Zingen met je kind Aan: de ouders van de kinderen van groep 1 / 2 / 3



Dovnload 97.76 Kb.
Datum22.07.2016
Grootte97.76 Kb.







Zingen met je kind
Aan: de ouders van de kinderen van groep 1 / 2 / 3
We hebben dit jaar heel veel nieuwe liedjes geleerd in groep 1, 2 en 3.

Van zingen word je vrolijk en je leert er ook nog een heleboel nieuwe woorden van.

Daarom geven we u hierbij de teksten van de liedjes die de kinderen hebben geleerd, zodat u samen met de kinderen thuis kunt zingen.
Misschien kent u er wel een paar en anders zingt uw zoon of dochter het wel voor. Ik wens u veel plezier samen met uw kind!
Arie de Bruin

(leraar muziek)

Liedjes om samen te zingen
1.

Schaapje, schaapje, heb je witte wol

Ja baas, ja baas, drie zakken vol

Eén voor de meester en één voor zijn vrouw

Één voor de juffrouw die bibbert van de kou

Schaapje, schaapje, heb je witte wol

Ja baas, ja baas, drie zakken vol.
2.

Als je zeven knuffels hebt, ze liggen allemaal op bed

en je telt ze allen één voor één

als je er te weinig hebt, als je er geen zeven hebt

maar je mist er één:

Dan….. ga je zoeken, in alle hoeken

tot je ook die ene weer gevonden hebt
Als je honderd schapen hebt, een hele grote kudde hebt

en je telt ze allen één voor één,

als je er te weinig hebt, als je er geen honderd hebt

maar je mist er één

Dan….. ga je zoeken, in alle hoeken

tot je ook die ene weer gevonden hebt
3.

Deze vuist op deze vuist, deze vuist op deze vuist,

deze vuist op deze vuist en zo klim ik naar boven
Deze duim…..

Deze pink……

Deze hand…..

Deze knie…… Deze voet….. en zo kun je doorgaan….

4.

Poesje miauw, kom eens gauw

ik heb lekkere melk voor jou

en voor mij rijstebrij

ook wat heerlijk smullen wij.
Hondje waf, waf, waf, waf

blijf jij van mijn lekkers af

kom maar hier, lekker dier

krijg jij een bordje met plezier.
5. De spin Wiedewin, de spin Wiedewin

die weeft een web, die weeft een web

de spin Wiedewin, de spin Wiedewin

die vangt daar mugjes en vliegjes in!
6.

Ik zag twee beren broodjes smeren

o, het was een wonder

’t was een wonder bovenwonder

dat die beren smeren konden

hihihi hahaha, ‘k stond erbij en ik keer er naar
- ‘k zag twee bijen auto rijden

- ‘k zag twee koeien bootje roeien

- ‘k zag twee slangen de was ophangen

- ‘k zag twee poezen samen douchen

- ‘k zag twee vlooien water gooien

- ‘k zag twee apen lekker slapen

- ‘k zag twee mussen, mama kussen
7. Advocaatje ging op reis tiereliereliere

Advocaatje ging op reis, tierelierelom

Met zijn hoedje op zijn arm, tiereliereliere

Met zijn hoedje op zijn arm, tierelierelom
- Bij een herberg bleef hij staan

- Stokvis kreeg hij bij ’t ontbijt

- Graatje stak hem in de keel

- Dokter werd er bij gehaald

- Maar de dokter wat te laat

- Toen ging advocaatje dood

….. en toen…..

Met zijn hoedje op zijn arm, tiereliereliere

Met zijn hoedje op zijn arm, tierelierelom
8.

Berend Botje ging uit varen

met zijn scheepje naar Zuid Laren

de weg was recht, de weg was krom

nooit kwam Berend Botje weerom

Een twee drie vier vijf zes zeven

waar is Berend Botje gebleven?

Hij is niet hier, hij is niet daar, Hij is naar Amerika.

Amerika, Amerika, driemaal in de rondte van je hopsasa
Wat deed hij daar in Amerika

Hij speelde op zijn harmonika

Hij speelde hier, hij speelde daar

En hij speelt van tralala

Amerika, Amerika, driemaal in de rondte van je hopsasa
9.

In de maneschijn

in de maneschijn

klom ik op het trapje naar het raamkozijn.

En je waagt het niet

en je waagt het niet

zo doet een vogel en zo doet een vis

zo doet een duizendpoot die schoenpoetser is
En dat is één

en dat is twee

en dat is dikke, dikke, dikke tante Kee

En dat is recht

en dat is krom

en nu draaien we het wieltje nog eens om

rom bom
10.

Tikke takke regen

Tik tak op het dak

Tikke takke regen

Op de wegen

Plens plens… plas plas plas

Druppeltjes op mijn regenjas
11.

Het regent, het regent de pannetjes worden nat.

Daar kwamen twee boerinnetjes die vielen op hun kinnetjes (of billetjes!)

Het regent, het regent de pannetjes worden nat.

Daar kwamen twee boerinnetjes die vielen op hun gat.

12.

Rijden, rijden, rijden in een autobus,

Hé chauffeurtje kom je wel op tijd?

Rijden, rijden, rijden in een autobus,

O, kijk eens hoe dat auobusje rijdt!
13.

Slaap kindje slaap

daar buiten loopt een schaap

een schaap met witte voetjes

die drinkt zijn melk zo zoetjes

slaap kindje slaap, daar buiten loopt een schaap
14.

Me go bai wan soekroe sani

Jemba, jemba

Me go bai wan soekroe sani

Jemba, jemba
‘k Ga een lekker snoepje kopen, jemba, jemba

‘k Ga een lekker snoepje kopen, jemba, jemba




Een koetje en een kalfjem die liepen in de wei

toen kwam er een heel mooi varkentje voorbij.

dat zei, dat zei: geef dat kalfje maar aan mij.

Nee, zei de koe: boe boe boe

(schaap - lammetje, kip kuikentje, paard - veulentje emz)


  1. Wat hoor ik toch?

Wat hoor ik toch, wat is dat voor een beest?

Ra, ra, ra hoe heet dat beest?

Weet je wel, wat dat is geweest? Rarara, hoe heet dat beest?
17. Wij lopen rond in het Kralingse bos


  1. Zullen we samen bison jagen?

Zullen we samen jagen gaan

door de bossen door de velden, bison gezien, tel tot 10....... grrr


  1. Boter op je boterham, boter bij de vis,

weet je wat ik eten wil als het DINSDAG is?


  1. Onder de grond, onder de grond

dar woont een mol in zijn jasje van bont

graaft er een gang, tien meter lang

zand op zijn snuitje en zand op zijn wang.

Molletje kan bijna niets zien, dat is toch gevaarlijk misschien

Molletje let nou eens op, zet voortaan altijd je brilletje op.


  1. ‘t Is lente, ‘t is lente, de vogels fluiten weer

‘t is lente, ‘t is lente het is nu lekker weer,

ga je mee naar buiten, waar alle vogels fluiten

‘t is lente, ‘t is lente, de vogels fluiten weer.

En dan nog enkele opzegversjes
1.

Hommeltje en Pommeltje die klommen op een berg

Hommeltje was een kaboutertje en Pommeltje een dwerg

Ze klommen hoog tot in het topje

en schudden, schudden met hun kopje.

Toen zijn ze in de berg gekropen

en niemand zag ze ooit nog lopen.

Ze slapen zachtjes op één oor…

ssssttt… ik geloof dat ik ze hoor.
2.

Een spinnetje, een spinnetje

maakte een beginnetje

hij draaide draadjes uit zijn kont

en draaide driemaal in het rond.

Kijk eens wat ik hier nou heb…

een heel mooie spinnenweb!
3.

Ik heb twee bruine (blauwe, zwarte, grijze, groene) ogen

hier in mijn gezicht

en als ik ’s avonds moet ben

doe ik mijn luikjes dicht.
4.

Ik heb twee lange benen

met onderaan een voet

en dan komen tien tenen

in een lange stoet
één grote en vier kleine

dus vijf aan elke kant

vijf onderkantse vingers

vijf aan iedere hand.

5.

Mijn hand heeft mooie pootjes

er zijn er minstens vier

en een duimpje met een muisje

die maken ook plezier.
6.

Ik doe een heel klein tukje

lekker op mijn krukje

gaap, gaap, gaap,

ik heb een beetje slaap.










De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina