Zegeningen en wonderen 2



Dovnload 104.3 Kb.
Pagina1/3
Datum26.08.2016
Grootte104.3 Kb.
  1   2   3

Zegeningen en Wonderen – Andrew Wommack

Zegeningen en wonderen - 2


Andrew Wommack
Het onderwijs van Andrew Wommack bereikt miljoenen christenen over de hele wereld. Dit radicale onderwijs doorbreekt tradities en leringen die soms generaties lang zijn overgeleverd, maar niet gebaseerd blijken te zijn op een grondig kennen en begrijpen van Gods Woord. Door Andrews onderwijs vallen voor veel christenen de puzzelstukjes van de Bijbel op hun plaats, waardoor het weer een springlevend boek wordt dat hen leven geeft, zoals God het altijd bedoeld heeft.

Inleiding

Zegeningen en wonderen komen beide van God. Maar welke manier heeft Zijn voorkeur om in jouw nood te voorzien? Als je dit begrijpt en in de praktijk brengt, zul je vrede, geborgenheid en stabiliteit in je leven krijgen.
De originele mp3 bestanden zijn te downloaden van: http://www.awmi.net/extra/audio/1000

Vertaling 2009: Jan Vossen


Deel 1: De kracht van een zegening

Deel 2: De blijvende werking van een zegening

Deel 3: Alleen jij kunt een zegening blokkeren

Deel 4: Wat zijn de zegeningen?



Deel 2: De blijvende werking van een zegening

Vandaag ga ik verder met een serie over zegeningen en wonderen. Het is geen erg pakkende titel. Het geeft je niet veel inzicht in waar ik het over ga hebben. Ik probeer de verschillende manieren te beschrijven waarop je van God kunt ontvangen. Je kunt ofwel een wonder van God ontvangen, of je kunt in de zegen van God gaan functioneren. En in feite is een zegen een betere manier om van God te ontvangen, omdat het de nummer één keuze is, want het is de natuurlijke manier waarop God in elkaar gezet heeft hoe wij van Hem moeten ontvangen. Wonderen vinden alleen plaats in een crisissituatie. Als je dus op een wonder wilt wachten, moet je eerst een crisis in je leven hebben. Een zegen zal in feite een crisis in je leven voorkomen. Een zegen is ook altijd meer overvloedig dan een wonder. En als een zegen eenmaal gegeven is, kan ze nooit meer worden weggenomen.


Ik wil het leven van Bileam en zijn omgang met Balak, de koning van Moab gebruiken. Balak probeerde Bileam in te huren om de kinderen van Israël te komen vervloeken. Voordat we zelfs maar aan dit verhaal beginnen, wil ik eerst dit punt duidelijk maken: één van de redenen dat ik denk dat dit onderwijs over zegeningen en wonderen niet zo veel mensen enthousiast maakt, is omdat ze geen ontzag hebben voor een zegening. Ze snappen mijn enthousiasme niet waarmee ik spreek over het wandelen in de zegen van God, want voor hen is een zegen gewoon iets, dat iemand je zegent en iets aardigs over je zegt, dan is dat geweldig, maar wat maakt het eigenlijk uit of ze dat wel of niet doen? Wij hechten niet zoveel belang aan uitgesproken woorden. En je kunt dat aantonen in onze maatschappij van tegenwoordig, hoe wij echt overal onderuit kunnen komen. Iemands woord betekent gewoon niet zoveel.
In de cultuur van de Bijbel en in de cultuur die God geschapen heeft, is de mens gedegenereerd van die eerste toestand tot de dag van vandaag waar ons woord niet zoveel meer betekent. En een zegen of een vloek, wat maakt het uit? Maar in de kern zijn woorden superbelangrijk. Er staat in spreuken 18:20-21: Van de vrucht van iemands mond wordt zijn binnenste verzadigd; hij verzadigt zich van de opbrengst van zijn lippen. 21 Dood en leven zijn in de macht der tong, wie aan haar toegeeft, zal haar vrucht eten.

De Schrift zegt dat woorden super belangrijk zijn. Jezus zei in het Nieuwe Testament, Markus 11:23, dat je zult hebben wat je zegt.1 Dat is een van de manieren waarop jij je geloof vrijzet. Wie ook maar tot deze berg zal ZEGGEN, hef u op en werp u in zee, en in zijn hart niet twijfelt, maar gelooft dat wat hij zegt ook zal gebeuren, zal hebben wat hij ook ZEGT. Woorden zijn dus heel belangrijk. Als je het hier niet mee eens bent, heb je alle recht om het fout te hebben, maar dat is een verkeerde zienswijze. En ik wil het niet met jou eens zijn. Ik bedoel, je hebt de vrijheid om te kiezen en dat te vinden, maar als ik het dan met je eens zou zijn, zouden we het allebei fout hebben. Daar heeft helemaal niemand iets aan. Amen? Dus dit laat in ieder geval de juiste houding ten opzichte van woorden zien. Sommigen zullen dit als bijgeloof opvatten.


Maar kijk eens wat hier in Numeri 22 staat: 4 Toen zei Moab tegen de oudsten van Midian: Nu zal deze menigte alles wat rondom ons is afgrazen, zoals een rund het groen van het veld afgraast. Balak, de zoon van Zippor, was in die tijd koning van Moab. 5 Hij stuurde boden naar Bileam, de zoon van Beor, in Pethor, aan de rivier de Eufraat, in het land van zijn volksgenoten, om hem bij zich te ontbieden: Zie, er is een volk uit Egypte getrokken; zie, het heeft het oppervlak van het land bedekt, en het blijft recht tegenover mij liggen.6 Nu dan, kom toch, vervloek dit volk voor mij, want het is machtiger dan ik. Misschien kan ik het verslaan en kan ik het uit het land verdrijven, want ik weet: wie u zegent, is gezegend, en wie u vervloekt, is vervloekt.

Hier heb je de Moabieten, de Midianieten, al deze volken die het land Kanaän bewoonden, en die zagen dat de Israëlieten niet langer door de woestijn zwierven maar een positie in gingen nemen van waaruit ze konden aanvallen en het land Kanaän veroveren. En toen Balak, de zoon van Zippor, de koning van Moab dit zag, overwoog hij zijn mogelijkheden en zag dat er geen kans was om de Israëlieten op eigen kracht te verslaan. Hij besloot dus om Bileam in te huren om de Israëlieten te komen vervloeken.



Want hij zei: ‘Als u hen vervloekt, zullen ze vervloekt zijn, en als u hen zegent, zullen ze gezegend zijn’. Nogmaals zeg ik dat wij in onze tegenwoordige maatschappij, in onze ‘verlichte’ maatschappij, zouden zeggen: ‘Dit is niets anders dan bijgeloof. Het zal heus niet de afloop van een strijd bepalen als je mensen zegent of vervloekt. Dat heeft er niets mee te maken. Het gaat erom wie de meeste soldaten heeft, wie de beste wapens heeft, wie het voordeel van de verassing heeft, of de aanval.’ Wij zouden naar alle fysieke, natuurlijke dingen kijken, maar mensen zouden tegenwoordig zeggen dat het niets anders dan bijgeloof is om te denken dat je iemand kunt zegenen of vervloeken.
Maar weet je, zelfs in het Nieuwe Testament, in Romeinen 12, zegt de Schrift ‘zegent en vervloek niet’.2 Het is niet alleen maar vierduizend jaar geleden, dat de mensen toen zo waren, ook in de tijd dat het Nieuwe Testament werd geschreven, zei de schrijver van de Romeinenbrief, de apostel Paulus: ‘Zegen en vervloek niet’. Of je het nu beseft of niet, woorden zijn belangrijk. En dit hele voorval dat hier wordt beschreven, hecht groot belang aan woorden, vooral gunstige woorden die worden gesproken om iemand te zegenen, en vloekwoorden die worden gesproken om iemand te beschadigen. Dit gedeelte kent hier bijzonder veel waarde aan toe en dat is de reden dat dit hele verhaal verteld wordt. Ik wil dat je weet dat woorden veel belangrijker zijn dan wij beseffen.
Ik ga hier een flink risico nemen. Ik weet dat sommige van jullie hier boos over kunnen worden, dat is niets nieuws. Maar ik zeg je dat woorden veel belangrijker zijn dan wij beseffen, in dingen zoals de oorlog in Irak, en andere dingen die we doen. Mensen denken dat het allemaal vrijblijvend is om hier op de bank te zitten en kritiek te leveren op dit en dat. En we zeggen dat het gedoemd is te mislukken en zo, en we spreken allerlei negatieve dingen. Maar als je naar de feiten kijkt, en ik zeg niet dat er geen tegenslagen en grote problemen zijn waar we mee te maken hebben, maar ik denk dat niemand de oorlog in Irak serieus een mislukking kan noemen. Er zijn nog steeds uitdagingen, niet alle opstand is opgelost. Ik denk dat het juister is om het terroristische aanvallen te noemen. Ik probeer hier geen politiek te bedrijven, maar ik zeg dat ik niet snap hoe iemand die oorlog een mislukking kan noemen. Er zijn allerlei dingen nog niet opgelost en is er nog steeds een mogelijkheid dat deze onderneming mislukt, maar één van de manieren waarop het kan mislukken is als mensen het gaan vervloeken en er tegen gaan spreken.
Onze woorden beïnvloeden heel veel dingen. Je krijgt miljoenen mensen die allemaal naar dezelfde verkeerde informatie luisteren en negatief spreken en negatieve dingen doen. En dat zet geestelijke krachten in werking. Het kan de houding van de troepen die daar zijn beïnvloeden. En als zij de moed verliezen en gaan denken dat ze een verloren strijd voeren, kan ik je verzekeren dat het de uitslag zal beïnvloeden. Ik weet dit uit de eerste hand te bevestigen, want ik heb zelf in Vietnam gevochten. Ik ging daarheen en was behoorlijk naïef. Ik was maar net 20 jaar oud. Ik ging daarheen met het idee dat we het communisme bestreden en er goede dingen bewerkten, en ik geloof nog steeds dat er een juiste, gerechtvaardigde reden was dat we daar waren. Maar toen ik in Vietnam was, kregen we die rellen en werden mensen gedood door de overheid. En er kwamen al die anti-oorlogprotesten. En alle informatie daarover begon terug te sijpelen naar ons in Vietnam en ik zag de invloed die dat op mensen had.
Ik zal je wat zeggen, ik probeer dit niet te gebruiken als een uitvlucht om een politieke stelling in te nemen, maar ik probeer dit te koppelen aan iets waar wij ons iets bij voor kunnen stellen. Dit is niet alleen maar bijgeloof. Balak besefte dat als hij Bileam zover kon krijgen om de kinderen van Israël te vervloeken, dat het hem een voorsprong zou geven. Het zou kracht en invloed hebben. En of je het daar mee eens bent of niet, ik verzeker je dat je woorden óf leven óf dood uitspreken. Ze zetten dood en leven in werking en je moet jezelf ervan verzekeren dat de woorden die je spreekt de juiste woorden zijn. Dat is één van de dingen die we van dit hele verhaal kunnen leren.
Bileam was iemand met een hele reputatie. Hij zei: ik weet dat wie u zegent, gezegend is, en wie u vervloekt, is vervloekt. Bileam was dus iemand die de kracht van woorden begreep. Hij begreep dat hij dood en leven in de macht van zijn woorden had. Bileam was in feite een dienaar van de Heer. Ik weet dat sommigen van jullie het daar niet mee eens zullen zijn, omdat in het Nieuwe Testament nogal wat kritiek op Bileam wordt geleverd. We gaan enkele verzen daarvan nog wel lezen. Bileam bleek uiteindelijk geen godvruchtig dienaar te zijn en hij heeft heel veel schade aan de Israëlieten toegebracht en daarom trof de toorn van God hem ook. Hij werd uiteindelijk door de Israëlieten gedood. Maar hij begon als een godvruchtig dienaar van God. En ik denk dat we dit gaan zien in dit verslag in Numeri 22.
Bileam was een man die een relatie met God had en die de kracht van woorden begreep, en de kracht van een zegen en de kracht van een vloek. En daarom werd hij aangeworven door een goddeloze koning die Gods volk wilde verslaan. Die wilde dat Bileam zou komen en de mensen die God al gezegend had vervloeken. Hij stuurde dus boodschappers naar Bileam, en hier is Bileams reactie op deze boodschappers. In vers 8: ‘Blijf vannacht hier,’ zei hij, ‘dan zal ik u daarna antwoorden wat de HEER mij zal ingeven.’ Dus bleven de Moabitische leiders bij Bileam. 9 God verscheen aan Bileam en vroeg: ‘Wie zijn die mannen hier bij jou?’ 10 Bileam antwoordde God: ‘Die zijn naar mij toe gestuurd door koning Balak van Moab, de zoon van Sippor, met deze boodschap: 11 “Er is een volk uit Egypte gekomen, dat overal in mijn land is neergestreken. Kom hierheen en spreek er een vloek over uit. Misschien kan ik het dan aanvallen en verjagen.”’ 12 God zei tegen Bileam: ‘Ga niet met hen mee en vervloek dat volk niet, want het is gezegend.’

Nu wil ik je laten zien dat Bileam veel terechte kritiek krijgt, want hij heeft vreselijke dingen gedaan, maar op dit moment handelde Bileam juist. Bileam zei tegen de boodschappers dat hij niets kon doen, tenzij God hem toestemming gaf het te doen. Hij wachtte, hij bad erover. God sprak tot hem, en zie hoe Bileam reageerde op de aanwijzing van de Heer. In vers 13 staat: De volgende morgen zei Bileam tegen Balaks gezanten: ‘Keer naar uw land terug. De HEER geeft mij geen toestemming om met u mee te gaan.’

Tot hier heeft Bileam helemaal niets verkeerd gedaan. Bileam werd gevraagd om de Israëlieten te komen vervloeken, en hij zei: ‘Ik zal God erover raadplegen’. God zei: ‘Nee’. En Bileam gehoorzaamde God, en zei tegen de boodschappers dat ze maar terug moesten gaan. ‘God geeft me geen toestemming dit te doen’.
In vers 14: De Moabitische leiders vertrokken, en toen ze weer bij Balak terug waren, meldden ze hem dat Bileam geweigerd had met hen mee te komen. 15 Opnieuw stuurde Balak gezanten, meer dan de eerste keer en met groter aanzien. 16 Bij Bileam gekomen zeiden ze: ‘Dit zegt Balak, de zoon van Sippor: “Laat niets u ervan weerhouden naar mij toe te komen. 17 Ik zal u rijk belonen en ik zal alles doen wat u zegt. Kom toch en spreek een vloek over dat volk uit”.’

Nou, dit was nogal een aanbod voor Bileam. Hij bood hem rijkdom, aanzien, invloed. En ik geloof dat Bileam hiermee wel in verzoeking kwam. Maar ook toen had Bileam nog voldoende toewijding aan de Heer. Want kijk maar naar wat hij hier zegt in vers 18: Bileam antwoordde Balaks dienaren: ‘Ook al gaf Balak me al het zilver en goud uit zijn paleis, dan nog zou ik niets maar dan ook niets kunnen doen dat ingaat tegen het bevel van de HEER, mijn God.

Dat is een perfect antwoord, een beter antwoord dan dit kun je gewoon niet geven. Maar ik denk dat er al een lust en een begeerte begon te ontwikkelen naar aanleiding van alles wat aangeboden werd, maar desondanks deed en zei hij nog steeds de juiste dingen. Het was een perfect antwoord. Ook al gaf hij de helft van zijn koninkrijk, niets zal mij kunnen overhalen om iets anders te doen dan wat God me opdraagt om te doen.
In vers 19 zegt hij: Maar blijft ook u een nacht hier, dan kan ik horen wat de HEER mij ditmaal zal zeggen.’

Ik geloof dat Bileam hier in de fout begon te gaan. Tot op dit moment had Bileam geweigerd om op hun verzoek in te gaan. De tweede keer, toen ze met een verhoogd aanbod aankwamen, zei hij: ook al biedt Balak me de helft van zijn koninkrijk, ik zal nog steeds doen wat God me zegt te doen. En op dit punt had hij de hele zaak moeten laten vallen, want God verandert niet van gedachten en hij had er niet meer naar moeten vragen. Maar ik denk dat hij echt in verzoeking kwam voor de beloning, en dus ging hij weer naar de Heer en vroeg hem nogmaals. En dit is wat de Schrift in vers 20 zegt: ’s Nachts verscheen God aan Bileam en zei: ‘Als die mannen gekomen zijn om je te ontbieden, ga dan maar met hen mee. Maar je mag alleen doen wat ik je opdraag.’

De Heer besloot om Bileam te gebruiken, maar in plaats van Bileam een vloek over de Israëlieten te laten uitspreken besloot Hij hem een zegen over hen te laten uitspreken. Wat nogmaals laat zien hoeveel belang de Heer aan een zegen hecht. Hij ging dit doen om te bevestigen en te zegenen, en Zijn volk in staat te stellen de Moabieten te overwinnen. De Heer zei dus: als ze gekomen zijn om je te roepen met hen mee te gaan, ga dan maar met hen mee, máár, spreek uitsluitend het Woord dat Ik u zeg’. Hij voegde hier een waarschuwing toe voor Bileam. Hij wilde niet dat Bileam de Israëlieten zou vervloeken. Merk op dat Hij zegt: ‘Als ze gekomen zijn om je te ontbieden’.
Maar kijk naar het volgende vers, vers 21, dat zegt: De volgende morgen maakte Bileam zich gereed, zadelde zijn ezelin en ging met de Moabitische leiders mee.

Hier wordt niet verteld dat de Moabitische leiders ’s ochtends weer naar hem toe kwamen en meer druk hadden uitgeoefend. Het geeft de indruk dat Bileam de volgende ochtend opstond en direct zei: “Ik ga mee’. Met andere woorden, hij meende een kleine wijziging te zien in het standpunt van de Heer om hem te laten gaan. De Heer had nog helemaal niets veranderd aan zijn instructies wat Hij Bileam wilde laten zeggen. Hij wilde niet dat Bileam de mensen zou vervloeken, maar Bileam pakte deze kleine wijziging met beide handen aan. Misschien kon hij toch meegaan en alles doen wat gevraagd werd en de hele beloning binnenhalen. Hij haastte zich dus en ging met hen mee.

En het verhaal vertelt verder dat toen Bileam op zijn ezel meereed met de leiders van Moab, dat zijn ezel zich omkeerde en een andere kant op ging. Hij ging de boomgaard in. En Bileam pakte een stok en sloeg de ezel ermee. Hij ging weer het pad op, en deze keer probeerde hij een andere kant op te hollen en plette zijn voet tegen een muur. Bileam werd boos. Uiteindelijk deed deze ezel iets vreemds en stortte gewoon onder hem in elkaar. Bileam pakte weer zijn stok en gaf die ezel er van langs. En de Heer opende de mond van de ezel en de ezel begon te spreken: ‘Ik ben je trouwe ezel geweest, vanaf dat ik geboren werd. Hoe kun je me dit aandoen. Heb ik ooit iets verkeerd tegen je gedaan?’ En Bileam, hoe ongebruikelijk het ook voor hem was dat deze ezel tegen hem ging spreken, Bileam sprak meteen terug. Het zou echt heel interessant zijn alles te weten wat hier gebeurde, maar Bileam sprak tegen deze ezel: ‘Ik wou dat ik iets had om je meteen te doden omdat je deze dingen deed. Ik zou je vermoorden als ik het kon’. En opeens opende de Heer zijn ogen en zag Bileam dat er een engel was die de weg versperde en dat was de reden dat deze ezel al deze dingen deed.

En de engel sprak tot Bileam en zei: ‘Als jouw ezel deze drie keer niet opzij was gegaan, had ik je nu al gedood’. En opeens besefte Bileam dat hij serieus in de problemen zat. Hij boog voor deze engel en zei: ‘Als het u niet bevalt dat ik met deze boodschappers meega, dan keer ik terug’. En de engel zei: ‘Je kunt meegaan, maar zorg ervoor dat je het niet waagt iets anders te zeggen dan God je opdraagt te zeggen’. God plaatste overduidelijk een zeer sterke waarschuwing op het pad van Bileam, dat hij zich op zeer dun ijs bevond, en dat hij niet moest denken dat God hem zou toestaan de Israëlieten te vervloeken. Hij zei: ‘Zorg ervoor dat je uitsluitend spreekt wat God je gebiedt te zeggen’.


Dit deel van het verhaal kennen veel mensen wel. Als je het over Bileam hebt, geloven de meeste mensen dat Bileam hier de fout inging en dat dit is waar de nieuwtestamentische verzen hem voor veroordelen. Bileam zat in dit geval zeer zeker fout. Ik geloof dat God wist wat er in zijn hart omging en dat daarom deze engel kwam die hem zeker zou hebben gedood. Want God weet precies wat er in ons hart is. En Hij wist dat Bileam echt verlokt en verleid was om toe te geven aan Balaks wil, en Hij wilde niet dat Bileam Zijn volk zou gaan vervloeken.
Nou, laat ik je deze vraag stellen. Waarom maakte God zich überhaupt druk over Bileam, of hij zou komen en Zijn volk vervloeken? Weet je waarom? Omdat er kracht was in de woorden van Bileam! Nou is er kracht in de woorden van iedereen, maar Bileam was iemand die dit zo goed begreep dat hij een faam had dat wie hij ook maar zegende, gezegend was, en wie hij vervloekte, vervloekt was. Bileam had dus kracht in zijn woorden. En God wilde niet dat die kracht tegen Zijn volk werd ingezet. Echt, als jij niet gelooft dat Bileam de macht had de kinderen van Israël te vervloeken, of dat het geen effect zou hebben op hun vermogen het beloofde land binnen te trekken en deze volken te overwinnen, als jij niet gelooft dat dit mogelijk is, en denkt ‘woorden hebben gewoon niet zo’n kracht’, nou, dan zou dit wel heel veel moeite zijn, die God zich heeft getroost voor iets dat niet zo heel belangrijk is. Het feit alleen al dat God het gaan van Bileam en de woorden die hij zou uitspreken zó serieus nam, laten je zien dat er dus kracht in onze woorden schuilt.
Natuurlijk, in onze ‘verlichte’ tijd weten wij zoveel meer en zijn we zo geavanceerd dat we al dat soort dingen als bijgeloof beschouwen. Zo kijken de meeste mensen ertegenaan. Maar ik verzeker je dat ik geloof, door de manier waarop de Bijbel dit laat zien, dat er echt kracht in de tong ligt. De woorden die wij spreken zíjn superbelangrijk. Onze wereld wordt zeer beïnvloed door al het gemopper en geklaag en de negativiteit die geuit wordt. Je zou het ook zo kunnen noemen, maar die woorden worden vandaag de dag niet gebruikt, maar eigenlijk vervloeken wij voortdurend dingen.

Heel vaak beseffen we het niet, maar we worden door onze eigen tong vastgepind. Je vervloekt jouw eigen situatie. Jezus nam de vijf broden en de twee vissen die Hij had. Hij hief zijn ogen naar de hemel en Hij zegende ze. Weet je dat vijf broden en twee vissen helemaal niets was in vergelijking met de behoefte? Er waren daar vijfduizend mannen, de vrouwen en kinderen niet meegerekend. Dat staat in Markus 6. En Jezus nam dit kleine beetje voedsel en zegende het. En omdat Hij er een zegen over uitsprak, voedde Hij er al die mensen mee, en er bleef nog meer over, toen Hij klaar was, dan waarmee Hij begon. Wat doen wij met het kleine beetje dat wij hebben? Wij vervloeken het en zeggen: ‘Je stelt niets voor, je bent niet genoeg. Dit gaat niet werken. Dit is gewoon niet genoeg. Ik kan niet aan de behoefte voldoen.’ En wij spreken woorden van dood uit onze mond.


Ik weet dat sommige mensen denken: ‘Man, dit is toch dwaas? Woorden hebben toch helemaal nergens invloed op?’ Nou, dat is niet wat de Bijbel je leert. In Jacobus 3 wordt gesproken over de kracht van woorden en vanaf vers 1 staat er: 1 U moet niet allemaal leermeesters willen worden, mijn broeders. U weet toch dat wij een strenger oordeel zullen ontvangen?

Met andere woorden, probeer niet over alles de baas te zijn en dan vertelt het ons waar we ons op moeten concentreren. Concentreer je op je woorden. Vers 2: Want wij struikelen allen in veel opzichten. Als iemand in woorden niet struikelt, is hij een volmaakt man, die in staat is om ook het hele lichaam in toom te houden.

Met andere woorden, als jij je woorden kunt beheersen, kun jij je hele lichaam beheersen. En ik sla wat over naar vers 5: Zo is ook de tong een klein lichaamsdeel, en roemt toch van grote dingen. Zie eens hoe een klein vuur een grote hoop hout aansteekt. 6 Ook de tong is een vuur, een wereld van ongerechtigheid. Zo is de tong gesteld onder onze lichaamsdelen. Zij verontreinigt het hele lichaam, en zet onze levensloop vanaf het begin in vlam, en zijzelf wordt door de hel in vlam gezet.

Nou, dit is een ferme uitspraak. Ze zegt dat de tong werkt als een klein vonkje, dat in staat is een heel bos in brand te zetten. En zelf wordt ze aangestoken door de hel. Hij zegt dat de tong zo bij ons is. En hij zegt dat de tong je hele lichaam verontreinigt. Veel van de problemen die wij hebben in ons lichaam worden veroorzaakt door de woorden die we spreken. Maar velen van ons hechten geen waarde aan woorden en we respecteren ze niet. Maar dit zegt dat jouw woorden je hele lichaam verontreinigen en de hele loop van de natuur, je leven in brand zetten. En zelf wordt ze door de hel aangestoken.


Ik verzeker je dat er in onze wereld heel veel dingen gebeuren die wij aan natuurlijke, fysieke redenen toeschrijven, maar die dat niet zijn. Het komt door de woorden die mensen spreken. En wij zijn er duidelijk niet zo openlijk of vertrouwd mee zoals soms in het verleden. Toen had je heksen en dat soort mensen die betoveringen en bezweringen uitspraken, maar het hoeft helemaal niet met een punthoed op en boven een borrelende kookketel. En je hoeft het niet met al die rituelen te doen. Het doet er niet toe welke formule je gebruikt. Je kunt mensen met je woorden vervloeken. En de Schrift spreekt daarover in Romeinen 12 waar staat: ‘Zegent en vervloekt niet’. Je zou geen aansporing krijgen om niet te vervloeken als je het niet zou kunnen. En dit gaat niet over het gebruik van lelijke woorden of krachttermen. Dit gaat over: ‘Vervloek geen mensen’. Ouders vervloeken hun kinderen voortdurend: ‘Je bent een idioot, jou lukt ook nooit iets’. Dat soort woorden zetten de dood in werking in het leven van mensen en ze tasten dat kind meer aan dan jij ooit maar beseft. In ieder geval, ik kan afdwalen en hier heel veel tijd aan besteden. Maar ik verzeker je dat dit voorbeeld van Bileam die door Balak werd ingehuurd om de kinderen van Israël te vervloeken een groot belang toekent aan woorden en aan het vermogen om te zegenen en te vervloeken. Het is een belang waarvan de meeste mensen van tegenwoordig gewoon niet beseffen dat die bestaat. Maar niet de Bijbel is verkeerd, onze tegenwoordige manier van denken is verkeerd. En omdat jij het belang van woorden niet beseft, betekent dit nog niet dat ze niet belangrijk zijn. In feite zegt Jezus zelf in het Nieuwe Testament in Matteüs 123: ‘ Door uw woorden zult u gerechtvaardigd worden, en door uw woorden zult u veroordeeld worden’, en ‘van ieder ijdel woord dat de mens spreekt zal hij rekenschap afleggen op de dag van het oordeel’.

Misschien hecht jij niet zoveel waarde aan woorden, maar God doet dat zeker wel. Dus, in ieder geval, jouw woorden zijn belangrijk.




  1   2   3


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina