massief hout en plaatmateriaal verzagen

  • massief hout en plaatmateriaal verspanen

  • verbindingen maken

  • niet-demonteerbare constructie-elementen vergaren

  • demonteerbare constructie-elementen voor vergaring voorbereiden

  • handgedreven houtbewerkingsmachines reinigen


massieve houtsoorten en plaatmateriaal bewerken en constructie-elementen met houtbewerkingsmachines maken

  • massief hout uitsmetten

  • plaatmateriaal optimaliseren

  • houtbewerkingsmachines instellen en bedienen

  • massief hout en plaatmateriaal verzagen

  • massief hout en plaatmateriaal verspanen en afschrijvingen aanbrengen

  • profileringen maken

  • eenvoudige verbindingen maken

  • kopse kanten profileren

  • uitsparingen voor beslag maken

  • niet-demonteerbare constructie-elementen voor vergaring voorbereiden

  • demonteerbare constructie-elementen voor vergaring voorbereiden

  • constructie-elementen schuren

  • constructie-elementen beschermen en opslaan

  • houtbewerkingsmachines reinigen


werkzaamheden in functie van restauratieproject voorbereiden

  • antieke meubels van namaak onderscheiden

  • meubelstijlen toepassen

  • uitvoeringstekeningen en rapporten gebruiken

  • uitvoeringstekeningen maken

  • materiaalstaat opmaken

  • materialen, grondstoffen en producten herkennen en selecteren

  • mallen maken

  • fineer selecteren en op maat brengen


meubel in functie van restauratieproject en volgens de heersende principes en deontologische/ethische codes in de erfgoedsector verstevigen en herstellen

  • oorspronkelijke toestand van het meubel respecteren

  • meubels reinigen

  • oppervlaktetoestand en constructie van het meubel controleren

  • methodes van houtaantasting toepassen

  • restauratiemethoden toepassen voor:

    • pennen

    • stijl- en regelwerk

    • massieve bladen en panelen

    • glijdende onderdelen

  • lijmen en kunstharsen gebruiken

  • restauratietechnieken toepassen

  • hang- en sluitwerk verstevigen

  • eenvoudige beschadigingen in lijsten en moluren restaureren

  • eenvoudige beschadigingen en lacunes in beeldhouwwerk restaureren

  • zachte stopwas toepassen

  • rapport van de eigen werken samenstellen


afwerkingslaag van het meubel restaureren

  • bestaande afwerkingslaag evalueren

  • de natuurlijke van de aangebrachte patina(s) onderscheiden

  • verschillende kleur- en afwerkingssoorten herkennen zoals:

    • hars- en wassoorten

    • gebruik van krijt

    • gebruik van kalk

    • gebruik van parellijm

  • kleur en afwerkingslagen restaureren

  • kleur – en afwerkingsbeschadigingen behandelen


OPLEIDING RIGGER-MONTEERDER

Referentiekaders:

WELZIJN OP HET WERK

Beroepsprofielen

(SERV, oktober 2004)


RIGGER-MONTEERDER
Beroepsprofiel
(SERV/vzw Montage, mei 2006)
De rigger-monteerder monteert, demonteert, vervangt en onderhoudt allerhande metalen constructies zoals reservoirs, zwaar ketelwerk, zware machinebouw, petrochemische installaties, … Hij past montage- en verbindingstechnieken toe. De (de)montagewerkzaamheden zijn vaak op hoogte gesitueerd. De rigger-monteerder zorgt bij het (de)monteren en verplaatsen van lasten voor het correct aanslaan en uitwijzen van de onderdelen (rigging). Hij kan daarbij gebruik maken van o.a. hijshulpmiddelen of hefwerktuigen.
Doelen beroepsgerichte vorming
veilig, hygiënisch en milieubewust werken conform welzijn op het werk en de geldende regelgevingen zoals:

  • ergonomisch werken

  • economisch werken

  • producten, gereedschap, apparatuur, machines en arbeidsmiddelen volgens bedrijfsvoorschriften gebruiken

  • persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen gebruiken

  • materiaal en materieel op keuringsvereisten controleren

  • storingen of afwijkingen aan goederen, apparatuur, producten, gereedschap, machines en arbeidsmiddelen melden

  • werkpost en directe omgeving volgens bedrijfsvoorschriften schoonhouden

  • voorschriften en instructies inzake veiligheid, hygiëne of milieu toepassen

  • afval en restproducten beperken en volgens wettelijke voorschriften sorteren

  • werkvergunningen toepassen

  • op hoogte werken


noodzakelijke houdingen voor de uitoefening van het beroep aannemen zoals:

  • op wisselende werkomstandigheden inspelen

  • met prioriteiten en stress omgaan

  • in team samen werken

  • op problemen anticiperen en adequaat reageren

  • opgelegde taken zelfstandig uitvoeren

  • nauwkeurig werken

  • kwaliteitsgericht werken


functionele vaardigheden voor de uitoefening van het beroep toepassen zoals:

  • vakterminologie gebruiken

  • dimensies inschatten

  • basisprincipes van fysica in functie van belasting en stabiliteit toepassen

  • informatie selecteren en verwerken

  • verbale en non-verbale communicatie toepassen

  • plannen en schema’s gebruiken

  • werkfiches gebruiken


eigen werkzaamheden organiseren

  • eigen werkzaamheden voorbereiden

  • eigen werkzaamheden uitvoeren

  • eigen werkzaamheden evalueren

  • eigen werkzaamheden bijsturen


(de)montage en verbindingstechnieken uitvoeren

  • montagegereedschap gebruiken

  • te vervangen elementen demonteren

  • (de)montagetechnieken en verbindingstechnieken toepassen zoals:

    • bout- en moer verbindingen

    • snijbranden

    • snijslijpen

  • werkmethodes en procedures bij (de)montage respecteren en toepassen

  • tijdelijke ondersteuning plaatsen

  • aansluitpunten schoonmaken

  • elementen volgens bedrijfs- en constructeursvoorschriften monteren


lasten aanslaan en uitwijzen

  • materiaal en materieel visueel controleren en gebreken melden

  • materiaal en materieel laden en lossen

  • materiaal en materieel op de werf beschermen en opslaan

  • materiaal en materieel op hoogte aanvoeren

  • lasten aan- en afslaan

  • hef- en hijstoestellen gebruiken

  • hijsmateriaal zoals kettingtakels, hijsbanden, platenklemmen gebruiken

  • lasten uitwijzen

  • instructies met radiofonie en handgebaren communiceren


OPLEIDING RIOOLLEGGER

Referentiekaders:

WELZIJN OP HET WERK

Beroepsprofielen

(SERV, oktober 2004)


WEGENWERKER

Beroepsprofielen in de bouwnijverheid

(HIVA/FVB, 1998)
RIOOLLEGGER

Instapcompetenties



(TEMPERA/FVB, juli 2004)
De rioollegger legt en onderhoudt leidingen voor huishoudelijk, stedelijk en industrieel afvalwater. De rioollegger verricht graafwerken voor het maken van de sleuven en de bouwputten, plaatst afvoerbuizen voor het regen- en afvalwater.
Doelen beroepsgerichte vorming
veilig, hygiënisch en milieubewust werken conform welzijn op het werk en de geldende regelgevingen zoals:

  • ergonomisch werken

  • persoonlijke beschermingsmiddelen gebruiken

  • collectieve beschermingsmiddelen aanbrengen

  • producten met gevaarlijke eigenschappen correct gebruiken

  • veiligheidsvoorschriften en -instructies inzake arbeidsmiddelen toepassen

  • economisch werken

  • afval en restproducten sorteren

  • gereedschap en machines gebruiken

  • gereedschap en machines reinigen


noodzakelijke houdingen voor de uitoefening van het beroep aannemen zoals:

  • zin voor samenwerking tonen

  • doorzettingsvermogen tonen

  • in overleg werken

  • opgelegde taken uitvoeren

  • op wisselende werkomstandigheden inspelen


functionele vaardigheden voor de uitoefening van het beroep toepassen zoals:

  • dimensies (lengte, breedte, dikte, oppervlakte, inhoud, …) meten en berekenen

  • meetinstrumenten gebruiken

  • technische tekening gebruiken


eigen werkzaamheden organiseren

  • eigen werkzaamheden voorbereiden

  • eigen werkzaamheden uitvoeren

  • eigen werkzaamheden evalueren

  • eigen werkzaamheden bijsturen


sleuven en bouwputten graven

  • oppervlakken opbreken

  • sleuven, sonderingen en bouwputten graven

  • afgegraven aarde afvoeren

  • risico’s bij grondwerkzaamheden inschatten

  • fundering op de bodem aanbrengen


openbare riolering plaatsen

  • gereedschap en machines voor het uitvoeren van rioleringswerken gebruiken

  • het plaatsen uitzetten

  • het plaatsen inmeten

  • beschoeiing in sleuven en bouwputten aanbrengen

  • stempels tussen de beschoeiingswanden aanbrengen

  • bodem van een rioolsleuf bemalen

  • muren van een bouwput metselen

  • openbare riolering plaatsen

  • tongen aanbrengen

  • openbare riolering en rioolvoorzieningen op elkaar aansluiten

  • gereedschap en machines voor het uitvoeren van rioleringswerken reinigen


plaatsen van openbare riolering afwerken

  • gereedschap en machines voor het uitvoeren van rioleringswerken gebruiken

  • bouwputten aan binnen- en buitenkant afwerken

  • aansluitingen en bouwputten waterdichtmaken

  • openbare riolering inbedden

  • bouwputten afdekken

  • sleuven aanvullen

  • sleuven verdichten

  • oorspronkelijke kabels en nutsleidingen terugplaatsen

  • beschoeiing in sleuven en bouwputten verwijderen

  • stempels tussen de beschoeiingswanden verwijderen

  • gereedschap en machines voor het uitvoeren van rioleringswerken reinigen

OPLEIDING SANITAIR INSTALLATEUR

Referentiekaders:

WELZIJN OP HET WERK

Beroepsprofielen

(SERV, oktober 2004)


SANITAIR INSTALLATEUR

Profiel


(SERV/FVB, december 1997)
SANITAIR INSTALLATEUR

Instapcompetenties



(TEMPERA/FVB, oktober 2001)
De sanitair installateur monteert en demonteert leidingen voor aan- en afvoer van water in functie van de sanitaire installatie. Hij plaatst, onderhoudt, herstelt en sluit sanitaire toestellen aan. Hij monteert en demonteert leidingen voor gas in functie van de individuele gasverwarmingstoestellen. Hij stelt de sanitaire installatie en de individuele gasverwarmingstoestellen in gebruik, spoort storingen op en verhelpt ze.

  1   2   3   4   5   6   7   8   9


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina