9. 3 Antwoorden en toelichting Introductie > 2: Spiegel aan scherven



Dovnload 181.01 Kb.
Pagina1/3
Datum14.08.2016
Grootte181.01 Kb.
  1   2   3
9.3 Antwoorden en toelichting

Introductie

-> 2: Spiegel aan scherven

slu werkboek: 60 minuten slu totaal: 90 minuten



1 Bewogen beweging

1.2 Antwoord: twee van de volgende:



  • Het beeld is een van de topstukken van het Louvre, het is
    dus een schoolvoorbeeld van de geaccepteerde en
    bestaande kunst.

  • Het beeld is dynamisch, de vleugels en de wapperende
    gewaden verwijzen naar beweging en snelheid. Volgens
    Marinetti is het beter begrippen als snelheid en beweging
    te koppelen aan moderner onderwerpen.

  • Het is een klassiek Grieks beeld. De klassieke kunst is de
    grondslag voor de kunst die Marinetti juist omver wil
    werpen.

1.2 Toelichting:

Meerdere antwoorden zijn mogelijk. De vraag is bedoeld om leerlingen actief te laten nadenken over de mate waarin kunst reageert op (technische) ontwikkelingen. Het uitwisselen of bespreken van de antwoorden bevordert dit nog meer.

1.3 Antwoord:

De auto is nauwelijks herkenbaar afgebeeld. In plaats daarvan lijkt de voorstelling bepaald te worden door het streven beweging (op een abstracte manier) weer te geven.

1.4 Antwoord: strekking:

De foto geeft juist door zijn tekortkomingen de snelheid van de auto goed weer (en daarom is de foto typerend voor een tijd waarin de fascinatie voor snelheid ontstaat).

1.5 Antwoord: een of meer van de volgende:


  • De houtsnede is snel (of spontaan) gemaakt en niet
    nauwkeurig afgewerkt.

  • Het perspectief is onbeholpen, alsof de maker zich geen
    tijd gegund heeft alles nauwkeurig (verstandelijk) uit te
    meten.

  • De lichamen en koppen van de vijf dames zien er primitief
    en onbeholpen uit.

1.6 Antwoord:

Lartigue heeft met de auto meebewogen tijdens het maken van de foto. Het is alsof hij zich heeft laten meeslepen met de autorace en dat is aan de foto te zien. (Het is in dubbel opzicht een 'bewogen' foto).

1.7 Toelichting:

Tijdens het uitwisselen of bespreken van antwoorden is het zinvol er op te wijzen dat niet zozeer het onderwerp als wel de wijze waarop het onderwerp vorm heeft gekregen in het kunstwerk het expressieve karakter bepaalt. Vraag eventueel aan de leerlingen hun voorbeelden mee te nemen.



Oriëntatie

Muziek: noem twee kenmerken van de expressionistische muziek.




2 Spiegel aan scherven

slu werkboek: 180 minuten slu totaal: 300 minuten



2.1 Antwoorden:

Noem twee kenmerken die voor alle expressionistische kunstwerken gelden.

Twee van de volgende:


  • Krachtig (vaak onregelmatig en sterk wisselend) ritme.

  • Sterke dynamiek (verschil tussen sterk en zacht is groot).

  • Onvoorspelbare of atonale klankcombinaties.

Expressionistische kunstenaars zoeken hun inspiratie niet in het saaie leven van alledag. Hieronder staan vier inspiratiebronnen. Noem bij elk van deze bronnen twee kunstwerken. De werken kunnen meer dan een keer worden genoemd.


Twee van de volgende:

  • Met uitdrukken van emoties of stemmingen is belangrijk.

  • Vaste regels en voorschriften moeten het ontgelden
    (omdat ze directe uitdrukking in de weg staan).

  • Stijl is erg persoonlijk, sluit niet (altijd) aan bij de smaak
    van het publiek.

  • Belangstelling voor het primitieve of ongekunstelde.

  • Felle of heftige klanken, bewegingen en vormen
    overheersen.

Noem voor zowel de beeldende kunst, dans en muziek twee kunstenaars die tot het expressionisme gerekend worden.


Nachtleven

Exotisme

Dromen

Waanzin

Fünf Kokotten Erwartung

L'apres midi La dance (La sacre)

Erwartung De schreeuw (L' apres midi)

Hexentanz Erwartung De schreeuw

2.2 Antwoorden:

Expressionistische kunstenaars hebben veel belangstelling voor primitieve kunst. Omschrijf wat primitieve kunst deze kunstenaars te bieden heeft.




Beeldende kunst

Dans

Muziek

- Kirchner, - Matisse, - (Munch)

- Nijinski, - Wigman

- Stravinsky, - Schb'nberg

Beeldende kunst: noem drie kenmerken waaraan je een expressionistisch schilderij kunt herkennen.

Drie van de volgende:



  • Felle (of onverzadigde) kleuren.

  • Vorm wordt aangetast of gedeformeerd.

  • Door ontbreken van lijn- en kleurperspectief weinig
    ruimtelijk.

  • Handschrift van de maker laat zichtbare sporen na
    (expressieve hanteringswijze).

Dans: het expressionisme breekt met de academische dans (het klassieke ballet). Noem twee tegenstellingen tussen deze twee dansstijlen.

Twee van de volgende:



  • Gebaseerd op academische (klassieke) posities of
    bewegingen o expressieve bewegingen.

  • Voorkeur voor klassieke balletkleding (tutu en spitzen)
    lossere kleding, (vaak) op blote voeten.

  • Dans volgt muziek o muziek en dans kunnen bestaan
    zelfstandig naast elkaar.

  • Nadruk op gewichtloosheid (sierlijk, zweven) o nadruk
    op zwaartekracht.

Strekking antwoord:

Primitieve kunst wordt beschouwd als 'eerlijke' kunst: ongecultiveerd of ongekunsteld. Primitieve kunst staat dichter bij directe expressie van emoties (oerdriften, instincten). Primitieve kunst neigt meer naar abstracte vormgeving.

Noem voor de beeldende kunst, dans en muziek een kunstenaar die zich laat inspireren door primitieve kunst.

Beeldende kunst

Dans

Muziek

Leger, Picasso, Kirchner

Borlin, (Nijinski)

Milhaud, (Stravinsky)

Noem kunstenaars die met het aanleggen van verzamelingen of met reizen naar verre landen hun kennis van primitieve kunst uitbreidden.

Reizen: Klee, Kandinsky, Milhaud.

Verzamelen: Picasso, Kirchner, Matisse, Rolf de Mare.

Dans en Drama: beschrijf hoe in de voorstelling La Creation du Monde kostuums, decorstukken en dans elkaar bemvloeden.

Kostuums: Kostuums beperken de bewegingsvrijheid van

de dans.


Decor: Het decor en de kostuums vormen een eenheid, het

oogt als een bewegend decor.

Dans: Dans wordt ondergeschikt aan decor en kostuums.

Muziek: blues en ragtime zijn van invloed op de New-Orleans-jazz. Noem bij deze drie muziekstijlen de belang-rijkste kenmerken.

In dit hoofdstuk wordt de voorliefde voor fragmentatie in de kunstwereld in verband gebracht met ontwikkelingen buiten de kunstwereld. Noem drie van deze ontwikkelingen.





Blues: twee van de volgende:

Vast akkoordschema Cover 12 maten); slepend tempo;

gebruik van blue notes en dirty intonation; tekst gaat over

verdriet, lijden, etc.

Ragtime: twee van de volgende:

Strakke baspartij waar melodie ritmisch tegenin gaat;

Ragged time of verscheurde maat; snel gespeeld Critme en

melodie jagen elkaar na).

New Orleans: twee van de volgende:

Orkesten met grote bezetting; collectieve improvisaties;

improvisaties op blues en ragtime [of integreert andere

(eerdere) stijlen van Afro-amerikaanse muziek.

De film The Jazz Singer en de Revue Negre spelen in op (yoor)oordelen van het grote publiek. Noem hiervan twee voorbeelden.

Opkomst machinetijdperk: op werkplaatsen worden uit losse onderdelen voorwerpen, machines e.d. gemaakt. Ontstaan filmindustrie: montage van losse shots is kenmerkend voor film.

Belangstelling psychoanalyse: Freud demonteert de psyche, hij bestudeert onderdelen.

Verklaar de titel van dit hoofdstuk: De spiegel aan scherven.

Strekking antwoord:

Het idee dat alles af en compleet is, wordt ondermijnd. Of: de illusie dat alles beschreven of verbeeld kan worden vanuit een altijd geldende totaalvisie verliest geldigheid.




In The Jazzsinger wordt de hoofdrol gespeeld door een geschminkte blanke (coonsinger) zijn uiterlijk is een parodie op het uiterlijk van een neger. Het optreden van Baker is erotisch geladen, ze draagt een bananenrokje alsof ze rechtstreeks uit de Afrikaanse jungle komt. [Nb. De affiche laat de vooroordelen goed zien.)

2.3 Antwoorden:

Marinetti stelt in zijn futuristisch manifest nieuwe eisen aan de kunst. Noem twee belangrijke eisen uit dit manifest.



2.4 Antwoorden:

Het oordeel van futuristen en dada'fsten over de oorlog is tegengesteld. Noteer nun visie op de oorlog.

Futurisme is (aanvankelijk] enthousiast over de oorlog.

Futuristen beschouwen oorlog als een soort 'grote

schoonmaak' die de komst van de moderne tijd zal

versnellen.

Dada keert zich tegen de oorlog. Voor Dada is de oorlog

het bewijs dat alle bestaande ideologieen (of visies) niet

meer serieus genomen kunnen worden.


Twee van de volgende:


  • Kunst moet zich richten op toekomst, op machinetijdperk.

  • Kunst moet een voortrekkersrol spelen ook voor terreinen
    buiten de kunst.

  • Kunst moet breken met bestaande (ouderwetse) kunst.

Beeldende kunst: noem aan de hand van het schilderij van Balla (afb. 2.16] twee aspecten van de vormgeving die kenmerkend zijn voor het futurisme.

Twee van de volgende:



  • Abstractie.

  • Ritmische compositie, herhalingen.

  • Opeenvolgende momenten van een beweging gevangen in
    een beeld.

Dans: De groene tafel is een combinatie tussen Ausdruckstanz, pantomime en klassieke Cacademische] dans. Noem van alle drie (dans)stijlen het meest kenmer-kende aspect.

Ausdruckstanz: Expressionistische dans met als doel

emotie/gevoel uit te drukken.

Academisch ballet: Ballet gebonden aan academische

regels zoals basisposities.

Pantomime: Met gebaren en mimiek Czonder woorden)

Cdramatische) handelingen naspelen.

Beeldende kunst: Dada introduceert als eerste de ready made. Sindsdien is de ready made uit de kunst niet meer weg te den ken. Wat is een ready made?




Beeldende kunst: bekijk de schilderijen van Picasso en Gris op de afbeeldingen 2.11 en 2.20. Noem twee kenmerken waaraan je een kubistisch schilderij herkent.

Ready Made betekent letterlijk: kant en klaar. Begrip in de beeldende kunst waarbij alledaagse voorwerpen tot kunst verheven worden.

Twee van de volgende:

  • Combinatie van verschillende gezichts- of standpunten
    Ccombinatie wisselende perspectieven).

  • Schilderij opgedeeld in hoekige fragmenten.

  • Gebruik van collage-elementen.

Muz\ek en drama: in Parade spee\t zowel in de voorstelling als in de muziek het begrip montage een belangrijke rol. Noem voor beide voorbeelden.

Muziek: in De Neus van Sjostakovitsj zijn zowel invloeden van het surrealisme als van dada hoorbaar en herkenbaar. Geef van beide invloeden een voorbeeld.





Muziek: alledaagse geluiden (typemachine, sirene, etc) zijn opgenomen in de muziek. Of: per onderdeel van de voorstelling wisselt het karakter van de muziek. Voorstelling: de scenes, ontleend aan de music-hall hebhenj' elk een heel eigen karakter. Of: de kostuums van de managers [Picasso) bestaan uit gemonteerde onderdelen.

Surrealisme: de inhoud van het verhaal: een neus On dromen volgens Freud een symbool van mannelijkheid) gaat op stap.

Dada: snelle korte scenes wisselen elkaar snel af en de muziek wisselt vaak van karakter [montagekarakter). Of: in het vijfde tafereel volgt de muziek het Versnipperen' van de tekst.


Film: Berlin Symphon/e einer Groszstadtis een van de laatste stomme films. Wat is een stomme film?

Een stomme film is een film zonder geluid of geluids-band. Tot 1927 werden er uitsluitend stomme films gemaakt.

In dit hoofdstuk wordt kunst besproken die bij het publiek niet altijd in de smaak viel. Kies voor zowel muziek, dans als voor beeldende kunst een voorbeeld van een kunstwerk dat niet door het publiek werd gewaardeerd. Geef ook aan waarom niet.


Film: noem twee redenen waarom veel films kort voor 1927 zich kenmerken door snelle montage.

Ontwikkeling van handzame (kleinere of lichtere) camera's. Het zijn de laatste films voor de toepassing van geluids-films, alles wat de filmer wil Vertellen' kan uitsluitend via beelden.

Mogelijke voorbeelden:


  • Muziek: Le sacre du printemps, Erwartung, Ursonate

  • Dans: Le sacre du printemps, Parade, Hexentanz

  • Beeldende kunst: Demoiselles d'Avignon, Fontein

De motivatie komt in deze gevallen neer op zowel inhoud Conbekend, aanstootgevend, provocerend) als op vormgeving (breken met bekende regels).

2.5 Antwoorden:

In zijn surrealistisch manifest beroept Breton zich op de denkbeelden van Freud. Omschrijf het verband tussen Freud en het surrealisme.

Strekking antwoord:

De psychoanalyse brengt het onderbewustzijn onder de aandacht. Het surrealisme wil dit onderbewustzijn in kunstwerken tot uitdrukking brengen.

Beeldende kunst: de werkwijze van Dali en Magritte wordt vaak in verband gebracht met het begrip trompe I'oeil wat 'bedriegen van het oog' betekent. Waarom is dit begrip van toepassing op hun werk?

Strekking antwoord:

In het werk van Dali en Magritte wordt het onderbewust­zijn (of de wereld van dromen, hallucinates etc.) zo bedrieglijk echt mogelijk verbeeld.

Beeldende kunst: naast deze trompe I'oeil-techniek ontwik-kelen de surrealisten het automatisme. Definieer de relatie tussen de droomCwereld) en deze twee werkwijzen.

Trompe I'oeil: de droomwereld Cbedrieglijk echt) verbeelden

of in beeld brengen.

Automatisme: beelden laten ontstaan vanuit een droom-

toestand.



Introductie

slu werkboek: 60 minuten slu totaal: 90 minuten



3 Propaganda?

3.1 Antwoord: twee van de volgende:



  • Alle vormen op de affiche zijn abstract.

  • De teksten staan schots en scheef (of in diagonalen) op
    het affiche.

  • De compositie van de affiche is erg dynamisch met
    diagonale richtingen.

3.2 Antwoord: twee van de volgende:

  • Een witte cirkel geeft de witten aan, een rode driehoek [de
    wig] dringt deze vorm binnen Cals een mes waarmee een
    bal wordt lek gestoken}.

  • De witte cirkel wordt omgeven door een zwart vlak, alsof
    het beschermd wordt of bescherming zoekt.

  • De richting van de rode driehoek (of pijO staat loodrecht
    op de diagonaal die ontstaat door de plaatsing van het
    zwarte vlak, dit benadrukt de aanval van wit.

3.3 Antwoord: twee van de volgende:

  • In het voorbijgaan op straat is er weinig tijd om de tekst
    te lezen.

  • De rode en witte vormen maken al duidelijk wat er aan de
    hand is, de tekst wordt daardoor onbelangrijk.

  • De bevolking is het lezen niet altijd machtig.

  • Door weinig tekst te gebruiken krijgt de affiche een
    bredere (of algemenere) betekenis.

3.4 Antwoord: twee van de volgende:

  • De vorm van de patronen zijn erg eenvoudig op basis van
    geometrie.

  • Het dessin van de stof bestaat niet uit borduursels maar
    uit eenvoudig gekleurde banen stof.

  • Voor het maken van de kleding zijn geen ingewikkelde
    technieken nodig, geen plooien, geen kraagjes, geen
    ingewikkelde sluitingen, etc.

3.5 Antwoord: strekking:

Het is belangrijk dat de bevolking de revolutie steunt. De machthebbers moeten uitdragen dat de belangen van de bevolking bij hen in goede handen zijn, dat ze weten wat er leeft onder de bevolking en zich niet van deze basis vervreemden, ook wat betreft smaak.

3.6 Antwoord:


  • Riefenstahl laat in haar film het resultaat zien: de goed
    georganiseerde partijdag. Ze bevestigt het beeld dat de
    partij wil uitdragen. Op de afbeelding staat niets wat
    buiten de regie van de partij valt.

  • Rodchenko 'kruipt achter de schermen' hij laat de
    Crommelige) voorbereidingen op de mars zien. Op de
    afbeelding staan toevalligheden, zoals mensen op het
    balkon staan te kijken naar de voorbereidingen.

3.7 Antwoord:

  • De compositie van het filmbeeld van Riefenstahl is strikt
    symmetrisch. Ze benadrukt de symmetrie door de keuze
    van het camerastandpunt. Of: door het vogelvluchtper-
    spectief (met een verdwijnpunt precies op de symmetrie-
    as] wordt benadrukt dat het om een enorme grote (goed
    georganiseerde] menigte gaat.

  • De compositie van de foto van Rodchenko is niet statisch
    en symmetrisch, maar meer dynamisch en diagonaal.
    Of: door het vogelvluchtperspectief worden onderwerpen
    naar voren gehaald (de balkons) die niets met het karak-
    ter van de mars zelf te maken hebben.

3.8 Toelichting:

Dit is een opinievraag. bij het uitwisselen of bespreken van de antwoorden kan stil worden gestaan bij de maatschap-pelijke betekenis van kunst, de zin (of zelfs het nut) van kunst, de rol van [en het verzet tegen] censuur, etc.



Orientatie

4 Opmars van de vooruitgang

slu werkboek: 180 minuten slu totaal: 300 minuten



4.1 Antwoorden:

De abstracte kunst van Malevich, Mondriaan en Brancusi oogt eenvoudig, maar wat drukken de werken uit? Kies eigen woorden van de kunstenaar.

Malevich: abstracte kunst is een uitdrukking van de

suprematie (ye rh even he id) van de geest over de materie.

Mondriaan: abstracte kunst laat wetmatigheid van god-

delijke of universele waarheid zien.

Brancusi: abstractie leidt tot de ware betekenis, tot

waarheid.

Mikrokosmos: een reeks van 153 opeenvolgende piano-

stukken die gebruikt kunnen worden in de lespraktijk: de

stukken zijn op grand van hun bruikbaarheid in de lessen

geordend.

Verzamelen volksliedjes: de volksliedjes worden niet

alleen verzameld maar ook in een systeem onderge-

bracht (of in categorieen ondergebracht).

Dans: noem een expressionistisch en een niet-expressionis-tisch kenmerk van Lamantation.

Expressionistisch: inhoudelijk expressionistisch: emoties worden uitvergroot [of tot uitdrukking gebracht), of: expressionistisch omdat de regels van het academische ballet genegeerd worden.

Niet expressionistisch: Graham kiest ervoor de bewegin-gen te systematiseren.




Beeldende kunst: in Compos/tie op afbeelding 3.3 in het tekstboek zijn de kenmerken van De Stijl herkenbaar. Noem drie kenmerken.

Gebruik van uitsluitend primaire kleuren rood, geel en

blauw.

Gebruik van geometrische of vierkante vlakken.



Lijnen geven [uitsluitend) horizontale of verticale richting

aan.


Het opstellen van algemene regels voor de kunsten sluit niet aan bij het expressionisme. Waarom niet?

Strekking antwoord: expressionisme streeft individuele (persoonlijke) uitdrukking van emoties of gevoelens na, dit leidt tot een hoogt persoonlijke stiji die niet in regels die voor iedereen (moeten) gelden te vangen is.



4.2 Antwoorden:

In de eerste revolutiejaren is de positie van progressieve kunstenaars in Rusland tegengesteld aan die in veel andere Europese landen. Benoem deze tegenstelling.

Strekking antwoord:

Progressieve kunstenaars ageren (strijden) tegen tradi-tionele of burgerlijke regels en visies. Ook de Russische revolutie is een strijd tegen traditie en bestaande macht-hebbers, de idealen van de revolutie komen overeen met die van de kunstenaars. In de rest van Europa blijven oude machtsverhoudingen gehandhaafd (of herstellen oude machtsverhoudingen zich snel).

Noem vier revolutionaire kunstenaars op onderstaande terreinen;


Muziek: als expressionist ontwikkelt Schonberg de atonale muziek. Enkele jaren later volgt de twaalftoonstechniek. Noem een overeenkomst en een verschil tussen de vroege atonale muziek en de later ontwikkelde twaalftoons­techniek.


2D-design

Mode

Film

Theater

- El Lissitzky

- Stepanova

- Eisenstein

- Meyerhold

Film: Bij de films van Eisenstein speelt attractiemontage een belangrijke rol. Noem twee kenmerken van attractiemontage.


Overeenkomst: in beide muzieksoorten wordt atonaliteit

gebruikt: de samenklanken passen niet binnen de

harmonieleer.

Verschil: in de eerste atonale muziek is het toepassen van

de klanken volkomen vrij, in de twaalftoonstechniek zijn

de klanken gebonden aan een vooraf vastgesteld systeem.

Muziek: Bartok pakt de zaken graag systematisch aan. Licht dit toe aan de hand van onderstaande voorbeelden.

Twee van de volgende:

Snelle en ritmische opeenvolging van filmfragmenten

Cshots).


Opeenvolgende filmfragmenten (shots) versterken

elkaars betekenis.

Opeenvolging filmfragmenten (shots) vaak op grand van

associatie On eerste instantie lijkt de opeenvolging niet

logisch).


Drama: Brecht wil met zijn toneelstukken niet in de eerste plaats het publiek vermaken. Wat wil hij in plaats daarvan bereiken met zijn stukken?

Strekking antwoord: Hij wil vooral bereiken dat het publiek nadenkt over - en stellingen inneemt ten opzichte van - de inhoud van het toneelstuk.



Drama: noem - los van inhoud en bedoelingen - drie tegen-stellingen tussen het lijsttoneel en het episch theater zoals Brecht dat ontwikkelt.

Drie van de volgende:



Lijsttoneel

Episch theater

Natuurlijke of levensechte speelstijl

Speelstijl meer gericht op types (yersterken of overdrij-ven van karakterrollen).

De getoonde wereld op het toneel staat los van het publiek

Publiek door vervreemdings-effecten geactiveerd mee te doen of denken.

Puur tekstmatig toneel

Toneelspel afgewisseld met liedjes.

Levensechte decors en kostuums

Decor draagt bij aan vervreemding van de (toneelmatige) werkelijkheid.

Drama: De Stanislavskymethode is tegenwoordig in Hollywood nog steeds bekend - en geliefd - als the method. Leg uit waarom.

Twee van de volgende:

Design moet inspelen op industriele productie.

Materiaaleigenschappen bepalen Czichtbaar) het ontwerp. • Geen toegevoegde decoraties, puur functioneel.

Architectuur: noem aan de hand van de afbeeldingen 3.17, 3.18 en 3.21 in het tekstboek drie kenmerken van vorm-geving die gelden voor Het Nieuwe Bouwen.

Drie van de volgende:



  • Voorkeur industrieel materiaal: beton, staal.

  • Voorkeur voor geometrische vormen, blokvormen, platte
    daken.

Voorkeur voor licht en ruimte: veel glas, witte wanden,

etc.


Functionele architectuur, geen decoraties, geen status-

verhogende materialen.

Design: het interieurvan het Schroderhuis Cafbeelding 3.21) wijkt in veel opzichten af van een traditioneel vooroorlogs interieur. Noem drie tegenstellingen.

Drie van de volgende tegenstellingen:




Strekking antwoord:

Veel [Hollywood] films zijn er op gericht het publiek mee te laten leven (zich te identificeren) met de personages. Of: film als medium leent zich beter voor het levensecht neerzetten van een illusie (waarbij het publiek kan weg-dromen). Of: in de film kan de camera personages van dichtbij laten zien, overdreven gebaren etc. komen lach-wekkend over en verstoren de illusie dat het allemaal echt is wat er op het scherm gebeurt.




Traditioneel interieur

Rietveld-Schroderhuis

Kamer is afgesloten ruimte

open [of variabele) ruimte.

Gedempte kleuren

primaire kleuren.

Veel stof en pluche (tapijten,

harde materialen

vitrages, gordijnen, bekleding)

lichte lege ruimte weinig

Donkere voile ruimte, veel Cmassieve) meubels

(iele) meubels.

Verklaar de titel van dit hoofdstuk: Opmars van de vooruitgang.


Film: noem uit een hedendaagse film een rol waarvan je weet, of vermoedt, dat de filmster zich heeft voorbereid volgens the method.

Er zijn veel mogelijke antwoorden: denk aan Dustin Hofmann in Rain man of Will Smith in AH.

Strekking antwoord:

Dit hoofdstuk gaat over kunstenaars die zich [vol opti-misme) richten op een betere toekomst. Zij zien zichzelf als voorhoede van de niet te stoppen modernisering. (Overigens is de titel ontleend aan een uitspraak van Le Corbusier, zie bladzijde 72 in het tekstboek.)






  1   2   3


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina