Winschoterhoogebrug



Dovnload 14.08 Kb.
Datum25.07.2016
Grootte14.08 Kb.
Winschoterhoogebrug

Winschoterhoogebrug ligt in het stroomdallandschap van de Pekel A. Het buurtschap dankt z’n naam aan de brug over de Pekel A. Deze brug was een belangrijke verbinding in de handelsroute vanuit Westfalen naar de stad Groningen. Rond het jaar vijftienhonderd lag de overgang over de Pekel A vanuit Westerwolde nog twee kilometer verder stroomopwaarts en werd gebruik gemaakt van de oude Zuiderveensterweg. De Dollardoverstromingen ontregelden deze oude verbinding door het veen. Toen het gebied weer droogviel, werd de weg noordwaarts verlegd en bouwde men (ter plekke van de huidige Winschoterhoogebrug) een nieuwe brug over de Pekel A. De stad Groningen bouwde plm. 1600 een zijl bij de Winschoterhoogebrug om de waterstand te kunnen regelen in verband met de turfafvoer door schepen van de venen in Oude Pekela. Deze is later verplaatst naar Winschoterzijl. Zoals gebruikelijk in de tijd, dat scheepvaart van groot belang was, ontstonden er bij bruggen en sluizen heel vaak buurtschappen en dorpen.

Zo is Winschoterhoogebrug uitgegroeid tot een buurtschap.. In 1840 omvatte de buurtschap Winschoterhoogebrug; 3 huizen met 13 inwoners onder de gemeente Wedde en 3 huizen met 9 inwoners onder de gemeente Winschoten. De gemeentegrens loopt midden door de Pekel-Aa. Het aantal woningen en inwoners is langzamerhand toegenomen en rond 1940 stonden er 28 woningen, twee boerderijen een café met speeltuin en een steenfabriek.

Bruggeschans

Tijdens de Tachtigjarige Oorlog was Winschoten meermalen het strijdtoneel van de Staatse versus de Spaanse troepen. Spaanse troepen waren in 1591, 1593 en 1624 inWinschoten gelegerd. In 1593 was zelfs een Spaanse hoofdmacht gelegerd in Winschoten. In 1593 werd de stad weer heroverd door Staatse troepen. Op dat moment waren de kerk en de losstaande toren de enige verdedigbare gebouwen. Om de verdedigbaarheid van Winschoten te vergroten werd de plaats gefortificeerd. Het was de vestingbouwkundige Johan van den Corput die een plan maakte voor de versterking van Winschoten. Het bleef echter bij een plan, want zijn voorstel werd afgewezen. Door afnemende oorlogsdreiging en het Twaalfjarig Bestand (1609 – 1621) verviel de noodzaak om op korte termijn verdedigingswerken aan te leggen. In februari 1624 kwam de versterking van de defensie echter weer hoog op de agenda te staan: Spaanse troepen vielen het zuidoosten van Groningen binnen en staken zeven grote dorpen in brand. In het bericht van de Staten van Groningen hierover aan de Staten-Generaal, was het voorstel opgenomen enkele schansen, retranchementen en redoutes aan te leggen. De Staten-Generaal stemden in met de bouw van verdedigingswerken rond Winschoten en de bouw van drie en mogelijk vier steen(wacht)huizen langs de Pekel-Aa. Voorposten van de vesting Winschoten vormden de redoute bij de Winschoterhoogebrug en een redoute bij de Winschoterzijl.

Om een aanval vanuit de richting Blijham, Wedde en Bourtange te voorkomen, werd ten zuiden van de weg van Winschoten naar Blijham bij de ‘Hooge (vaste) Brugge’ over de Pekel-Aa aan de noordzijde van deze rivier een schans aangelegd, de Bruggeschans.

De schans was vooral het strijdtoneel tijdens de Munsterse invallen in 1665 en 1672. Tijdens de eerste bisschoppelijke invasie in 1665 bedreigde een leger van meer dan 7000 man de oostgrens. Het grootste deel van het leger onder bevel van de Schot Gorgas trok de provincie Groningen bij Ter Apel binnen, via de in het Bourtanger moeras aangelegde ‘Bisschops Dam of Gorgas Dijk’. Tijdens deze Eerste Munsterse oorlog werd op 8 oktober de schans bij Hoogebrug door het Munsterse leger belegerd. De aanwezige sergeant en 25 soldaten weigerden de schans te verlaten. De volgende dag werd de schans met kanonnen beschoten en werd de schans opgegeven, om op 15 december 1665 te worden heroverd door Staatse troepen. De 132-koppige Spaanse bezetting mocht met geweer en holster vertrekken. Tegen het eind van de 17e eeuw lijkt de Bruggeschans van weinig betekenis meer te zijn. De schans heeft maar kort als verdedigingswerk gefungeerd (1624 – ca. 1672).

In de laatste jaren van de zeventiende eeuw nam het belang van de schans af. De Pekel-Aa was toen maar 4 à 5 roeden breed (plm. 15 meter). Bovendien waren er voor een aanvaller voldoende alternatieve routes om Winschoten te passeren. In de achttiende eeuw is de schans geleidelijk aan vervallen en vermoedelijk geslecht.

Bij de aanleg van een schans werd doorgaans een gesloten grondbalans gebruikt, zodat geen grond aangevoerd behoefde te worden. Begonnen werd met het graven van een brede gracht. Van de uitgegraven grond werd de wal opgeworpen. Bij de ontmanteling van de schans werd de wal weer terug in de gracht gegooid.

In het kader van het project Grensland-Vestingland zijn de oude vestingcontouren zichtbaar gemaakt. In 2008 is de Bruggeschans gereconstrueerd. Na archeologisch onderzoek, waarbij meerdere bijzondere vondsten (kanonskogels, een zilveren vingerhoed uit 1628 etc.) zijn gedaan, zijn de wallen en grachten aangelegd. Nadat de wallen waren ingezaaid en een periode met rust zijn gelaten verder afgerond met het aanbrengen van een houten ophaalbrug, een secreet en het straten van het model van een wachthuisje op het binnenterrein. Begin 2012 was de totale reconstructie afgerond en ligt het verdedigingsbolwerk weer in volle glorie aan de zuidkant van de stad Winschoten, ter hoogte van de Winschoter Hoogebrug aan de boorden van de Pekel-Aa

Winschoterhoogebrug ontspanningsoord

Vanaf 1900 heeft het onstpanningsoord “Winschoterhoogebrug” , zomers duizenden bezoekers getrokken. Het was voor de inwoners van Winschoten een zwemgelegenheid in de Pekel-Aa. Het ontspanningsoord, was een stopplaats van de stoomtram O.G. Er was een tuin met een oppervlakte van 5500m2, waarin waren opgesteld een paviljoen, muziektempel, twee dansvloeren en verschillende speelvermakelijkheden. Er traden in de weekenden, maar zelfs ook vaak midden in de week muziekgezelschappen op. Regelmatig was er een vuurwerkshow. Door de recessie in de dertiger jaren, het steeds mobieler worden van de mensen en het aanbod elders, maar zeker door de tweede wereld oorlog heeft het ontspanningsoord haar glorie verloren.



Tweede Wereldoorlog

Dat Winschoterhoogebrug een strategisch zeer belangrijke plek is, blijkt niet alleen ten tijde van de tachtigjarige oorlog, maar ook tijdens de WO II. Tijdens de bevrijding op 13 april 1945 bracht het gehucht een zeer grote offer. De brug werd op 10 april 1945 onklaar gemaakt en de verdedigende stellingen werden betrokken. Er was niet alleen persoonlijk leed, maar van de toen aanwezige 30 woningen, boerderijen en café, bleven er vijf woningen.

Een rij van 19 vrij dicht op elkaar staande woonhuizen aan de weg naar Blijham werd op twee na (deze werden ook zwaar beschadigd) moedwillig door de Duitsers in brand gestoken. De twee overgebleven woonhuizen vormen nu de totale bebouwing aan de weg naar Blijham. Een boerderij, een café en twee woningen bij de steenfabriek zijn later weer opgebouwd. De reden voor deze “kaalslag” bij de Winschoterhoogebrug destijds, was dat de Duitsers meer zicht wilden hebben om zich te verdedigen tegen de oprukkende Poolse militairen, die deze omgeving kwamen bevrijden.

Ondersteund door vliegtuigen is de Hoogebrug uiteindelijk toch vrij snel ingenomen en bevrijd.

Tegenwoordig omvat Winschoterhoogebrug nog altijd slechts maar een paar woonhuizen en boerderijen. Eigenlijk kan gesteld worden, dat het oude gehucht door oorlogshandelingen bijna geheel van de kaart is geveegd.

Voormalige steenfabriek

In de voormalige steenfabriek Oost-Groningen, met hoge schoorsteen uit 1928, zijn lange tijd stenen gebakken. Deze stenen, de zogenoemde “Dollardtichel” was van een zeer goede kwaliteit. Jarenlang was de fabriek een grote werkgever in de regio. Het nu nog aanwezige pand, met de oude schoorsteenpijp wordt nu aangemerkt als Industrieel erfgoed. In het omliggende landschap, zijn de gevolgen van de kleiwinning ook nog duidelijk waar te nemen. Vele percelen zijn afgegraven en liggen veel lager dan de omliggende percelen. Door stagnatie in de bouw in het eind van de jaren zeventig en gebrek aan voldoende financiën om in vernieuwingen te investeren, is de fabriek (zoals zo vele in de provincie) in 1982 failliet gegaan.

Na enkele jaren van leegstand, heeft het werkvoorzieningschap Synergon het terrein met gebouwen gekocht. Er kwam een timmerfabriek en er werd een champignon kwekerij bijgebouwd. Door te hoge concurrentie moest laatst genoemde bedrijfstak enkele jaren geleden helaas sluiten. De afdelingen schilderwerk, groen, schoonmaak en eigen vervoer hebben nu een plek in de voormalige steenfabriek.

De boerderijen zijn inmiddels aan de landbouw onttrokken. In 1974 is achter de herbouwde boerderij een van de eerste vleeskuiken bedrijven in de provincie gestart. Het huidige bedrijf heeft een totaal oppervlak van 6.5 ha en is in de loop der jaren volledig gemoderniseerd en is nu een hypermodern bedrijf dat aan de huidige regelgeving voldoet. In een aantal hokken worden de kuikens gehouden op hennepstro.



Winschoterhoogebrug heeft “zware stormen” doorstaan maar is niet van de kaart geveegd. Een nieuwe bedreiging komt uit de economische hoek. Het werkvoorzieningschap Synergon zoekt namelijk naar alternatieve onderkomens voor de afdelingen, die nu nog op de Winschoterhoogebrug zijn gehuisvest. De onderhoudskosten van de voormalige steenfabriek worden te hoog en de gebouwen van de voormalige champignonkwekerij staan leeg. En dan? Vindt maar een nieuwe koper met een goede bestemming, want leegstand leidt meestal tot verpaupering.

Maar, Winschoterhoogebrug heeft reeds vaker voor grote opgaven gestaan!




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina