Organisatiehulp



Dovnload 436.71 Kb.
Pagina1/7
Datum27.08.2016
Grootte436.71 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7



Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs

Guimardstraat 1, 1040 Brussel






ORGANISATIEHULP

Derde graad BSO




LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS

VVKSO – BRUSSEL D/2010/7841/050

September 2010



Inhoud

ALGEMEEN DEEL 9

1 Lessentabel 9

1.1 Administratieve lessentabel (zie VVKSO-website – Lessentabellen) 9

1.1 Administratieve lessentabel (zie VVKSO-website – Lessentabellen) 9

1.2 Pedagogische lessentabel 9

1.2 Pedagogische lessentabel 9

2 UITGANGSPUNTEN 10

2.1 Sociaal-pedagogische bekommernis 10

2.1 Sociaal-pedagogische bekommernis 10

2.2 Sociaal-economische bekommernis 11

2.2 Sociaal-economische bekommernis 11

3 STUDIERICHTINGSPROFIEL 11

3.1 Tweepolige studierichting binnen dienstverlenende sectoren 11

3.1 Tweepolige studierichting binnen dienstverlenende sectoren 11

3.2 Praktijkgerichte en tewerkstellingsgerichte studierichting 12

3.2 Praktijkgerichte en tewerkstellingsgerichte studierichting 12

3.3 Algemene doelstellingen 12

3.3 Algemene doelstellingen 12

4 PROFIEL VAN DE LEERLING 12

5 ALGEMENE PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN 13

6 HET LEERPLAN EN HET OPVOEDINGSPROJECT 14

BASISMODULE: Exploratie van eigen leefomgeving 15

1 BEGINSITUATIE 15

2 ALGEMENE DOELSTELLINGEN 15

3 ALGEMENE PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN 15

4 LEERPLANDOELSTELLINGEN, LEERINHOUDEN, PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 16

4.1 De omgeving 16

4.1 De omgeving 16

4.2 Vrije tijd 16

4.2 Vrije tijd 16

4.3 Reizen 16

4.3 Reizen 16

5 MINIMALE MATERIELE VEREISTEN 19

6 BIBLIOGRAFIE 19

BASISMODULE: Sociale activiteiten 20

1 BEGINSITUATIE 20

2 ALGEMENE DOELSTELLINGEN 20

3 ALGEMENE PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 20

4 LEERPLANDOELSTELLINGEN, LEERINHOUDEN, PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 21

4.1 Kennismaking 21

4.1 Kennismaking 21

4.2 Omgangsvaardigheden op de stageplaats 22

4.2 Omgangsvaardigheden op de stageplaats 22

4.3 Attitudes 23

4.3 Attitudes 23

4.4 Communicatieve vaardigheden 23

4.4 Communicatieve vaardigheden 23

5 MINIMALE MATERIELE VEREISTEN 25

6 BIBLIOGRAFIE 25

BASISMODULE: Hygiëne, veiligheid en EHBO 26

1 BEGINSITUATIE 26

2 ALGEMENE DOELSTELLINGEN 26

3 ALGEMENE PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 26

4 LEERPLANDOELSTELLINGEN, LEERINHOUDEN, PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 27

4.1 Voedingshygiëne 27

4.1 Voedingshygiëne 27

4.2 Arbeidsveiligheid 27

4.2 Arbeidsveiligheid 27

4.3 Eerste hulp bij ongevallen 29

4.3 Eerste hulp bij ongevallen 29

5 MINIMALE MATERIELE VEREISTEN 31

6 BIBLIOGRAFIE 32

BASISMODULE: Participatie aan de arbeidswereld 33

SPECIFIEKE MODULE: Voedingsdienst 34

1 BEGINSITUATIE 34

2 ALGEMENE DOELSTELLINGEN 34

3 ALGEMENE PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 35

4 LEERPLANDOELSTELLINGEN, LEERINHOUDEN, PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 35

4.1 Handelsgerichte vaardigheden 36

4.1 Handelsgerichte vaardigheden 36

4.2 Ondersteunende cognitieve vaardigheden 39

4.2 Ondersteunende cognitieve vaardigheden 39

4.3 Ondersteunende beroepshoudingen 41

4.3 Ondersteunende beroepshoudingen 41

5 MINIMALE MATERIELE VEREISTEN 43

5.1 Specifieke inrichting 43

5.1 Specifieke inrichting 43

5.2 Specifieke uitrusting 44

5.2 Specifieke uitrusting 44

5.3 Uitzicht en afwerking 45

5.3 Uitzicht en afwerking 45

6 BIBLIOGRAFIE 45

SPECIFIEKE MODULE: Logistieke dienst 46

1 BEGINSITUATIE 46

2 ALGEMENE DOELSTELLINGEN 46

3 ALGEMENE PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 47

4 LEERPLANDOELSTELLINGEN, LEERINHOUDEN, PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 47

4.1 Handelingsgerichte vaardigheden 48

4.1 Handelingsgerichte vaardigheden 48

4.2 Ondersteunende cognitieve vaardigheden 50

4.2 Ondersteunende cognitieve vaardigheden 50

4.3 Ondersteunende beroepshoudingen 51

4.3 Ondersteunende beroepshoudingen 51

5 MINIMALE MATERIELE VEREISTEN - POLYVALENT LOKAAL 54

5.1 Specifieke inrichting 54

5.1 Specifieke inrichting 54

5.2 Specifieke uitrusting 54

5.2 Specifieke uitrusting 54

5.3 Uitzicht en afwerking 55

5.3 Uitzicht en afwerking 55

6 BIBLIOGRAFIE 55

SPECIFIEKE MODULE: Onderhoudsdienst 57

1 BEGINSITUATIE 57

2 ALGEMENE DOELSTELLINGEN 57

3 ALGEMENE PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 58

4 LEERPLANDOELSTELLINGEN, LEERINHOUDEN, PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 59

4.1 Handelingsgerichte vaardigheden 59

4.1 Handelingsgerichte vaardigheden 59

4.2 Cognitieve vaardigheden 62

4.2 Cognitieve vaardigheden 62

4.3 Ondersteunende beroepshoudingen 64

4.3 Ondersteunende beroepshoudingen 64

5 MINIMALE MATERIELE VEREISTEN 66

5.1 Specifieke inrichting 66

5.1 Specifieke inrichting 66

5.2 Specifieke uitrusting 66

5.2 Specifieke uitrusting 66

6 BIBLIOGRAFIE 67

6.1 Linnendienst 67

6.1 Linnendienst 67

6.2 Schoonmaakdienst 68

6.2 Schoonmaakdienst 68

6.3 Linnen en schoonmaakdienst 68

6.3 Linnen en schoonmaakdienst 68

SPECIFIEKE MODULE: Technische dienst 69

1 BEGINSITUATIE 69

2 ALGEMENE DOELSTELLINGEN 69

3 ALGEMENE PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 70

4 LEERPLANDOELSTELLINGEN, LEERINHOUDEN, PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN DIDACTISCHE MIDDELEN 70

4.1 Handelsgerichte vaardigheden 71

4.1 Handelsgerichte vaardigheden 71

4.2 Ondersteunende cognitieve vaardigheden 74

4.2 Ondersteunende cognitieve vaardigheden 74

4.3 Ondersteunende beroepshoudingen 76

4.3 Ondersteunende beroepshoudingen 76

5 MINIMALE MATERIELE VEREISTEN 79

5.1 Specifieke inrichting 79

5.1 Specifieke inrichting 79

5.2 Specifieke uitrusting 79

5.2 Specifieke uitrusting 79

5.3 Uitzicht en afwerking 80

5.3 Uitzicht en afwerking 80

6 BIBLIOGRAFIE 80

EVALUATIE VAN DE VAKKEN UIT DE SPECIFIEKE MODULES 82

1 Evalueren van handelingsgerichte en cognitieve vaardigheden en attitudes 82

1.1 Een vormingsproces aan de hand van regelmatigheid 82

1.1 Een vormingsproces aan de hand van regelmatigheid 82

1.2 Een proces met vormingskansen 82

1.2 Een proces met vormingskansen 82

1.3 Een vormingsproces via zelfevaluatie tot zelfkennis 82

1.3 Een vormingsproces via zelfevaluatie tot zelfkennis 82

2 RAPPORTEREN VAN EVALUATIEGEGEVENS 84

STAGES 85

1 SITUERING STAGES 85

1.1 Complementariteit: Praktijk/Stages en theorie 85

1.1 Complementariteit: Praktijk/Stages en theorie 85

1.2 Praktijk/Stages en vaardig gedrag 85

1.2 Praktijk/Stages en vaardig gedrag 85

1.3 Stages als adequate leeromgeving 85

1.3 Stages als adequate leeromgeving 85

2 BEGINSITUATIE 85

3 DOELSTELLINGEN 86

3.1 Algemene doelstellingen 86

3.1 Algemene doelstellingen 86

3.2 Beroepsgerichte doelstellingen 86

3.2 Beroepsgerichte doelstellingen 86

4 ORGANISATORISCHE ASPECTEN 87

4.1 Voorwaarden tot organisatie 87

4.1 Voorwaarden tot organisatie 87

4.2 Stagedossier 87

4.2 Stagedossier 87

4.3 Keuze stageplaatsen - stageplanning 87

4.3 Keuze stageplaatsen - stageplanning 87

5 ALGEMENE PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN 88

5.1 Algemeen 88

5.1 Algemeen 88

5.2 Stagementor - Stagebegeleider 89

5.2 Stagementor - Stagebegeleider 89

5.3 Stagebegeleiding 89

5.3 Stagebegeleiding 89

5.4 Stageactiviteiten 90

5.4 Stageactiviteiten 90

5.5 Stage-evaluatie 91

5.5 Stage-evaluatie 91



ALGEMEEN DEEL



  1. Lessentabel

    1. Administratieve lessentabel (zie VVKSO-website – Lessentabellen)

    2. Pedagogische lessentabel

In deze lessentabel

  • worden vakbenamingen opgenomen, zoals deze voorzien zijn in de administratieve lessentabel, met het voorziene aantal lesuren;

  • worden classificaties van vakken (AV, KV, PV, TV) en specialiteiten (= bekwaamheidsbewijzen) weggelaten.

Deze lessentabel

  • moet een pedagogisch verantwoorde vertaling zijn van de administratieve lessentabel;

  • is overzichtelijker voor leerlingen, ouders, PMS ...

1 Basisvorming







1ste lj.
8


2de lj.
8


AV Godsdienst







2

2

AV Lichamelijke opvoeding







2

2

AV Maatschappelijke vorming

2

2







AV Nederlands

2

2







OF













AV Project algemene vakken

4

4







2 Optie







22

23

2.1 Fundamenteel gedeelte













Basismodules

Exploratie van eigen omgeving

Hygiëne, Veiligheid en EHBO

Plastische opvoeding

Sociale activiteiten







2

1



2

2

0

1

2



2

Specifieke modules

1 Logistieke dienst

2 Voedingsdienst







2

6


2

6



Eén keuze uit

3 Onderhoudsdienst



OF

4 Technische dienst



OF

5 Stages








3


3


Stages







4

7

3 Complementair gedeelte: maximum







6

5

Fundamenteel gedeelte: Specifieke modules

Eerste leerjaar



  • Indien er 2 specifieke modules worden aangeboden (Logistieke dienst en Voedingsdienst), vermeerdert het stagepakket van 4 uur naar 7 uur per week.

  • Indien er wordt gekozen voor 3 specifieke modules (Logistieke dienst, Voedingsdienst en hetzij Onderhoudsdienst of Technische dienst), blijft het stagepakket beperkt tot 4 uur per week.

Tweede leerjaar

  • Er worden 3 specifieke modules aangeboden (Logistieke dienst, Voedingsdienst en hetzij Onderhoudsdienst of Technische dienst). Het stagepakket bedraagt 7 uur per week.

Complementair gedeelte

  • Te kiezen uit de vakken en/of specialiteiten opgesomd in het Besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 1989 tot vaststelling van de algemene vakken, de kunstvakken, de technische vakken en de praktische vakken in de instellingen voor secundair onderwijs met volledig leerplan, voor zover het vakken of specialiteiten betreft waarvan het Besluit van de Vlaamse regering van 14 juni 1989, zoals gewijzigd, bekwaamheidsbewijzen vastlegt in de derde graad.

  • Wanneer in het complementair gedeelte één of meer vakken gekozen worden die ook voorkomen in de basisvorming of in het fundamenteel gedeelte dan vervallen deze vakken niet in de basisvorming, noch in het fundamenteel gedeelte.

  • Pedagogische aanbeveling:
    Frans 2 2
    Participatie aan de arbeidswereld 2 1

  1. UITGANGSPUNTEN

    1. Sociaal-pedagogische bekommernis

      1. Meer kansen voor een aantal leerlingen

Sedert de leerplichtverlenging tot 18 jaar stelt men vast dat wie voortijdig het onderwijs verlaat, over minder tewerkstellingskansen beschikt. In die zin blijft het een uitdaging een derdegraadsopleiding BSO aan te bieden, die speelt op de interesses van jongens en meisjes, en tevens op de behoeften van het bedrijfsleven.

      1. Heroriëntering voor bepaalde leerlingen

Bepaalde leerlingen zijn na de tweede graad (BSO, KSO en TSO) aan heroriëntering toe. Nadat zij een studierichting gevolgd hebben die hen niet te best lag, zijn ze op zoek naar een opleiding die hen betere toekomstperspectieven kan bieden, of hun studiemotivatie kan stimuleren.

      1. Zinvolle voorbereiding op het leven

Rekening houdend met de kwetsbaarheid van dit type leerlingen voor werkloosheid, moet het concept kwalificatie verbreed worden. Zij moeten uit de genoten vorming voldoende nut opdoen om zich sociaal en relationeel te ontplooien. Hoe paradoxaal het ook moge klinken: een dergelijke kwalificatie bereidt niet alleen voor op een bepaalde beroepengroep, maar dient tegelijkertijd als een kwalificatie voor een gelukkig en sociaal gericht leven.

    1. Sociaal-economische bekommernis

      1. Professionele voorbereiding op tewerkstelling

Op grond van de onrustwekkende werkloosheidscijfers van jonge schoolverlaters, moeten we streven naar een BSO-studierichting, toegankelijk voor jongens en meisjes, die maximale kansen op tewerkstelling kan bieden.

Wat meer in het bijzonder de hulpfuncties betreft in de logistieke, voedings-, onderhouds- en technische dienst, moeten we rekening houden met de actuele opleidingsverwachtingen van deze specifieke bedrijfstakken. Tewerkstelling in deze sectoren is gekoppeld aan professionaliteit en polyvalentie.

Professionaliteit veronderstelt een klantgerichte visie, waarbinnen de dienstverlening plaatsvindt. De specifieke kennis en vaardigheden, eigen aan de diverse functies binnen een dienst, moeten steeds gericht zijn op het verhogen van de kwaliteit van een klantgerichte dienstverlening.

Onder polyvalentie verstaat men het soepel inzetbaar zijn, om diverse functies binnen een dienst te kunnen opnemen. Omgangs- en communicatievaardigheden doordringen alle activiteiten van de organisatiehelper.



Een te eng opgevatte kwalificatie heeft tot gevolg dat afgestudeerden niet genoeg kunnen inspelen op het gedifferentieerd tewerkstellingsaanbod.

      1. Voorbereiding op tewerkstelling in de regio

Tewerkstelling voor deze leerlingengroep betekent bij voorkeur regionale tewerkstelling. Het tewerkstellingsaanbod is, gezien de diversiteit aan sectoren binnen de dienstverlening en de diversiteit aan functies binnen bedrijven en instellingen, regionaal verschillend. Voorbereiden op tewerkstelling in de regio veronderstelt dan ook een nauwe samenwerking met de plaatselijke bedrijven en instellingen.

  1. STUDIERICHTINGSPROFIEL

    1. Tweepolige studierichting binnen dienstverlenende sectoren

'Organisatiehulp' is zowel een productgerichte als een mensgerichte studierichting. Dit houdt in dat de leerlingen/de werknemers functies moeten opnemen waarbij zij

  • hoofdzakelijk productgericht werken, maar weinig rechtstreeks contact hebben met de klant, de bewoner;

  • naast de productbehandeling, rechtstreeks geconfronteerd worden met de klant, de bewoner.

De dubbelpoligheid vormt de rode draad doorheen de diverse dienstverlenende sectoren die aan bod komen in de opleiding, namelijk

  • de logistieke dienst;

  • de voedingsdienst;

en, naar gelang van de gemaakte keuze:

  • de onderhoudsdienst;

  • de technische dienst.

De afgestudeerden van de studierichting verlenen eerstelijnsdiensten aan organisaties in de brede zin van het woord.

    1. Praktijkgerichte en tewerkstellingsgerichte studierichting

Professionele voorbereiding op tewerkstelling in

  • de logistieke dienst: als medewerker op een afdeling in een verzorgingsinstelling/een ziekenhuis;

  • de voedingsdienst: als medewerker in de keuken, en als servicemedewerker bij de bediening en in een verkoopszaak;

en, naar gelang van de keuze, in

  • de onderhoudsdienst: als medewerker in de linnendienst en de schoonmaakdienst;

  • de technische dienst: als servicemedewerker in een doe-het-zelfzaak/woonwarenhuis en in een tuincentrum.

Via de vorming en de specifieke opleiding om deze functies op te nemen, zijn deze leerlingen tevens professioneel voorbereid om als servicemedewerker tewerkgesteld te worden in aanverwante dienstverlenende sectoren, zoals

  • in verblijfs-, onderwijs-, vormingsinstellingen;

  • in industrie-, distributie- en toeleveringsbedrijven;

  • bij gelegenheidsonthaal.

    1. Algemene doelstellingen

  • Zich heroriënteren na een andere tweede graad BSO/TSO dan Personenzorg.

  • Verwerven van handelingsgerichte vaardigheden, cognitieve vaardigheden en beroepshoudingen, met het oog op

     het professioneel uitvoeren van opdrachten binnen de diverse diensten;

     het bieden van eerstelijnshulp;

     het opnemen van wisselende opdrachten, binnen en in wisselwerking met de diverse diensten;

     het zich integreren in deze samenleving.



  • Verwerven van een deskundigheid op één of meer domeinen, naar gelang van de interesses van de leerling en de mogelijkheden op regionale tewerkstelling.

  1. PROFIEL VAN DE LEERLING

Deze studierichting kan een antwoord zijn voor een groep leerlingen die een behoorlijke sociale intelligentie bezitten, die zich kunnen onderscheiden in sociale omgangsvormen en het leggen van relaties met andere mensen, die veel voelen voor de mensgerichte oriëntering van de studierichting.

Voor deze leerlingen zijn functies weggelegd waar ze direct in contact komen met andere mensen, bijvoorbeeld



  • in de logistieke dienst, als medewerker op de afdeling van een verzorgingsinstelling/een ziekenhuis;

  • in de voedingsdienst, als servicemedewerker bij de bediening of in een verkoopszaak.

Een andere groep leerlingen onderscheidt zich in het technisch handelen en het manipuleren van producten. Zij voelen er veel minder voor om direct met mensen om te gaan. Hun interesses liggen duidelijk in de productgerichte oriëntering van de studierichting.

Voor deze leerlingen zijn functies weggelegd waar het werken met producten de hoofdtaak is, bijvoorbeeld



  • in de voedingsdienst, als servicemedewerker in de keuken;

  • als servicemedewerker in een verblijfsinstelling of bij gelegenheidsonthaal.

Het gaat om jongeren

  • die sociaal voelend zijn en die sociale vaardigheden willen ontwikkelen;

  • die veel voelen voor hetzij de mensgerichtheid van de studierichting, hetzij zich onderscheiden in het technisch handelen en het manipuleren van producten;

  • die hun toekomstmogelijkheden zo breed mogelijk willen houden.

Consequent met de uitgangspunten van de studierichting, betekent dit dat de beginsituatie erg verscheiden is. Het betreft leerlingen van diverse afkomst, met diverse voorkennis en met een breed spectrum van begaafdheid op cognitief vlak.

  1. ALGEMENE PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN

  • De beginsituatie maakt duidelijk dat deze richting stoelt op een gedifferentieerde aanpak.

  • De taak van de respectieve leraren ligt dan ook in het daadwerkelijk begeleiden van deze leerlingen door middel van een systematische probleemoplossende aanpak: concreet, praktisch, en vertrekkende vanuit hun ervaringen.

  • Methodisch zal er vaak sprake zijn van leerling(inter)actieve methoden, groepswerk, thematisch en zo mogelijk projectonderwijs.

  • Het ligt voor de hand dat de theoretische bagage beperkt wordt tot wat noodzakelijk is om in concrete, levensechte situaties praktisch actief te zijn.
    Het levensechte en praktische karakter moet ook worden gerealiseerd via een sociale context. Groepsvorming van de leerlingen in deze studierichting moet speciaal benadrukt worden. Men mag niet vergeten dat deze richting een uitgesproken sociaal en dienstbaar karakter heeft. De leerlingen moeten allerlei sociale en groepsdynamische processen in de eigen groep ervaren en in praktijk brengen.

  • Vakkenintegratie is een van de kernpunten van de leerstofordening. Leraren moeten daarom ook zoveel mogelijk samenwerken. Het werken met projecten (niet gebonden aan lesuren) of thema's (gebonden aan lestijden) biedt een meerwaarde voor de leerlingen, zowel op leerinhoudelijk als op persoonlijk vlak. Misschien kan er overwogen worden om in elk leerjaar één project te realiseren.

  • Om leerlingen (en leraren), een concreet beeld te geven van, te introduceren in, en te motiveren voor de studierichting, de stage en de beroepswereld, loont het zeker de moeite enkele introductiedagen te voorzien bij het begin van het schooljaar (bv. tweede week, zodat de problemen van 'nog instromen' kunnen worden opgevangen). Het kan ook een introductieweek worden, naar gelang van het aantal en de omvang van de geplande initiatieven, en de betrokkenheid van het volledige lerarenkorps Organisatiehulp.
    Mogelijke initiatieven
     Bezoek brengen aan diverse instellingen, organisaties, bedrijven.
     Gastsprekers uitnodigen omtrent bijvoorbeeld
    ° verwachtingen van de werkgever omtrent vakbekwaamheden, attitudes, opvolging van regel-
    geving, beroepsgeheim ...;
    ° verwachtingen van de stagementor ...

  • Een voorstelling van de diverse vakinhouden, met kennismakingsoefeningen, bv. omtrent leren observeren en rapporteren ...

  • Verwachtingen van de school omtrent bv. opvolging van attitudes, stage ...

  • Getuigenis van leerlingen uit het tweede leerjaar 'Organisatiehulp'.

Voor bepaalde initiatieven kunnen ook ouders en PMS-mensen worden uitgenodigd.

  1. HET LEERPLAN EN HET OPVOEDINGSPROJECT

Een school wil haar leerlingen mèèr meegeven dan louter vakkennis. Haar intentieverklaring in dit verband is te vinden in het opvoedingsproject, waarin ook waardeopvoeding en christelijke duiding zijn opgenomen. Een leraar in een katholieke school heeft de taak om, waar de kans zich voordoet, naar het opvoedingsproject of een aspect daarvan te refereren. Als (mede)drager van het christelijk opvoedingsproject is hij alert voor elke kans die het school- en klasgebeuren biedt om de diepere dimensie aan te reiken. Hoe meer de leraar de leerlingen persoonlijk kent, hoe meer hij zal aanvoelen wanneer er openheid is om met de leerlingen door te stoten naar zins- en zijnsvragen.

BASISMODULE: Exploratie van eigen leefomgeving





  1   2   3   4   5   6   7


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina