Werkdocument Sterke Verhalen – Boek Exodus Ter inleiding



Dovnload 119.37 Kb.
Pagina1/3
Datum24.08.2016
Grootte119.37 Kb.
  1   2   3
Werkdocument Sterke Verhalen – Boek Exodus

Ter inleiding

In de reeks ‘Sterke Verhalen’ van het najaar 2008 staat het boek Exodus centraal. Dit bijbelse boek toont ons wegen van bevrijding. Het vertelt de geboorte van Israël uit de slavernij. Na de uittocht uit doodsland Egypte en de doortocht door de Rietzee vervolgt het met een uitvoerig relaas over de tocht door de woestijn, veertig jaar lang. Een geschiedenis van mensen op zoek naar de moeilijke vrijheid…

De Schrift leert ons dat de hele mensengeschiedenis eigenlijk niet anders bedoeld is dan als een stelselmatige verwijding, een uitbreiding in tijd en ruimte van dat Exodusverhaal. Gaandeweg worden steeds meer gebeurtenissen tot ‘geboortenissen’; in steeds wijdere kringen - als het ware trechtervormig, wordt op de duur de hele mensheid er bij betrokken. En zo moet tenslotte ook onze geschiedenis op vandaag in dit verhaal worden ingepast, het eeuwige verhaal van God-op-weg-met-mensen… Een verhaal van bevrijding; goed nieuws over kansen op verlossing en groeien naar leven in overvloed. Elk lezen en verwerken van deze schriftverhalen is een oefening in de ‘arbeidskamer’, een naderen tot de verlossing, een zich inleven in dat aloude bevrijdingsproces. Want zoals in het evangelie geschreven staat: ‘Als gij niet opnieuw geboren wordt, zult gij het Rijk Gods niet binnengaan…’ (Joh. 3,3).

De Bijbel staat vol dergelijke verhalen van zoekende, soms wanhopige, soms hoopvol verlangende mensen. Mensen die afgaande op een roepstem hun weg zijn gegaan, alleen of met velen, en die al gaande gelukkig zijn geworden of juist niet. Verhalen waarin mensen nadenken over vragen die elke generatie zich telkens opnieuw stelt: wie ben je zelf, wie is de ander en wie is God? Waarvoor ben je als mens op aarde? Waar gaat het met ons allemaal, met de wereld en de samenleving naartoe? Deze ‘Sterke Verhalen’ uit de Bijbel zijn er om verteld te worden, ze geven inspiratie om uit te leven. Door er dieper op in te gaan, wordt al snel duidelijk hoe actueel ze wel zijn.

Wij mogen de Bijbel nooit vrijblijvend lezen. In de bladspiegel van elke tekst moeten we onszelf leren zien en herkennen. Achter de ‘wetens-vraag’ moeten we ook de ‘gewetens-vraag’ leren ontdekken. En tegelijk ondervinden hoe de Bijbel nooit zomaar geschiedenis is, in de zin van louter feitenrelaas: feiten worden in de Bijbel tot beeld, gelijkenis, parabel. Zij bieden ruimte voor steeds nieuwe mensen om zichzelf erin terug te vinden. De bijbelse verhalen zijn geen ‘exclusieve story’s’ – zij werken altijd ‘inclusief’. Ze sluiten de lezer in, proberen hem of haar in te palmen en voor zich te winnen. Ze gaan altijd (en zelfs in de eerste plaats!) ook over mij, over ons vandaag. Het doel van alle omgang met de Schrift moet altijd zijn: uit te komen bij onszelf en bij de mensen om ons heen (veraf en dichtbij). Dán pas hebben wij de Schrift goed gelezen…

Wie zich werkelijk verdiept in deze ‘Sterke Verhalen’, ontdekt altijd weer onverwachte inzichten, nieuwe vergezichten en onverhoopte perspectieven. Er worden, als het goed gaat, wegen zichtbaar waarlangs Gods Volk indertijd is gegaan: uit Egypte vandaan, door de woestijn heen, naar een land van Vrijheid en Vrede. En tussen de regels van de tekst wenkt ons onvermoeibaar Hij die heet ‘Ik-zal-er-zijn’, zodat wij al lezende en horende begrijpen dat wij met Hem mee moeten gaan. Geschapen en in het leven geroepen om vrij te zijn en thuis te komen in het Beloofde Land, waar God ooit alles in allen zal zijn…

Bedoeling van dit werkdocument:

De Bijbel is een boeiend boek, maar het is ook oud en moeilijk en roept bij heel wat mensen nogal wat weerstand en vervelende herinneringen op. Wij staan een paar duizenden jaren verwijderd van de taal en de stijl die de auteurs er in hanteren, van de cultuur en gebruiken die het boek omkaderen, van de sfeer die de verhalen uitademen… Velen voelen zich dan ook machteloos en niet deskundig genoeg om op hun eentje een verkenningstocht doorheen al die bijbelse teksten te wagen. Daarom kan het nooit goed zijn om met de Bijbel als ‘…in een hoekje met een boekje…’ te gaan zitten. Wij moeten regelmatig in groep ‘samen-scholen’ rond al die ‘Sterke Verhalen’…

Zo kunnen we bijvoorbeeld in een ‘leerhuis’ samenkomen om van elkaar en aan elkaar de kunst te leren, en van onze geloofsvaders en –moeders die kunst af te kijken: hoe zij het gered hebben indertijd; hoe wij het dus misschien ook samen kunnen redden, hoe God ons kan redden én wij Hem… In het licht van en onder gezag van de Schrift, ‘studeren’ wij daar over onze eigen situatie en opdracht, over onze ‘roeping’ in het leven. Dat ‘studeren’ is nooit een vrijblijvende, louter intellectuele bezigheid. Het gaat immers om het leven! Dan blijft niet, zoals bij zoveel van onze kerk- en ‘schoolgangers’, de actualiteit op de drempel liggen, maar wordt ze integendeel mee binnen gebracht zodat het licht van de Schrift er over kan schijnen om ons de weg te wijzen, dat is: om voor ons ‘Thora’ te zijn, wegwijzer ten leven…

Door samen een tekst te keren en te wenden, door hem geduldig van alle kanten te bekloppen en te beluisteren (alsof wij leerling-dokters waren die de stethoscoop hanteren om naar het hart, naar het inwendige van de tekst te luisteren, er de ademhaling, de inspiratie en hartenklop van waar te kunnen nemen…) kunnen wij tenslotte uitkomen op de enige écht belangrijke vraag: Hoe heeft die tekst ooit op mensen een beroep gedaan, hoe is hij voor hen ooit richtinggevend, ‘Thora’ geweest? En hoe kan hij dat ook worden voor ons, vandaag, in onze concrete situatie hier en nu?

Want bijbelse teksten hebben nooit een voorgoed afgesloten zin. Ze blijken verbazend plooibaar en soepel te zijn en tegen méér dan één (al dan niet gelovig) stootje te kunnen. Ze zijn in het verleden eindeloos opnieuw ingevuld met betekenis, en dus zijn ze ook nu nog invulbaar en te actualiseren. Zoals de Schrift ooit is ontstaan vanuit intens doorleefde menselijke situaties (hetzij in volle teugen genoten, hetzij moeizaam en pijnlijk doorworsteld!), zo kan de Schrift op vandaag maar goed verstaan worden vanuit datgene wat mensen op vandaag aan feitelijke ervaringen in hun concrete situatie meemaken.

In samenhang met de reeks ‘Sterke Verhalen’ over Exodus die het Braambos dit jaar programmeert, willen wij dergelijke ‘leerhuizen’ stimuleren en helpen organiseren. Via dit werkdocument bieden we een aantal werkvormen aan om in groep dieper in te gaan op elk van de vijf afleveringen. We willen daarmee de kijkers helpen om tekst en commentaar nog dieper te laten doordringen en nog sterker met het leven te verbinden.

In een ruimere context…

De Bisschoppen van België publiceerden een pastorale brief voor het werkjaar 2008-2009 onder de titel: ‘God ontmoeten in zijn Woord’. Zij willen daarmee dit jaar duidelijk in het teken plaatsen van het omgaan met de Schrift.

In hun brief zeggen zij onder andere: ‘Van Gods spreken getuigt de Schrift. Daar horen wij hoe Hij mensen aanspreekt en hoe Hij nog steeds tot ons spreekt. De Bijbel is immers meer dan een serie teksten over God. Hij is meer dan een religieus document zoals elke godsdienst er wel enkele heeft. Hij is meer dan een geschiedenis over het ontstaan van het geloof. De Schrift is als een brief, waarin God zich tot ons richt, een boodschap van de Heer, een oproep om Hem te leren kennen. Soms is Gods woord tegendraads. Het kan ons tegen de haren instrijken. Het kan ergeren en uitdagen. Wij moeten het soms aanhoren tegen ons in. Dat moet ons niet verbazen, want: “Het Woord van God is levend en krachtig. Het is scherper dan een tweesnijdend zwaard en dringt door tot het raakpunt van ziel en geest” (Heb 4,12)’.

Maar de Schrift is een oud en vreemd boek. Het is niet vanzelfsprekend om erin thuis te komen. Daarom zeggen de bisschoppen: de Bijbel lezen in de huiskamer is een begin. Er meer over te weten komen en erover uitwisselen in groep helpt de overweging vooruit. Ze blijft dan niet bij een vage mijmering, maar wordt concreet. Gods Woord is ondenkbaar zonder mensen van vlees en bloed die het overwegen, beamen en in de praktijk brengen. Niet zomaar ieder voor zichzelf en op zijn eigen manier, maar samen, als één familie van broers en zussen. Dat is de Kerk…

Wie op een dergelijke manier de Schriften benadert, zeggen zij, herkent erin zijn eigen ervaring als gelovige. Hij leest de tekst met aandacht. Hij overweegt wat God erin zou willen zeggen vandaag. Hij bidt en antwoordt metterdaad op Gods spreken. Hij slaat de brug tussen Bijbel en leven…

Allereerst: een methode om te hanteren bij gesprek en bezinning na elke aflevering:

De ‘methode-Vigan’: een driemaal-drie-methode…

Deze meer contemplatieve methode om in groep een Bijbeltekst te delen, werd uitgewerkt in het Filippijnse Vigan en is ruim verspreid. Ze dient strikt toegepast te worden. Dan - zo is de ervaring van velen - werkt ze heel eenvoudig en zeer diep. Voorwaarde is alleen dat elke deelnemer authentiek over de brug wil komen.

We spreken van een driemaal-drie-methode omdat ze bestaat uit drie fasen (tekst – woord - antwoord), met telkens drie momenten (lezen - overwegen – meedelen). De Bijbeltekst wordt telkens integraal en hardop gelezen. De beluisterde tekst wordt daarna telkens gedurende een lange tijd van stilte overwogen. Het derde moment in elke fase is het meedelen door ieder van de aanwezigen. We zeggen niet 'uitwisselen'. Want in deze methode wordt over het meegedeelde niet van gedachten gewisseld. Andere contemplatieve methoden voorzien wél een periode van uitwisselen. Bijvoorbeeld door te zeggen wat je bij de inbreng van anderen opvalt. Of door te vragen naar verduidelijking. Zelfs dit soort 'contemplatief gesprek' gebeurt in de hier voorgestelde methode niet. De ervaring leert dat de interactie op deze manier niet kleiner is. Want het meedelen in de eerste fase bevrucht de tweede; en die van de tweede fase de derde. Ik ga anders luisteren naar de Bijbeltekst door wat mij opviel bij de vorige mededeling van anderen. En dat heeft zijn invloed op wat ik zelf meedeel in de volgende ronde. Echte communicatie loopt steeds via het samen beluisterde Bijbelwoord. En dat gebeurt dus in drie fasen.

Eerste fase: tekst

Na de eerste voorlezing herleest ieder in stilte de Bijbeltekst. Met als aandachtspunt: welke woorden of zinnen treffen mij? Voor deze bezinning in stilte wordt ruime tijd gelaten. De deelnemers kunnen dit - met het oog op het meedelen - ook neerschrijven. Wie de bijeenkomst leidt, beëindigt de stilte door zelf de eerste ronde van mededeelzaamheid in te zetten. In het begin zullen sommigen misschien moeilijk de discipline kunnen opbrengen om geen uitleg te geven ('ik koos dit vers omdat...') en om evenmin op elkaar in te spelen ('ik vind integendeel iets heel anders belangrijk'). Iedereen zegt alleen 'In vers... treft mij; en in vers...'

Tweede fase: woord

Nu zoekt iedereen in stilte: wat wil God mij in deze Bijbeltekst zeggen? Wie wil, kan opnieuw iets noteren. Je hoeft je natuurlijk niet te binden aan de verzen die je in de eerste fase koos. Want het groepsgebeuren heeft jouw aandacht bevrucht. Nu de tekst opnieuw wordt voorgelezen, ga je op een nieuwe manier luisteren naar Gods boodschap voor jou. De Bijbeltekst blijft geen versteend drukwerk. Hij gaat open. Hij wordt een taal waarin je God verstaat. Het meedelen na de stilte wordt ingeleid met: 'De Heer zegt mij...'. Daarop volgt een vrije verwoording, met eventueel een verwerking van zinsneden uit de Bijbeltekst.

Derde fase: antwoord

Na de derde voorlezing is de stilte dus gericht op de vraag: welk antwoord geef ik op Gods uitnodiging? We kunnen bij voorkeur antwoorden in de vorm van een gebed.

(naar Fr. LEFEVRE, Open de Bijbel. Een benadering voor de praktijk, Halewijn-Antwerpen 1998)

Hier ook enkele vragen die bruikbaar zijn ter bespreking bij elke aflevering:

  • Wat heeft mij getroffen in deze aflevering van ‘Sterke Verhalen’? Wat vind ik nieuw in deze Bijbeluitleg? Wat vind ik verhelderend, bevrijdend voor mijn geloof en leven? Waar heb ik het moeilijk mee?

  • Wat zie, hoor, lees… ik helemaal anders in de behandelde schriftpassages? Waar voel ik weerstand tegen de gegeven uitleg en commentaar?

  • Hoe actueel vind ik deze Schrifttekst? Kan ik die plaatsen in mijn leven, in de maatschappij, in de Kerk van vandaag?

  • Waarin heeft God tot mij gesproken - doorheen de Schrifttekst, de beelden en de commentaar, en/of het verhaal van de getuigen?

  • Wat neem ik mee om werk van te maken in mijn dagelijkse situatie? Hoe wil ik dat concreet proberen te doen?

En ook nog een gebed dat bij het begin van elke groepsbespreking kan gebeden worden:

GEBED BIJ HET OPENEN VAN DE SCHRIFT

Om inspiratie en luisterbereidheid bidden wij

in deze samenkomst rond de Schrift.
Dat wij niet zomaar horen wat wij willen horen,

maar dat wij horen en verstaan

wat wij nog niet weten of misschien niet ‘geweten’ willen hebben.

Dat wij uit oude en bekende woorden

nieuwe schatten van bevrijding en hoop zouden delven.
Daarom bidden wij:

levende God,

maak ons benieuwd, zo verdoofd en schamper als wij zijn;

maak ons nieuwgeboren, zo oud als wij zijn;

maak ons hoopvol en verlangend naar Uw Rijk dat komen zal.

En bovenal: maak ons opstandig en springlevend,

zo dood als wij op vele plekken van ons samenleven zijn.
Om inspiratie en luisterbereidheid bidden wij

in deze samenkomst rond de Schrift. Amen.

(naar Jan van Opbergen in ‘Ter Inspiratie’, jg.25, nr.27,1994)

Aflevering 1: Vrouwen kiezen voor leven

De Bijbel wist het al: vrouwen geven het niet op om voor leven te kiezen. In het boek Exodus is dit niet anders. Daarin zijn vroedvrouwen overtuigd burgerlijk ongehoorzaam tegenover de farao, lang voor de term uitgevonden was. Ze weigeren eerstgeborenen te doden. En aan wie zou Mozes - onze centrale figuur in het boek Exodus - zijn redding uit een rieten mandje te danken hebben? Jawel, aan vrouwen.

Bijbeltekst:

Er kwam in Egypte een nieuwe koning aan de macht, die Jozef niet gekend had. Hij zei tegen zijn volk: ‘De Israëlieten zijn te sterk voor ons en te talrijk. Laten we verstandig handelen en voorkomen dat dit volk nog groter wordt. Want stel dat er oorlog uitbreekt en zij zich aansluiten bij onze vijanden, de strijd tegen ons aanbinden en uit het land wegtrekken!’ Er werden slavendrijvers aangesteld die de Israëlieten tot zware arbeid dwongen. Maar hoe meer de Israëlieten onderdrukt werden, des te talrijker werden ze. Ze breidden zich zo sterk uit dat de Egyptenaren een afkeer van hen kregen. Daarom beulden ze hen af en maakten ze hun het leven ondraaglijk met zwaar werk.

Bovendien gelastte de koning de Hebreeuwse vroedvrouwen, Sifra en Pua geheten, het volgende: ‘Als u de Hebreeuwse vrouwen bij de bevalling helpt, let dan goed op het geslacht van het kind. Als het een jongen is, moet u hem doden; is het een meisje, dan mag ze blijven leven.’ Maar de vroedvrouwen hadden ontzag voor God en deden niet wat de koning van Egypte hun had opgedragen: ze lieten de jongetjes in leven. Daarom ontbood de koning de vroedvrouwen. ‘Wat heeft dit te betekenen?’ vroeg hij hun. ‘Waarom laat u de jongens in leven?’ De vroedvrouwen antwoordden de farao: ‘De Hebreeuwse vrouwen zijn anders dan de Egyptische: ze zijn zo sterk dat ze hun kind al gebaard hebben voordat de vroedvrouw er is.’ God zegende het werk van de vroedvrouwen, zodat het volk zich sterk uitbreidde. En omdat de vroedvrouwen ontzag voor God hadden, schonk hij ook aan hen nakomelingen. Toen gaf de farao aan heel zijn volk het bevel om alle Hebreeuwse jongens die geboren werden in de Nijl te gooien; de meisjes mochten in leven blijven.

Ex.1, 8-11a, 12-13a, 15-22

Vragen ter bespreking bij deze aflevering:

  • Wie zijn de Sifra’s en Pua’s van deze tijd? Vertel iets over één van die vrouwen die jij erg respecteert, waar je naar opkijkt, die je dankbaar bent…

  • Kan je zelf een voorbeeld geven van doodgewone mensen vlakbij of veraf die zacht- moedig zijn en met geweldloos verzet kiezen voor leven?

  • Heb je zelf ooit op een moment in jouw leven het gevoel gehad van te moeten kiezen tussen meedoen met de meerderheid, de sterksten, de machtigen… of opkomen voor het kwetsbare, pasgeboren leven..? Vertel daar eens iets over. Waar ging het over? Hoe moeilijk was die keuze? Wat heb je daar bij gevoeld, gedacht..? Welke motieven hebben jouw beslissing uiteindelijk beïnvloed?

  • Men zegt wel eens dat vrouwen overal en telkens weer de wereld dragen en het leven in stand houden (in de Derde Wereld bijvoorbeeld). Waar zie je dat vandaag gebeuren?

  • Welke rol zou de vrouw nog meer kunnen spelen in onze maatschappij, in ons ‘Egypte’, zodat er meer voor leven wordt gekozen..? En in de Kerk?

  • Mozes wordt opgevist uit de Nijl, om zelf later ooit mensenvisser te worden… Wie heeft jou ooit ‘gezien’, ‘gevonden’, ‘opgevist’… en jou vaste grond onder de voeten gegeven, zodat je jouw eigen weg kon gaan..?

Creatieve oefening om met de hele groep te doen:

1/ We vragen aan alle deelnemers om in de week die vooraf gaat aan dit groepsmoment samen met hun partner en kinderen, met hun communauteit, parochieteam, collega’s op school, klasgenoten, pastorale of liturgische ploeg… een week lang heel aandachtig te kijken of te luisteren naar het nieuws in de krant, in tijdschriften, op TV of internet… En dan daaruit één of meerdere stukjes te halen die hen pijn hebben gedaan, kwaad hebben gemaakt, aan ‘Egypte’, aan dood, macht en onrecht… doen denken. Ze moeten er een collage of tekening van maken, of het bewuste artikel… op een stuk rood papier kleven dat ze meebrengen naar de groepsbijeenkomst.

2/ We vragen aan alle deelnemers ook om verhalen, feiten, gebeurtenissen… te verzamelen die getuigen van leven dat heel kwetsbaar is en broos. ‘Geboorteberichtjes’ als het ware, schuchtere ‘beginnetjes’ van een nieuwe wereld die de kop opsteekt hier of daar, signalen van hoop, tekens van nieuw leven dat op komst is, en dat ze zouden willen koesteren en ‘redden’… Schrijf ze op een A4-blad (wit of gekleurd, maar niet in blauw of rood), en breng ze mee naar de bijeenkomst.

3/ Tijdens de bijeenkomst zelf kan men over al de negatieve, ‘rode’ berichten eerst iets vertellen, en ze dan naast elkaar leggen in het doodswater van de Nijl (een brede strook blauw papier die vooraf in het midden van de kring is uitgerold). Waarmee we uitbeelden: er is een stroom van bloed, zweet en tranen, een doodsrivier die onophoudelijk doorheen onze wereld stroomt…

4/ In een tweede ronde halen we onze kleine berichtjes van leven boven, en vertellen er iets over in de groep. Dan vouwen we elk A4-blad met dat bericht tot een klein bootje, en zetten het midden op ‘het water van de Nijl’.

5/ Misschien is het ook mogelijk om met de hele groep ter plaatse een soort van biezen mandje te maken (allerhande materiaal moet dan van te voren worden aan- of meegebracht!), een klein Arkje van Noach, een notendopje troost voor de kleine Mozes die straks hulpeloos zal ronddobberen op de Nijl. Zorg dat het mandje stevig is en zacht tegelijk, teder en sterk! En leg dan alle geboorteberichtjes één voor één (na enige toelichting) in dat ‘biezen mandje’. Of het mogen ook kleine voorwerpen zijn die je meegebracht hebt, een brief of mail die je van iemand gekregen hebt met een bericht van leven, een souvenir of cadeautje, een trouwring, een overlijdensprentje, iets wat jou heel dierbaar is en dat je doet denken aan kwetsbaar, bedreigd leven…

Gebed om af te sluiten:

Gij die ons opzet en aanvuurt

tegen de dood in al zijn gedaanten,

en ons ingeeft niet te berusten

in de macht van het onrecht,

in lafheid en wreedheid –
wees in ons hart-en-verstand,

dat wij bij machte mogen zijn

het ergste leed te verzachten;

dat wij opwegen tegen de ongeest

die deze aarde verwildert.
Wij bidden U

voor hen die moedeloos geworden zijn

om alle kwaad in deze wereld.

Maar ook voor hen die hoopvol zijn,

die helder blijven: versterk hun hart -

dat nooit ontbreken in ons midden

standvastigheid en zachtheid,

liefde, sterker dan de dood.

(Huub Oosterhuis, Bijbelse scheurkalender 2006)



Aflevering 2: Een mens wordt tweemaal geroepen

Roeping, een oud woord? Alleen voor uitzonderlijke mensen? Mozes’ levensverhaal helpt ons van die misverstanden af. In slaap gewiegd aan het hof van de farao wordt hij wakker geschud door de confrontatie met onrecht. Eenmaal is hier niet genoeg. Een tweede keer is er nodig om het appèl tot in zijn binnenste te laten doordringen. Maar eenmaal zover gaat Mozes voluit en geeft zich helemaal. Van een uitdaging gesproken.

Bijbeltekst

Toen Mozes volwassen geworden was, zocht hij op een dag de mensen van zijn volk op. Hij zag welke zware dwangarbeid ze verrichtten en was er getuige van dat een Hebreeër, een volksgenoot van hem, door een Egyptenaar werd geslagen. Hij keek om zich heen, en toen hij zag dat er niemand in de buurt was sloeg hij de Egyptenaar dood; hij verborg hem onder het zand. De dag daarop zag hij hoe twee Hebreeuwse mannen met elkaar op de vuist gingen. ‘Waarom sla je iemand van je eigen volk?’ vroeg hij aan de man die begonnen was. Maar die antwoordde: ‘Wie heeft jou als leider en rechter over ons aangesteld? Wou je mij soms ook doodslaan, net als die Egyptenaar?’ Mozes schrok, hij dacht: Dan is het dus toch bekend geworden! Toen de farao ervan hoorde, wilde hij Mozes laten doden. Daarom vluchtte Mozes voor de farao. Zo kwam hij in Midjan terecht, en daar ging hij bij een put zitten.
De priester van Midjan had zeven dochters. Zij kwamen daar water putten en vulden de drinkbakken om de schapen en geiten van hun vader te drinken te geven. Maar er kwamen ook herders, die hen wilden wegjagen. Daarop schoot Mozes hun te hulp en gaf het vee te drinken.


Mozes was gewoon de schapen en geiten van zijn schoonvader Jetro, de Midjanitische priester, te weiden. Eens dreef hij de kudde tot voorbij het steppeland, en zo kwam hij bij de Horeb, de berg van God. Daar verscheen de engel van de HEER aan hem in een vuur dat uit een doornstruik opvlamde. De HEER zei: ‘Ik heb gezien hoe ellendig mijn volk er in Egypte aan toe is, ik heb hun jammerklachten over hun onderdrukkers gehoord, ik weet hoe ze lijden. Daarom ben ik afgedaald om hen uit de macht van de Egyptenaren te bevrijden. Daarom stuur ik jou nu naar de farao: jij moet mijn volk, de Israëlieten, uit Egypte wegleiden.’

Ex.2, 11-17. Ex3, 1-2a, 7-8a, 10.

Vragen ter bespreking bij deze aflevering:



  1   2   3


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina